Interpretaties verschillen; Uitspraak WTO voedt ruzie met VS

ROTTERDAM, 17 JAN. De kans op een serieuze handelsoorlog tussen de EU en de VS wordt steeds groter, na de uitspraak van gisteren door de Wereld Handelsorganisatie (WTO) over de import van Amerikaans hormoonvlees.

De WTO oordeelde gisteren formeel dat er geen rechtsgrond bestaat voor de EU-boycot van met hormonen behandeld rundvlees. Een apart beroepscollege van de WTO in Genève bracht gisteren een 104 pagina's tellend rapport naar buiten waarin staat dat de negen jaar geleden ingestelde boycot op geen enkel wetenschappelijk bewijs stoelt, waaruit blijkt dat consumptie van dat vlees schadelijk is voor de consument. De Europese Commissie heeft gisteren in antwoord daarop meteen laten weten naar nieuwe bewijsvoering te zullen zoeken. Hoewel tegen de laatste uitspraak van de WTO geen beroep meer mogelijk is, levert de aangekondigde stap van de Commissie wel weer minimaal een jaar tijdwinst op. Volgens Amerikaanse vleesexporteurs vormen de gesloten Europese grenzen voor hun jaarlijks een verliespost van ten minste 250 miljoen dollar.

De Amerikaanse autoriteiten houden intussen vol dat de zes verschillende groeihormonen waarmee negentig procent van de veestapel wordt groot gebracht geen enkel gevaar voor de volksgezondheid opleveren. De Europese grenzen zouden voor het Amerikaanse vlees dan ook met onmiddellijke ingang moeten worden geopend. “Er is geen enkele reden nu nog langer te treuzelen,” aldus de permanente vertegenwoordiger van de VS bij de WTO, Rita Hayes.

De Europese vertegenwoordigers stellen daar nu echter tegenover dat de door hun aangeleverde studies inderdaad niet exact waren gericht op de vraag of hormoonresiduen schadelijk zijn, maar dat zij bij hun beleid blijven.

Brussel leest ook volstrekt andere conclusies uit het WTO-rapport dan de Amerikanen, blijkens een vanmiddag door de Commissie uitgegeven verklaring, die stelt dat “de uitspraak een overwinning is voor de Europese consument met wiens terechte zorgen omtrent zijn gezondheid nadrukkelijk rekening is gehouden.”

Die conclusie is ook mogelijk, want aan het afwijzend oordeel voegt de WTO toe, dat “verantwoordelijke en representatieve regeringen naar eigen inzicht mogen handelen op grond van uiteenlopende wetenschappelijke bevindingen door gekwalificeerde en gerespecteerde experts.” Daarnaast voelt de Europese Commissie zich in haar argumentatie jegens Washington gesteund door de toevoeging van de WTO, die stelt “er van overtuigd te zijn dat de boycot niets met een handelsbarrière van doen heeft.”

Op verzoek van Europees commissaris Fischler (landbouw) is de uitspraak van de WTO op de agenda gezet van de raad van ministers van landbouw, die begin volgende week in Brussel bijeen komt. Fischler wijst er op dat de uitspraak van de beroepscommissie van de WTO 'definitief en bindend' is. Minister Van Aartsen (Landbouw en Visserij) verwacht dat het zo kort na de uitspraak bij een 'voorlopige analyse' van de Commissaris zal blijven. Volgens Van Aartsen zijn nu twee oplossingen mogelijk. Europa wijzigt het beleid en opent de grenzen of zij compenseert de door de VS geleden schade. Als geen van beide mogelijk blijkt zal de VS goedkeuring vragen aan de WTO om maatregelen tegen Europese producten te nemen.