'In strijd met wereldlijke grondwet'; Turks hof ontbindt Welvaartspartij

ANKARA, 17 JAN. Het constitutionele hof in Ankara heeft gisteren de moslim-fundamentalistische Welvaartspartij - de grootste Turkse partij - ontbonden. Partijleider Erbakan en vijf kaderleden mogen vijf jaar geen politiek bedrijven.

De Welvaartspartij is een “locomotief voor antiseculiere activiteiten in het land”, aldus het hof. Volgens het hof handelt de partij in strijd met het wereldlijke karakter van Turkije, dat in de grondwet is verankerd. Het is voor de derde keer in de politieke carrière van Erbakan (71) dat een door hem geleide islamitische partij wordt opgeheven en hij uit de politiek wordt verbannen. De hoca (professor), zoals zijn aanhangers hem noemen, zei in een reactie de beslissing van het hof te eerbiedigen, ook al is het een foute beslissing. “We komen sterker dan voorheen terug”, voorspelde Erbakan. Hij waarschuwde zijn achterban zich niet in te laten met provocateurs, die wellicht de vastenmaand die nu aan de gang is, willen aangrijpen voor illegale acties. Hij kondigde aan de uitspraak van het hof voor te leggen aan het Europese Hof voor de Rechten van de Mens.

Washington en de Europese Unie reageerden gisteren bezorgd.

De Welvaartspartij is met 21,3 procent de grootste politieke partij in Turkije. De actie om de partij op te heffen begon vorig jaar februari. De legerstaf, traditioneel de beschermer van het wereldlijke karakter van Turkije, zegde premier Erbakan in een decreet van 18 punten de wacht aan. Na een regeerperiode van bijna een jaar, en na maanden van verzet tegen de machtspositie van de militairen, gooide de eerste islamitische premier van Turkije in de zomer de handdoek in de ring. De regering werd overgenomen door een gelegenheidscoalitie van liberalen, conservatieven en sociaal-democraten, die zegt de polarisatie tussen secularisten en aanhangers van de politieke islam tot staan te hebben gebracht.

De ontbinding van de Welvaartspartij heeft voorlopig geen gevolgen voor de zetelverdeling in het parlement. Met uitzondering van de zes afgevaardigden die vijf jaar geen actieve rol in de politiek mogen spelen, zijn de andere 152 islamitische parlementariërs nu onafhankelijk. Erbakan streeft naar een nieuwe islamitische partij, met aan het hoofd slechts een waarnemer die door hem wordt gecontroleerd. De jongere, minder radicale garde opteert voor vernieuwing.

De indruk is dat de ontbinding van de Welvaartspartij de eerste stap is van de seculiere meerderheid om de politieke islam aan banden te leggen. Volgens hen bestaat al sinds 1991 een vacuüm in de wet. Toen werd een artikel uit het wetboek van strafrecht geschrapt dat elke relatie tussen politiek en islam uitsloot.