Lekker kijken naar sterren op mediabeurs

Nederlandse programmamakers proberen via de televisiebeurs Natpe door te breken in Amerika. Op de eerste dag gaat de aandacht echter vooral uit naar de sterren zelf. De komende dagen hopen de NOS en HMG te oogsten.

NEW ORLEANS, 21 JAN. Twee glimmende naakte vrouwenlichamen kronkelen over elkaar heen, vanuit allerlei posities gefilmd. Het tv-scherm in de stand van de Holland Media Groep (HMG) op de televisiebeurs Natpe in New Orleans toont een scene uit het in Nederland tamelijk omstreden Veronica-programma Sex voor de Buch.

De enkele Amerikaan die langs loopt lijkt er geen aanstoot aan te nemen, als hij het beeld al opmerkt. Marion Renders, verkoopmanager van HMG, zegt dat ze het niet kan helpen dat ze juist het ranzige programma van Menno Büch de hele dag aan de Nieuwe Wereld moet tonen: “Mijn video-banden zijn nog niet gearriveerd. Dit was het enige dat ik bij me had.”

Voorlopig kiezen de bezoekers van de grootste marktplaats voor televisieprogramma's ter wereld liever voor 'Reality'. Niet heel ver weg van de Nederlandse televisiemakers drommen de grijze pakken samen bij de enorme stand van Warner Bros. Om een glimp op te vangen van Pamela Lee, voorheen Anderson, de ster uit Baywatch die haar nieuwe tv-programma komt promoten. De rij mannen die even samen met haar op de foto willen is onmetelijk.

Het is rustig in het 'Nederlandse Paviljoen'. “Dat wordt morgen wel beter”, zegt Loes Koot, manager bij NOS-Sales, de organisatie die de programma's van de Nederlandse omroepverenigingen in het buitenland probeert af te zetten. “Op de eerste dag van de beurs gaat iedereen naar de grote Hollywood-studio's die party's organiseren, lekker 'stargazen'.” Het is dit jaar voor het eerst dat er een vrij omvangrijke delegatie van Nederlandse programmamakers op de Amerikaanse beurs aanwezig is, onder begeleiding van het Ministerie van Economische Zaken dat probeert de audio-visuele sector een steuntje in de rug te geven. Onder een opvallend bord met het opschrift 'Holland Presents' hoog opgehangen in een van de zes enorme geschakelde beurshallen die ruimte bieden aan Natpe, bevindt zich het paviljoen waarmee publieke en commerciële omroep gezamenlijk een stap op de Amerikaanse markt zetten. De stand is eenvoudig ingericht: een rode tulp als logo en een grote foto van de Amsterdamse Lelygracht als decoratie.

Projectleider Annemies Broekgaarden bij de NOS vertelt bij een kopje echte Hollandse koffie en een Verkade-koekje (binnengesmokkeld want eigen eetwaren staat de beursorganisatie niet toe) dat zes jaar geleden een eerste poging is omdernomen om een eigen ontmoetingsplaats op de beurs te creëren, toen ook met John de Mol, Joop van den Ende en Harry de Winter, de grootste Nederlandse producenten. “Dat was toen niet zo'n succes. Op de eerste dag brak de Golfoorlog uit. Alle bezoekers gingen naar hun eigen station en keken CNN. De hele beurs lag plat.”

Na een bescheiden marktonderzoek concludeerde de NOS begin 1996 dat het toch misschien de moeite waard was om het nog eens te proberen: “De belangstelling is toegenomen. De Amerikaanse markt is wat meer opengegaan voor Europese producten, al blijft het een hele moeilijke markt. Je moet meerdere jaren investeren voordat je iets terug ziet van je inspanningen,” aldus Broekgaarden. De omroepen slaagden er in het ministerie van Economische Zaken te overtuigen van het belang van de aanwezigheid van Nederlandse bedrijven op de Amerikaanse beurs. Nu wordt de audio-visuele sector door EZ zelfs gezien als een 'informeel speerpunt' binnen de economie, zo laat het ministerie in Den Haag telefonisch weten. Behalve subsidies en begeleiding van het Nederlandse Paviljoen in New Orleans, waarvoor zo'n 150.000 gulden is uitgetrokken, zijn er ook fiscale maatregelen genomen en worden fondsen geworven om de filmindustrie te stimuleren. Voor New Orleans werden acht bedrijven bereid gevonden om te participeren. Behalve de publieke en de commerciële omroepen maken productie en distributiemaatschappijen als Palm Plus Produkties (animatie en infotainment), European Media Support (non-fictie), Absulutely Independent (distributeur van onder meer Zeg eens AA), NIS (film distributie), Telescreen (distributie van tekenfilms) en Bonded Services (fysieke distributie filmtapes vanuit Schiphol) deel uit van de delegatie. Alle acht hebben hun eigen hoekje op de stand.

Pagina 17: Bedrijven moeilijk aan de bak in VS

Opvallende afwezigen op het Nederlandse paviljoen zijn echter de twee grootste 'onafhankelijke' producenten in Nederland: Endemol en IDTV (voor 50 procent in handen van uitgever VNU). Harry de Winter van IDTV, wel aanwezig op de beurs, zegt dat hij zijn Amerikaanse zaken door zijn plaatselijke agent laat afhandelen. Voor Ruud Hendriks van Endemol hoeft het ook allemaal niet zo: “We zijn wel een Nederlands bedrijf maar dat doet hier helemaal niet ter zake,” aldus het lid van de raad van bestuur tijdens een ontbijt in zijn hotel in the French Quarter van New Orleans.

“We gaan echt niet in een stand onder een tulp staan. We proberen ons juist als internationaal bedrijf te presenteren. Ik zie Disney hier ook nog niet onder een Amerikaanse vlag gaan staan.” Gisteren werd bekend dat Endemol een co-produktie overeenkomst is aangegaan met Dick Clark Productions om de Soundmixshow voor de Amerikaanse markt te gaan maken. Op dit moment wordt onderhandeld met twee van de vier networks die volgens Endemol interesse hebben getoond.

Voor het overige is het voor Nederlandse producenten nog moeilijk aan de bak komen in de Verenigde Staten. De echt grote stations is duidelijk een stap te ver. Volgens Loes Koot van NOS Sales zijn de publieke omroepen die het meeste verkopen de VPRO en de EO, vanwege hun eigenzinnige produkten. Zo is de documentaire Een Schitterend Ongeluk van Wim Kayser volgens VPRO-directeur Hans Maarten van den Brink in Amerika “een grote hit”, maar dan wel bij de enkele tientalle PBS-stations, de publieke omroep die qua marktaandeel in de Verenigde Staten maar een bescheiden plaats inneemt. Koot voegt daaraan toe dat er Amerikaanse inkopers bij haar stand komen met de vraag of de nieuwe Wim Kayser al uit is. Van den Brink op zijn beurt struint in New Orleans rond, heimelijk op zoek naar een nieuwe All In The Family, terwijl hij weet dat hij die nooit zal vinden: “Het is fijn om weer eens te zien hoe het niet moet, om te ontdekken dat we in Europa in een oase leven in een wereld van rotzooi. Je kijkt naar een presentatie van Danny en Mary Osmond, en dan zie je weer volwassen mensen die zich bezighouden met het verkopen van totale nonsens.”

Interesse bestaat er ook in EO-programma's omdat die omroep veel natuur- en reisdocumentaires maakt. De themastations die speciaal op die onderwerpen gericht zijn hebben een constante stroom aan dat soort programma's nodig om hun kanalen te vullen. Een van de sporadische bezoekers vandaag is James R. Conner, vice president van IVN Entertainmen, vertegenwoordiger van Discovery Chanel en Travel Chanel die in de HMG-hoek staat, de video van Sex voor de Buch compleet negeert en op zoek is naar reisverslagen: “Nederlanders hebben een goeie smaak voor reisprogramma's. Daar hebben we wat aan in de Verenigde Staten.”

Verder is het nog vooral schipperen. Loes Koot heeft wel gemerkt dat Amerikanen op zoek zijn naar programma's in het genre van bloopers of funniest home video's, filpjes waar schattige kindertjes de meest afschuwelijke ongelukken krijgen met schommels en zo, waar dan hartelijk om gelachen wordt. Misschien een idee voor de NOS. De afdeling Sales haalt de helft van haar omzet reeds uit het afstaan van fragmenten aan buitenlandse omroepen: “Maar dat is dan meestal in reactie op gebeurtenissen waar dan specifieke fragmenten voor nodig zijn. Misschien moeten we onze enorme archieven maar eens induiken op zoek naar bloopers. Die kunnen we dan op een band gooien en kijken of er hier een markt voor is.”