Kramnik komt adem te kort na sterke zege

WIJK AAN ZEE, 19 JAN. Een kort telefoontje in de perskamer en nog even een vluchtige blik op de andere borden in de speelzaal. Dat was het enige oponthoud dat Vladimir Kramnik zich permitteerde nadat hij ook zijn derde partij in het Hoogovens Schaaktoernooi met harde hand tot winst had gevoerd.

Zo snel als zijn benen hem konden dragen verliet de boomlange Rus Dorpshuis De Moriaan en zoog met gespeelde pathos zijn longen vol met frisse buitenlucht. Drie uit drie had hij inmiddels, maar dat wilde nog niet zeggen dat hij nu het idee had dat de eindoverwinning in zicht was. Benauwd had hij het gehad en hij vroeg zich hardop af of de warmte op het podium hem niet zou opbreken als hij een lange partij zou moeten spelen.

Kramniks klacht over gebrek aan zuurstof kon worden uitgelegd als voorspelbaar gezeur van een schaker die een maand en drie dagen met roken is gestopt, maar dat zou hem onrecht doen. Ook al zou hij er niet van opkijken. Sinds hij oprukte naar de tweede plaats op de wereldranglijst merkt Kramnik steeds vaker dat er voor hem wordt gedacht. “Je houdt het niet voor mogelijk welke roddels en geruchten ik de laatste tijd over mezelf hoor. Zo worden de meest fantastische theoriën bedacht waarom ik niet in het knock-out WK speelde. Bijvoordbeeld dat ik al een match met Kasparov had geregeld. Zo berekenend ben ik helemaal niet. De enige reden was dat ik vond dat het voordeel voor Karpov te groot was. En dat is ook gebleken.”

Het misverstand dat hij in Wijk aan Zee na drie verpletterende zeges vreest, is dat iedereen gaat denken dat hij zich een maand in alle rust heeft voorbereid om hier eens goed uit te halen. Terwijl hij die maand juist voornamelijk ziek in bed lag. “Ik voel me helemaal niet zo sterk en heb geen flauw idee hoe lang dit goed zal gaan.” Eigenlijk overvalt het hem dat hij zo gemakkelijk speelt. “Meestal speel ik van die lange verantwoorde partijen, maar nu speel ik ineens als Anand, wanneer die in vorm is. De opening loopt als vanzelf en voordat ik het weet maakt mijn tegenstander een flinke fout.”

Kramnik won zijn weekendpartijen binnen dertig zetten. Friso Nijboer was de eerste die mocht ervaren hoe fenomenaal het openingsinzicht van de 22-jarige Moskoviet is. In de populairste variant van Nijboers geliefde Konings-Indisch kwam Kramnik met een nieuw idee dat de Amsterdammer behoorlijk in verwarring bracht. Binnen de kortste keren verloor hij het vertrouwen in zijn stelling met als onvermijdelijk gevolg dat de witte aanval wel heel erg snel winnend bleek.

Een dag later versloeg Kramnik met zwart Michael Adams zoals de Engelsman al heel lang niet meer verslagen is. In een vrij gangbare stelling kwam Kramnik met een concept dat hij twee jaar geleden diepgaand bestudeerd had. Adams had niet veel tijd nodig om te beseffen dat hij zijn neus in een wespennest had gestoken, maar slaagde er niet in om over te schakelen op een moeizame verdediging. Op de 22ste zet kon Kramnik al beslissend toeslaan.

Kramnik vond dat de onverwacht snelle instorting van Adams andermaal bewees wat het verschil is tussen de absolute top en een erg sterke grootmeester. “Zoiets zou Topalov of Anand niet overkomen. Die zouden zich in zo'n stelling vastbijten.” Profetisch voegde hij eraan toe: “Salov heeft dat de laatste tijd ook, dat hij ineens instort.” Want weinig later bezweek Salov onder de lastige maar zeker niet onweerstaanbare dreigingen waarmee een vlot spelende Anand hem met zwart voortdurend bestookt had. Anand nestelde zich daarmee op de tweede plaats, een half punt achter Kramnik. Ook hij won allebei zijn partijen dit weekend. Zijn eerste overwinning was een cadeautje van Loek van Wely die met één enkele sofzet zijn stelling ruïneerde.

De vijf Nederlandse grootmeesters hebben nog weinig potten kunnen breken. Jan Timman en Friso Nijboer doen het nog het best. Met een vijftig procent score bezetten ze een plaats in de brede middenmoot, waar ook FIDE-wereldkampioen Anatoli Karpov zich na drie remises bevindt. Timman mocht zaterdag zijn handen dichtknijpen dat Veselin Topalov verzuimde een glad gewonnen stelling te verzilveren. Een dag later compenseerde Timman deze meevaller. Een veelbelovende stand tegen Judit Polgar bleek net geen winst te bevatten.

Friso Nijboer is voorlopig de enige Nederlander met een winstpartij achter zijn naam. Nijboer gaf zelf grif toe dat hij dat punt niet helemaal op eigen kracht had verkregen. Een sterk openingsplan van Jeroen Piket kostte hem zeeën van tijd. De minuten van Nijboer tikten in grote brokken weg en bovendien stond hij ook nog eens beroerd. Uiteindelijk kwam zijn traditionele tijdnood hem goed van pas. Met een half oog op zijn grote tijdsvoorsprong verloor Piket de objectiviteit uit het oog. Eerst verspeelde hij zijn voordeel en daarna zijn kansen om nog remise te maken.

Nijboers slotspel was een mooi staaltje van koel calculeren. Met nog 50 seconden op zijn klok vond hij vijf zetten voor de tijdcontrole een winnende combinatie. Hij trok nog eens 25 seconden uit om na te rekenen of hij alles goed gezien had en voerde toen de zet uit die Piket tot overgave dwong.