Migratiestromen naar Italië en Spanje

De migratiestromen in Zuid-Europa zijn moeilijk in kaart te brengen. De Italiaanse regering meldt dat in 1997 ongeveer 38.000 mensen een uitwijzingsbevel kregen. Ongeveer 15 procent is daadwerkelijk uitgewezen. In de periode 1990-1997 hebben ongeveer 3.500 mensen politiek asiel gekregen. In 1996 zijn 54.000 mensen aan de grens tegengehouden.

Betrouwbare schattingen over het aantal clandestiene immigranten zijn er niet, maar er worden aantalen genoemd van 300.000 tot 800.000 per jaar. Op 1 januari 1997 stonden er 1,1 miljoen buitenlanders geregistreerd in Italië. Dat is ongeveer 2 procent van de bevolking. Van hen komen 120.000 uit Marokko en ongeveer 60.000 uit Albanië en de Filippijnen. In Italië wonen ook grote aantallen Amerikanen en Duitsers. Uit Tunesië, Servië, Roemenië, Senegal en China zitten er (per land) tussen de 30.000 en 45.000 mensen legaal in Italië.

Spanje kampt vooral met illegale migratie over de straat van Gibraltar. De Guardia Civil bij Algeciras pakte vorig jaar 2.065 mensen op (1990: 262). Voor de overige kustgebieden in Zuid-Spanje komen hier vermoedelijk enkele honderden bij. De hulporganisatie Acoge schat dat het afgelopen jaar 13.000 mensen de oversteek waagden. Velen overleefden de tocht niet. In de Spaanse enclaves in Marokko wachten zo'n 2.000 vluchtelingen op een verblijfsvergunning, voor het merendeel Algerijnen en Afrikanen van bezuiden de Sahara.