...MAAR HET KAN WEL RAAR ROLLEN...

Dat een minister van Buitenlandse Zaken meer verdient dan de premier is het gevolg van een hogere onkostenvergoeding, die De Zwart in haar berekening meeneemt. De bewindsman van Buitenlandse Zaken wordt geacht hogere kosten te maken voor representatie en reizen, dus het is wel de vraag of hier van inkomsten kan worden gesproken.

Anders ligt het bij Kamerleden. Die krijgen naast een kilometervergoeding of een OV-jaarkaart eerste klas (naar keuze), ook nog aparte vergoedingen voor woon-werkverkeer, voor andere reizen en voor de kosten van hun verblijf in Den Haag. De bedragen: wie meer dan 20 kilometer van het Binnenhof woont krijgt voor woonwerk-verkeer 3.240 gulden per jaar. Voor ander verkeer, naar spreekbeurten en partijvergaderingen bijvoorbeeld, wordt nog eens 12.000 gulden per jaar overgemaakt. Dit bedrag is de uitkomst van het hoogste tarief dat voor ambtenaren geldt, toegepast op een geschatte 20.000 kilometer per jaar. De vergoeding van de verblijfskosten is net als die voor woonwerkverkeer afhankelijk van de afstand van de vaste woonplaats tot het Binnenhof. Wie in Den Haag zelf woont ontvangt jaarlijks 8.520, wie meer dan 150 kilometer weg woont krijgt 12.754 gulden. Daarbovenop komen nog de bedragen die met nevenfuncties worden verdiend, zij het dat die inkomsten wel met de officiële schadeloosstelling, zoals het inkomen van Kamerleden heet, moeten worden verrekend.

Lastiger te berekenen zijn de inkomsten uit het “zakendoen in de politiek”, zoals De Zwart dat noemt. Het Kamerlid Henk Vos, net parlementariër af, droeg een broekriem van de KLM, een stropdas van de landmacht en had nog vierhonderd andere gekregen stropdassen in voorraad. Vos was als voorzitter van de commissie voor Economische Zaken een veelgezocht man voor lobbyisten. Maar in Nederland blijven, voorzover bekend, de materiële aspecten van het lobbywerk beperkt. Voor het gemiddelde Kamerlid begint het parlementaire seizoen met de najaarsborrel van zelfstandig adviseur in public affairs Ben Pauw en eindigt het met de barbecue van het Productschap voor Vee en Vlees, en dat is het dan.

Ten slotte zijn er nog de inkomsten uit onverwachte en onverdachte hoek. Zo kreeg het VVD-Kamerlid Weisglas eind december zomaar 250 gulden 'kerstgratificatie' op zijn bankrekening gestort. Nu geldt Weisglas als de kampioen nevenfuncties - in 1996 had hij er zeventien - maar die zijn allemaal onbezoldigd. De 250 gulden bleek afkomstig van het ministerie van Buitenlandse Zaken, waar de buitenlandwoordvoerder van de VVD formeel nog in dienst is. Net als andere voormalige ambtenaren in de Kamer kan hij na zijn periode als volksvertegenwoordiger terugkeren naar zijn oude werkgever en is hij voor zijn ministerie officieel slechts op 'non-actief'. Hij ontvangt loonstroken met het bedrag nul gulden.

Ook CDA-leider De Hoop Scheffer en D66-Kamerlid Hoekema bleken als oud-ambtenaren van BZ de 250 gulden te hebben gekregen. Weisglas belde een oude bekende op het ministerie en die vertelde hem dat de ongewone kerstgratificatie bedoeld was als dank voor de steun die het personeel aan het Nederlands voorzitterschap van de Europese Unie heeft gegeven. Tja, de Tweede Kamer heeft het voorzitterschap ook gesteund, redeneerden de drie parlementariërs. Ze hebben afgesproken er gedrieën eens lekker van te gaan eten.