Luisteren met gevoel

Slechthorenden laten zich van oudsher bijstaan door een prothese. De simpelste is de holle handpalm achter de oorschelp. In vroeger tijden was er ook een soort pijp, waarvan het ene - kleine - uiteinde tegen de gehoorgang werd gehouden. Degeen met wie de 'dove' wilde converseren diende in een ruime trechter aan de andere kant te toeteren.

De batterij maakte het later mogelijk een apparaatje te maken dat het geluid kon versterken. Tegenwoordig zijn er kasttoestellen, bestaande uit microfoon en versterkingsapparatuur, die in een kastje op de borst of in een vestzak worden gedragen. Een snoer verbindt dat onderdeel met de telefoon, die zich in het oor bevindt.

Het kasttoestel wordt alleen nog gebruikt door zeer slecht horenden. Lichtere gevallen kunnen worden geholpen met een in-het-oortoestel of een hoorbril. Microfoon en versterker zijn zo klein dat ze vrijwel onzichtbaar achter het oor kunnen worden gedragen of in een brillepoot verstopt. In die moderne apparaten wordt het geluid niet alleen versterkt, de versterker is ook in staat de zogeheten uitgangskarakteristiek te veranderen.

Hoge tonen worden bijvoorbeeld meer versterkt dan lage tonen of omgekeerd. Het apparaat filtert ook hele harde geluiden, want voor sommige typen slechthorenden is dat juist uitermate vervelend.

Die filtering doet het gehoor normaal gesproken zelf. In een gesprek ontgaat je het geruis van verkeer in de verte, het aanslaan van een geiser of het zachte geronk van de computer. Een gezond gehoor onderscheidt onwillekeurig allerlei frequenties. Maar het zijn juist die gewoonlijk onopgemerkte geluiden, waar slechthorenden met een hoortoestel zo'n last van hebben.

Verkeerslawaai dringt zich schaamteloos op tijdens een gesprek, dat vervolgens onmogelijk meer kan worden gevolgd. Als de slechthorende de volumeknop een zwiep geeft klinkt zowel de stem van de gesprekspartner als het lawaai van het verkeer alleen maar harder. Goed beschouwd kan dat hoorapparaat de schade nog groter maken. Volgens de standaarden van de Arbeidsinspectie kunnen ze zelfs gevaarlijk zijn. In een omgeving waar een lawaai heerst van meer dan 80 decibel, mag een mens niet langer dan acht uur werken. Er zijn hoorapparaten die een etmaal lang meer dan 110 decibel het oor inblazen.

Horen is een complexe gebeurtenis, die zich niet laat regelen met een volumeknop. Nederland telt ongeveer een miljoen slechthorenden, van wie er 350.000 een hoortoestel gebruiken.

Het Audiologisch Centrum van het AMC in Amsterdam is de afgelopen drie jaar bezig geweest met onderzoek waaruit een nieuwe familie digitale hoortoestellen moet voortkomen, want digitale technieken lijken bij uitstek geschikt om geluidssignalen genuanceerd aan het oor 'toe te dienen'. Die overtuiging leeft al lange tijd, maar de techniek was eenvoudig niet voorhanden. Elektronische schakelingen op chips kosten veel stroom en nemen geen genoegen met de luttele 1,5 volt van kleine batterijtjes.

Inmiddels kan de industrie al enige tijd voorzien in uitstekende hardware, maar volgens de Amsterdamse audioloog professor dr. Wouter Dreschler in AMC-magazine hebben hij en zijn collega's het in die tussentijd een beetje laten afweten, want de hardware was klaar toen de programmatuur ervoor nog moest worden geschreven. Maar nu is het er. Het nieuwe digitale hoortoestel is met batterij en al zó klein dat er een draadje aan zit om hem uit de ooropening te kunnen trekken.

De onderzoeksgroep van Dreschler heeft voor het project HEARDIP samengewerkt met de universiteiten van Rotterdam, Oldenburg en Cambridge. Van industriële zijde namen Philips en Siemens deel. HEARDIP staat voor 'Hearing Aid Research using Digital Intelligence Processing'. De Europese Unie gaf er een forse subsidie voor.

Het voordeel van het nieuw ontwikkelde toestel moet volgens Dreschler vooral worden gezocht op het gebied van wat dynamiek compressie wordt genoemd. Normaal gesproken komen klinkers in het oor harder door dan medeklinkers. Bij slechthorenden resulteert dat er in dat na zo'n mokerslag (de klinker) de volgende klank (de medeklinker) even wegvalt. Maar in die medeklinkers ligt doorgaans de meeste cognitieve informatie. Als uit een stuk tekst alle klinkers worden verwijderd, ziet dat er buitengewoon Russisch uit, maar het levert een rebus op die zonder veel problemen kan worden opgelost. Omgekeerd, als uit een tekst alle medeklinkers wegvallen, is er absoluut geen chocola meer van te maken.

De onderzoekers hebben in het project een chipprogramma gemaakt dat, door een korte elektronische vertraging, vooraf kan bepalen hoe sterk de dynamiek van een bepaalde klank gecomprimeerd moet worden om de klank die er op volgt niet te overstemmen. Ook zijn vergaande resultaten geboekt op het punt van de eerder genoemde lawaai-onderdrukking.

Het is alleen nog niet gelukt om de voordelen op beide terreinen te combineren. Het nieuwe project ('Signal Processing for Audiotory Communication in noisy Environments', kortweg SPACE) waarin de programmatuur van beide moet worden verenigd gaat nog wel zo'n tweeëneenhalf jaar duren.

De koppeling van die twee voordelen is van groot belang, schat Dreschler. Want daarmee kan de slechthorende 'geluid op maat' worden geleverd. Voor een telefoniste is het natuurlijk van essentiële betekenis wat de beller te melden heeft, maar voor een timmerman is het prettig om te horen of de cirkelzaag al dan niet aan staat of dat er een vorkheftruck nadert. Het nieuwe toestel moet dus ook de geluiden kunnen selecteren en aangeven uit welke richting ze komen.