Voorrang voor zieke werknemers in zorg

DEN HAAG, 20 JAN. De vakbeweging is het met de werkgevers eens dat zieke werknemers onder bepaalde voorwaarden met voorrang in het ziekenhuis moeten worden behandeld. Dit is nodig omdat de gezondheidszorg in de afgelopen jaren weinig heeft gedaan om de lange wachttijden voor diagnose en therapie te verkorten.

De Stichting van de Arbeid, waarin organisaties van werkgevers en werknemers samenwerken, heeft dit gisteren de Tweede Kamer geschreven. In de brief pleit de Stichting voor langere bedrijfstijden van ziekenhuizen en instellingen voor geestelijke gezondheidszorg. Zij moeten ook in de avonduren en gedurende het weekeinde open zijn. Van die ruimere openstelling hebben ook patiënten zonder betaalde baan, “direct of indirect voordeel”, aldus de Stichting.

In de brief schrijft de Stichting dat een betere organisatie van de zorg een snelle terugkeer van zieke werknemers bevordert. Terwijl werkgevers steeds meer verantwoordelijkheden, onder meer op het gebied van preventie en snelle terugkeer, op hun bord krijgen en daarvoor ook financieel aansprakelijk zijn, is daar in de gezondheidszorg nauwelijks aandacht voor. Zo wijst de Stichting er op dat de communicatie en samenwerking tussen de bedrijfsarts, die verantwoordelijk is voor de sociaal-medische begeleiding, en de behandelende artsen (huisartsen en medisch-specialisten) veel te wensen overlaat. Bovendien is het volgens de Stichting onjuist dat de meeste behandelende artsen niet aangeven of en wanneer de patiënt weer aan het werk kan.

Zo lang binnen de sector de wachttijden niet tot een aanvaardbare lengte zijn verkort, zijn wachtlijst-omzeilende initiatieven, zoals bedrijvenpoli's, noodzakelijk, meent de stichting.

Het gevaar op tweedeling in de zorg kan worden bezworen als gelijkertijd wordt gewerkt aan een structurele oplossing van de wachttijden.