Huiveren in de 'donkere driehoek'

Nu de ijzel in Canada plaatsmaakt voor bittere vorst, zit nog altijd een kwart miljoen mensen in de 'donkere driehoek' bij Montréal zonder elektriciteit. Velen blijven nog een week lang van stroom verstoken.

ST. JEAN-SUR-RICHELIEU, 19 JAN. “Open als de lichten knipperen”, staat op een bord van een inspectiestation voor vrachtwagens, langs snelweg 35 in de Canadese deelstaat Québec. Maar de lichten knipperen niet, en ook de verlichting boven de weg bij binnenkomst van het stadje St.Jean-sur-Richelieu is uit. Op koplampen van auto's na is het donker in St.Jean. Aardedonker.

Het besneeuwde St. Jean-sur-Richelieu doet aan het einde van de middag denken aan een spookstad. De avond is al gevallen, maar bijna geen van de ramen is verlicht. De enige tekenen van leven zijn hier en daar een rokende schoorsteen en de gele zwaailichten van de reparatiewagens van het elektriciteitsbedrijf op bijna elke straathoek. In Rue Richelieu, de hoofdstraat van het stadje van ruim 40.000 inwoners, is slechts één restaurant open: een pizzeria die beschikt over een eigen generator.

St. Jean ligt in het gebied direct ten zuidoosten van Montréal, dat in Canada momenteel bekend staat als de 'donkere driehoek'. Het elektriciteitsnet in de regio werd deze maand zwaar gehavend door langdurige ijsregen. Hoogspanningsmasten bezweken onder het gewicht van een niets-ontziende aanwas ijzel van ongeveer zes centimeter dik. Bomen en takken namen in hun val elektrische bedrading mee. Miljoenen mensen kwamen zonder stroom te zitten, en daarmee zonder hun elektrische verwarming.

Dit weekeinde zaten in de 'donkere driehoek' nog ruim een kwart miljoen huishoudens zonder stroom. Het elektriciteitsbedrijf Hydro Québec heeft alle zeilen bijgezet om de schade te repareren, maar St. Jean en omgeving moeten het volgens Hydro nog een week zonder elektriciteit stellen. En dat terwijl de temperatuur er schommelt rond min tien graden Celcius.

“De situatie is tamelijk gespannen,” zegt Jacques Vandry uit St. Jean. ,We zitten met onze familie langzamerhand een beetje te dicht op elkaar.” Twaalf dagen geleden gingen bij Vandry thuis de lichten uit. Twee nachten hielden hij en zijn gezin het uit in een snel afkoelend huis; sindsdien logeren ze bij zijn schoonzus, die een open haard heeft. Met z'n negenen kamperen ze op de grond, in slaapzakken rond de open haard. De fondue werd tevoorschijn gehaald en Vandry sloeg voor tientallen dollars aan kaarsen in. 's Nachts moet bij toerbeurt door iemand hout aan het vuur worden toegevoegd.

“Voor een paar dagen ging het wel”, zegt Vandry. “Maar na een dag of drie begon het op ieders zenuwen te werken. De kinderen gaan niet naar school en zijn nogal hyper. Niemand heeft in dagen gedoucht en iedereen wordt moe en prikkelbaar.” Gekleed in zijn winterjas probeert Vandry water op te warmen voor een kop oploskoffie, een tijdrovende taak. “De open haard is niet echt genoeg om het huis warm te houden”, zegt hij.

Toch is Vandry goed te spreken over de reactie van de autoriteiten op de ijzelramp. Binnen een paar dagen nadat de elektriciteitscrisis begon, was de plaatselijke hulpoperatie op volle gang, vertelt hij. Bij het gemeentehuis wordt dagelijks brandhout uitgedeeld, al snel een schaars goed in het getroffen gebied. Bij een auto-wasstraat zijn warme douches opengesteld. Scholen zijn veranderd in opvangcentra met eten en kampeerbedden. Bovendien heeft de regering in Ottawa het Canadese leger ingezet om omgevallen bomen en elektriciteitsmasten te ruimen en langs de deuren te gaan om te kijken hoe bewoners eraan toe zijn.

“Iedereen is heel behulpzaam”, aldus Vandry, die zelf donderdag soldaten over de vloer kreeg. Ze inspecteerden de warmtebron en controleerden dat niemand in gevaar was van onderkoeling. Vandry's eigen huis is inmiddels onbewoonbaar; het is er zo koud dat je er je adem kunt zien.

Premier Lucien Bouchard van Québec bezocht dit weekeinde de 'donkere driehoek' en prees de bewoners voor hun geduld. “Er bestaat een bewonderenswaardige acceptatie dat er voorlopig nog op stroom moet worden gewacht”, zei hij. Bouchard verklaarde duizenden generatoren te willen aanschaffen. Die moeten over Québec worden verspreid, “om nog sneller te kunnen reageren als een ramp van deze schaal zich opnieuw voordoet”.

De lijdensweg van de 'donkere driehoek' is nog niet ten einde. Dit weekeinde werden twee ouderen gevonden die in hun woningen waren doodgevroren. En gisteren liepen zes mensen brandwonden op toen hun boerderij in vlammen opging wegens een defect in een generator. Het totale dodental in Canada als gevolg van de ijsstorm bedraagt inmiddels 24. In een ziekenhuis in het getroffen gebied is een griepepidemie uitgebroken. En agrarische bedrijven in de regio zitten met enorme schadeposten.

Jacques Vandry probeert het van een positieve kant te blijven bekijken. “Klagen heeft geen zin”, zegt hij. “Ik zie het als een ervaring waarover ik later mijn kleinkinderen zal kunnen vertellen.” En schreef de nationalistische dichter Gilles Vignealte in de jaren zestig over het overwegend Franstalige Québec immers niet een in Canada beroemde versregel? Mon pays, ce n'est pas un pays, c'est l'hiver (mijn land is geen land, het is de winter).