Van den Ende laat musicals minder door het land reizen

AALSMEER, 16 JAN. De grote reismusicals van producent Joop van den Ende maken voortaan geen tournee meer langs alle theaters van Nederland, aldus een woordvoerder van de onderneming. Het reizen wordt beperkt tot een zogenaamde Nationale Tour in de tien grootste theaters.

De voorstellingen blijven langer dan tot dusver staan in hetzelfde theater - minimaal twee weken. De eerste productie die komend najaar zo'n tournee maakt, is een nieuwe Nederlandse versie van de musical Anatevka. De grote reismusicals van Van den Ende, als West Side Story, Evita en My fair lady, waren tot dusver te zien in circa 35 theaters.

De kosten van opbouwen en afbreken van decor en techniek bedroegen per productie één tot anderhalf miljoen gulden. Daardoor was het voor zulke voorstellingen vrijwel onmogelijk quitte spelen; meestal moest het bedrijf, ondanks gunstige bezoekcijfers, enkele tonnen bijpassen.

Ook de kleinere theaters leden er verlies op; zij moesten de producent zo veel betalen om zo'n voorstelling in huis te halen dat dat bedrag niet meer kon worden terugverdiend uit de kaartverkoop.

Met de tien theaters die wegens hun omvang in aanmerking komen voor de Nationale Tour, is een overeenkomst voor drie jaar gesloten. Elk jaar strijkt daar op een vaste datum een Van den Ende-musical neer, die ook weer op een vaste datum vertrekt.

Elk van die musicals gaat, drie jaar achtereen, op 20 september in première in theater Carré in Amsterdam. De andere negen theaters staan in Rotterdam (Luxor), Den Haag (Congresgebouw), Leeuwarden, Utrecht, Breda, Eindhoven, Maastricht en Nijmegen en Den Bosch. Met een elfde, in Enschede, wordt nog gesproken.

Ed Burgers, directeur van Joop van den Ende Theaterprodukties, zegt dat de verliezen de laatste jaren konden worden bijgepast uit de kassuccessen The Phantom of the Opera en Miss Saigon in het Circustheater in Scheveningen, die veel te groots werden opgezet om op reis te gaan.

Binnen de Endemol-organisatie is aan deze interne subsidiëring echter een eind gemaakt. “Alleen al het feit dat we aan de beurs genoteerd zijn, betekent dat we zakelijker moeten worden”, aldus Burgers.

“De production value van de voorstellingen moet er dus voor zorgen dat het voor iemand in Apeldoorn aantrekkelijk genoeg is om ervoor naar Utrecht te komen. We zullen er alles aan moeten doen om het publiek tot meer reizen aan te zetten. Maar in andere landen is dat heel gebruikelijk. Als ik een Amerikaanse collega vertel dat wij ons tot dusver verplaatsten van Arnhem naar Nijmegen, verklaart hij me voor gek. Want wat kost dat wel niet, en zou het niet veel goedkoper zijn het publiek te verplaatsen in plaats van de voorstelling?”

Naast de grote musicals wil Van den Ende het traditionele theatercircuit wel blijven bedienen met kleinere voorstellingen, zoals een muziektheaterproductie met Willem Nijholt en Gerrie van der Klei die komend najaar op tournee gaat. De musical Chicago met Simone Kleinsma, die eveneens dit najaar in première gaat, maakt geen tournee. Van den Ende zoekt nog naar een passende locatie, waarschijnlijk in Amsterdam, waar deze productie langdurig kan blijven staan.