EU-trojka 'zonder oordeel' in Algiers

ALGIERS, 20 JAN. Een delegatie van de Europese Unie is gisteren in Algerije gearriveerd voor een bezoek dat Europa ziet als eerste stap om de aanhoudende moordpartijen onder burgers te helpen beëindigen en dat de Algerijnse overheid wil gebruiken om harde actie tegen 'terreurnetwerken' in Europa af te dwingen.

De EU-'trojka', die bestaat uit onderministers van Buitenlandse Zaken van Luxemburg, Groot-Brittannië en Oostenrijk, onderstreepte bij aankomst niet van plan te zijn op enigerlei wijze te interveniëren in Algerijnse aangelegenheden. De Algerijnse regering heeft bij herhaling laten weten niet te zijn gediend van buitenlandse bemoeienis, bijvoorbeeld in de vorm van een internationaal onderzoek, met de recente golf van moordpartijen in Algerijnse dorpen.

“We zijn gekomen zonder oordelen, of vooraf ingegeven ideeën”, zei de Britse delegatieleider, Derek Fatchett. “We zijn gekomen om te zeggen dat Europa zich diepgaand zorgen maakt over het lijden van het Algerijnse volk.” Hij zei dat de delegatie van plan was een dialoog op gang te brengen en te kijken of Europa een constructieve rol kan spelen om de situatie te verbeteren.

Volgens Algiers ontvangen moslimextremisten van met name de Gewapende Islamitische Groep (GIA) voor hun bloedbaden steun van geestverwanten in diverse Europese landen die vrijwel ongestoord kunnen opereren. De enige hulp die Europa kan bieden, aldus Algiers, is extremistische cellen te ontmantelen.

De trojka spreekt vandaag met vertegenwoordigers van de regering. Voorts staan ontmoetingen met de legale oppositie - en dus niet met het verboden, fundamentalistische Front van Islamitische Redding (FIS) - en met hoofdredacteuren van kranten op het programma. Vanavond vertrekt de delegatie weer.

In een nieuwe reeks aan moslim-extremisten toegeschreven gruwelijkheden werden volgens onafhankelijke kranten gisteren weer meer dan 30 mensen vermoord of dood teruggevonden. “De GIA ontvangt de trojka met 33 slachtoffers”, zo kopte de krant El-Khabar. (Reuters, AFP, AP)