De technicus mag niet op G'ds troon gaan zitten; Klonen is niet per definitie onethisch

Negentien Europese landen hebben op 12 januari in Parijs een protocol getekend dat het klonen van mensen verbiedt. Het is het eerste bindende internationale verdrag over dit onderwerp. Nederland heeft het protocol niet ondertekend.

Minister Borst pleitte vorige week voor een maatschappelijk en wetenschappelijk debat over het klonen van dieren en mensen. Het CDA heeft zich in zijn concept verkiezingsprogram van 1998 en 2002 reeds uitgesproken tegen klonen. Een van de twee opperrabbijnen van Israel, rabbi Meir Lau, zou zich aansluiten bij een verbod op klonen. Hij acht zelfs klonen van dieren in strijd met de bijbelse wet.

Het staat als een paal boven water dat overheden duidelijke ethische grenzen en normen moeten stellen betreffende nieuwe ontwikkelingen als het klonen. Gaan wij inderdaad niet met dit klonen op G'ds troon zitten? De mens lijkt steeds minder te willen overlaten aan het toeval, of wat als G'ds schepping wordt gezien. Worden wij bouwers van de Toren van Babel?

Enige maanden geleden werd ik geconsulteerd door een jong echtpaar. Tranen met tuiten. Na een huwelijk van zeven jaren bleek de man volledig onvruchtbaar. De vrouw weigerde enige vorm van kunstmatige inseminatie met sperma van een donor. Zij wilde alleen kinderen van haar eigen man. Het echtpaar had zelfs kloonexperts geraadpleegd, maar deze techniek was nog niet voldoende ontwikkeld om hen te kunnen helpen.

De katholieke ethicus McCormick wijst experimenten met het levensorigine principieel af, omdat deze wijze van omgaan met de voortplanting van de mens 'tegennatuurlijk' zou zijn. Het jodendom kent echter geen natuurwetdoctrine. De jongste medische praktijken moeten alleen aan de ethische en juridische achtergronden van de ge- en verboden van de bijbel worden getoetst. In principe staat het de mens vrij om de medische wetenschap te gebruiken om problemen in verband met de voorplanting op te lossen.

De bijbel verbiedt (Leviticus 19:19) dieren en planten te kruisen, maar klonen valt mijns inziens niet onder dat verbod. De bijbelverklaarder Nachmanides (1194-1270) stelt bij bedoelde tekst: “Hij die twee soorten ent of kruist, verandert de Schepping. Hij geeft hiermee aan dat de Schepping onvolmaakt zou zijn.” De kloonwetenschapper is er echter niet op uit de schepping te veranderen - gewenste eigenschappen wil hij alleen verbeteren of vermenigvuldigen. In de klassieke joodse bronnen wordt aangegeven dat G'd de wereld opzettelijk onvolmaakt schiep om de mens in de gelegenheid te stellen om als G'ds partner de wereld te vervolmaken. Indien klonen bij dieren gebruikt kan worden om de mens beter te kunnen genezen of helpen, moet klonen worden toegestaan.

Natuurlijk zijn er belangrijke ethische vragen. Wie zegt dat de mens het klonen niet zal misbruiken? Maar dezelfde vrees voor misbruik geldt voor alle nieuwe wetenschappelijke vondsten, zoals atoomenergie en bacteriologie. Wat dat betreft is er niets nieuws onder de zon. Klonen staat in principe los van G'ds 'Troon'. Ook als men niet kloont kan men een atheïst zijn, en ook met klonen kan men ultra-orthodox zijn. Het kinderloze echtpaar, dat klonen geaccepteerd zou hebben, wilde niets liever dan het bijbelse gebod 'Weest vruchtbaar en vermenigvuldigt u' vervullen.

Het CDA lijkt wars van maakbaarheid van de natuur, rationaliteit en beheersing van de menselijke chemie. Het CDA veroordeelt in wezen de menselijke drang om de schepping beheersbaar te maken en te perfectioneren. In de joodse wereldvisie is het meehelpen opbouwen van deze wereld een G'ddelijk gebod: “Mannelijk en vrouwelijk schiep hij ze. En G'd zegende hen en G'd zei tegen hen 'Weest vruchtbaar en vermenigvuldigt u en vervult de aarde, bedwingt haar en heerst over haar' ” (Genesis 1:27-28). Interessant is in dit vers dat de voorplanting zo dicht bij het bedwingen en beheersen van de wereld staat.

Het jodendom propageert dat de mens G'ds partner kan worden, ook in de jongste medische ontwikkelingen. G'd beperkt Zichzelf als het ware om de mens ruimte te bieden om zijn capaciteiten te ontplooien. Griekendom en jodendom hebben zeer uiteenlopende tradities wanneer wij de vraag aan de orde stellen hoe de mens aan vuur kwam, hét element dat garant staat voor iedere (technische) vooruitgang. Volgens de Griekse mythen wilden de goden deze gave niet afstaan aan de mens. Prometheus moest dit stelen en boette hiervoor zwaar. Uit vrije wil hadden de 'machthebbers' het vuur nooit afgestaan. De mens mocht niet meer zijn dan een marionet van de goden.

De joodse traditie leert ons dat G'd Adam direct na de verdrijving uit het paradijs - op zaterdagavond om precies te zijn - het vuur overhandigde en hem zelfs toonde hoe hij dit gebruiken moest. De bijbel propageert dus ontwikkeling en vooruitgang, zij het met duidelijke morele grenzen.

Grensverleggende wetenschappelijke ontwikkelingen brengen de gemoederen regelmatig in beroering. G'd heeft de mens de mogelijkheden meegegeven om de wereld als G'ds partner te vervolmaken. Horen klonen en genentechniek hier niet bij? De medische technicus die meent het recht te hebben op G'ds troon te gaan zitten, is verkeerd bezig. Maar in de - al dan niet begeleide of geperfectioneerde - groei van de natuur ziet men de grootheid van de Schepper, reden temeer om te buigen voor Zijn troon.