Ontbreken van 'leiderschap' voedt wantrouwen in Hongkong

Tot afgelopen weekeinde konden kiezers in Hongkong zich laten registreren voor de verkiezingen voor een Wetgevende Raad. De belangstelling was relatief gering. Gevolg van het gebrek aan daadkracht dat de huidige leiding van Hongkong etaleert, meent oppositie-politicus Martin Lee.

HONGKONG, 20 JAN. Het bestuur van Hongkong is niet opgewassen tegen de crises waarmee de voormalige Britse kroonkolonie momenteel wordt geconfronteerd. Er is “een gebrek aan leiderschap”, oordeelt oppositie-politicus Martin Lee, de voorzitter van de Demokratische Partij in Hongkong.

Voor Martin Lee is het dan ook geen verrassing dat relatief weinig nieuwe kiezers zich hebben laten registeren voor deelneming aan de verkiezingen in mei voor de nieuwe Wetgevende Raad van Hongkong. Het gebrek aan daadkracht dat het huidige interim-parlement, de voorlopige wetgevende raad, tentoonspreidt heeft er volgens hem toe geleid dat het vertrouwen in de politiek thans minder is dan vlak voor de overdracht van Hongkong aan China op 1 juli vorig jaar. “Ten tijde van crises verwacht men doortastend optreden van degenen die zeggen het volk te vertegenwoordigen. Tot dusver is daar weinig van gebleken.”

De afgelopen maanden hebben de Hongkong Chinezen het nodige aan hun hoofd gehad. Sinds ook Hongkong is geïnfecteerd met de economische crisis die door Azië waart, zijn de beurskoersen dramatisch gedaald en is de onroerendgoedsector, een van de pijlers van de Hongkongse economie, een flinke klap toegediend. Voor het eerst sinds lange tijd kampt Hongkong met een bescheiden, maar zorgelijk toeneming van het aantal werklozen. En alsof de ellende niet genoeg was, werden de 6,2 miljoen inwoners de afgelopen weken ook nog eens in de ban gehouden door de kippengriep: een dodelijk virus dat vijf mensen het leven heeft gekost en de slachting betekenden van alle kippen in de regio.

Het bestuur van Hongkong heeft herhaaldelijk gezegd dat het alles onder controle heeft en dat geen reden bestaat tot ongerustheid. Maar menigeen klaagt dat het leiderschap geen besef heeft wat de bevolking in Hongkong werkelijk bezighoudt. Het recente voornemen van de voorlopige wetgevende raad de restricties ten aanzien van de import van arbeid uit China op te heffen, bewijst volgens partijleider Lee de ongevoeligheid van de wetgevende raad. “Op een moment als dit, wanneer velen zorgen hebben over het behoud van hun baan, overweegt chief executive Tung Chee-hwa goedkope arbeid toe te laten tot Hongkong! Dat is toch bespottelijk.”

Volgens Lee heeft het bestuur bovendien niet te bepalen “wie moet leiden onder de crisis”, omdat het geen legale bestaansgronden heeft. De voorlopige wetgevende raad, aangewezen door een door Peking samengesteld kiescollege, werd op 1 juli geïnstalleerd en zal aanblijven tot de verkiezingen in mei. “Zij vertegenwoordigt een pro-Chinese zakenelite. Vandaar dat het intern veel steun krijgt voor het voorstel ten aanzien van de import van goedkope arbeid uit China.”

Elizabeth Tang, zakelijk leidster van de Hongkongse confederatie van vakbonden, heeft de afgelopen weken campagne gevoerd tegen het voorstel van de wetgevende raad. “Niemand begrijpt de zin van zo'n voorstel. Hier ontbreekt alle gevoel van tact”, zegt ze. Het raadslid dat onlangs tijdens een werkbezoek aan één van Hongkongs talloze sociale woningbouwprojecten ongeruste arbeiders het advies gaf hun spaargeld om te zetten in waardevaste hypotheekleningen in Amerikaanse dollars, breekt wat Tang betreft alle records. “Woont die man op de maan? Banken geven alleen dergelijke hypotheken wanneer iemand een inkomen verdient dat wordt uitgekeerd in Amerikaanse dollars. Hoeveel arbeiders in Hongkong voldoen aan die eis?”

Ook de aanpak van de kippengriep spreekt boekdelen volgens Tang. Het bestuur van de Speciale Administratieve Regio, zoals Hongkong formeel heet, kwam zwaar onder vuur te liggen, omdat het de bevolking te laat zou hebben gewezen op de gevaren van het eten van kippevlees. Eén week voordat de wetgevende raad de slachting van alle 1,6 miljoen kippen in de regio beval, beweerden verantwoordelijke politici dat het eten van kippenvlees ongevaarlijk zou zijn. “Als over dergelijk belangrijke zaken binnen een week diametraal tegenover elkaar staande uitspraken worden gedaan, hoeveel waarde moet het volk dan hechten aan de adviezen van de raad?”

De wetgevende raad zelf en vrijwel de gehele zakenwereld in Hongkong spreken andere taal. De politiek manager van Hongkong, chief executive Tung Chee-hwa, erkende afgelopen week weliswaar dat “de (economische) storm nog niet over is gewaaid”, maar onderschreef onmiddelijk de woorden van zijn zaakgelastigde voor Financiën, Donald Tsang Yam-kuen, die keer op keer heeft verklaard dat de Hongkongse economie “robuust en krachtig” is en wel een stootje kan verdragen. Bovendien zou de situatie na de verkiezing van de nieuwe wetgevende raad in mei enkel kunnen verbeteren. Het argument dat de afgelopen weken veelvuldig viel te beluisteren, is dat de bevolking van Hongkong dan voor het eerst de kans krijgt eigen leiders te kiezen.

Maar oppositieleden, onder wie Martin Lee, die tot degenen behoort die vorig jaar hun raadszetel moesten afstaan aan de indirect door Peking aangewezen leden van de voorlopige wetgevende raad, zeggen dat ook na de verkiezingen geen sprake zal zijn van “Het volk van Hongkong dat Hongkong regeert” - de slogan die de regering hanteert. “De uitkomst is bekend”, zegt Lee. “Die is feitelijk al uitgemaakt door het huidige bestuur toen zij kieswetten die tijdens de laatste jaren van het koloniaal bewind werden ingevoerd, hebben afgeschaft of veranderd.”

Dertig van de zestig zetels zijn toegewezen aan kieskringen die verschillende beroepsgroepen vertegenwoordigen. Maar anders dan voor de overdracht, toen iedereen binnen een beroepsgroep mocht stemmen, hebben alleen bestuursleden of managers stemrecht. Het electoraat binnen die kieskringen is derhalve dramatisch verminderd van 2,7 miljoen kiesgerechtigden tijdens de verkiezingen in 1995, tot een maximum van 180.000 mensen dit jaar. Voorts worden tien zetels bepaald door een kiescollege van achthonderd man. De laatste twintig zetels zijn open voor vrije verkiezing door de rest van het electoraat dat bestaat uit zo'n 2,7 miljoen mensen.

Binnen die 'geografische kiesdistricten' moet de Democratische Partij stemmen zien te winnen. Maar aangezien de voorlopige wetgevende raad ook daar de regels heeft veranderd, is het kiesstelsel nu dermate “ingewikkeld en onoverzichtelijk” geworden, dat het electoraat volgens Lee “compleet de behoefte heeft verloren om te stemmen.” Vandaar dat na sluiting van de kiesregistratie afgelopen weekeinde, de regering van Hongkong slechts een toeneming van 290. 000 nieuwe kiezers kon melden. Samen met diegene die zich in 1995 al hadden geregistreerd, blijkt dat goed te zijn voor zeventig procent van het electoraat.

“De Hongkongse zakenwereld klopt zichzelf op de borst en verzucht dat het er ondanks de crisis zoveel beter aan toe is dan in Zuid-Korea”, zegt Lee. “Maar zij vergeten dat alleen wanneer de politieke structuur volledig doorzichtig is en politici ter verantwoording kunnen worden geroepen, een proces waaraan in Zuid-Korea serieus wordt gewerkt, de economie op de lange termijn is gewaarborgd. Daarom staat Zuid-Korea er fundamenteel beter voor dan Hongkong.”