De Ganges sterft en de mensen sterven met haar mee.

Elke dag komen tienduizenden hindoes in Varanasi naar de voor hen heilige rivier de Ganges om er te baden, te bidden en hun doden te verbranden. Dat de rivier steeds meer vervuild raakt, lijkt hen niet te deren.

VARANASI, 16 JAN. Een zware, stinkende walm van rottend afval en uitwerpselen hangt bij zonsopgang boven de Ganges. Geen van de badende vrouwen en kinderen langs de oever kijkt op als tussen het hout, plastic en ander afval twee ontzielde lichamen voorbijdrijven, een paar meter van de kade van Varanasi. Met tienduizenden zijn de bewoners van India's heiligste stad naar de rivier gekomen om te bidden voor een lang leven. Na het rituele bad neemt één van de vrouwen, haar ogen nog stralend over het goddelijke moment bij de rivier, een fles van het zielzuiverende, donkerbruine water mee onder haar arm.

In klinische zin heeft het water van Ma Ganga, moeder Ganges, alles behalve een heilzame werking op de tientallen miljoenen Indiërs die de steden, dorpen en nederzettingen langs de 2.525 kilometer lange rivier bewonen. Veel van hen lijden en sterven aan uitdroging door diarree, dysenterie, typhus of hepatitis, ziektes die mede worden veroorzaakt door vervuild water. Nergens in India is de kindersterfte zo hoog als in Uttar Pradesh, de deelstaat waar het grootste deel van de Ganges doorheenstroomt. Eén op de acht kinderen in de staat van 160 miljoen inwoners sterft voor het vijfde levensjaar. “De Ganges sterft”, zegt prof. U.K. Chaudhury, rivierdeskundige aan de Banaras Hindu Universiteit in Varanasi. “De bewoners sterven mee.”

Varanasi zien om er te sterven is een laatste wens van veel hindoes. Langs de oever, omringd door kolossale stapels hout, worden dagelijks enkele honderden lichamen van overledenen verbrand, 24 uur per dag, zegt de manager van Harischandra Ghat, één van de twee brandplaatsen. Zelfs vanuit de aangrenzende deelstaten Bihar en Madhya Pradesh worden ernstig zieken en doden naar Varanasi gebracht. Want wie in de 'stad van het eeuwige licht' sterft of wordt gecremeerd, reist met een gereinigde ziel naar een volgende incarnatie.

Maar de hindoe-rituelen dragen, net als de andere leefgewoonten in Noord-India, fors bij aan de vervuiling van de rivier, zegt een medewerker van het Ganges Laboratorium, dat wekelijks de kwaliteit van het rivierwater onderzoekt. Langs de gehele rivier worden de gestorven lichamen van overleden kinderen, lepralijders, sadhu's (heilige mannen) en mensen die aan een slangebeet zijn gestorven, in de rivier geworpen. “Zij worden niet verbrand. Hun karma is al gereinigd tijdens hun leven”, zegt de manager van de brandplaats.

Mede om de vervuiling van de Ganges door halfverbrande lichamen tegen te gaan werd in Varanasi enkele jaren geleden een elektrisch crematorium op palen gebouwd. Maar terwijl vlak naast het bouwwerk soms vijftien houtstapels tegelijk branden, blijft het crematorium de hele dag leeg. Gelovigen wier familieleden voldoende geld hebben, kiezen nog steeds voor de traditionele verbranding. “Als de familie niet genoeg geld heeft, leent ze liever wat stukken hout van een grotere stapel dan dat ze naar het veel goedkopere crematorium uitwijken”, zegt de houtverkoper bij de brandplaats. “Dat is geen manier van afscheid nemen.”

De afscheidsrituelen mogen volgens het Ganges Laboratorium een rol spelen bij de vervuiling van de rivier, ze zijn zeker niet de enige. Lozingen van chemisch afval door industrieën, zoals de tientallen leerlooierijen stroomopwaarts bij de stad Kanpur, zijn medeverantwoordelijk. De ecologische ramp die voor de Ganges dreigt, werd in 1985 onderkend door toenmalig premier Rajiv Gandhi. Onder zijn leiding werd een plan gemaakt voor een grote schoonmaak. Op verschillende plaatsen, zoals in de miljoenensteden Kanpur, Allahabad en Varanasi, werden rioleringen verbeterd, openbare toiletten en zuiveringsinstallaties gebouwd. Op andere plekken langs de rivier werden duizenden schildpadden uitgezet om het rottende afval langs biologische weg te laten verdwijnen. Volgens officiële cijfers van de Indiase regering is de vervuiling op sommige plaatsen inderdaad teruggebracht, zij het dat de norm voor veilig baden - laat staan drinken - nog heel ver weg is.

De Ganges ontspringt hoog in de Himalaya en daalt kronkelend af naar de Golf van Bengalen. Halverwege de loop, in het midden van Uttar Pradesh, bevat de rivier nog net voldoende zuurstof om onderwaterleven mogelijk te maken, zo blijkt uit recente onderzoeken. Dat een aanzienlijk deel van die fauna sterft, is te wijten aan de enorme hoeveelheden chemicaliën die in de rivier worden geloosd, zoals het uiterst giftige chroom dat wordt gebruikt in de leerfabrieken. Ondanks de bouw van een aantal zuiveringsinstallaties klagen boeren stroomafwaarts nog steeds over de kwaliteit van dit 'gezuiverde' afvalwater dat zij voor de irrigatie van hun land krijgen. Een groot deel van hun gewassen wordt vernietigd door de chemicaliën die het water nog steeds bevat.

Chaudhury, hoofd van het Ganges Laboratorium, schatert om de maatregelen die de Indiase overheid heeft genomen. “Ze hebben miljoenen rupees in de rivier gegooid. In één van de steden werd een deel van het vervuilde water weggeleid naar een rivier die een paar kilometer verderop weer uitmondt in de Ganges.” De levende hulptroepen in Varanasi, dertigduizend schildpadden, waren volgens Chaudhury snel verdwenen, gevangen door op geld beluste stropers of weggespoeld in de gezwollen Ganges tijdens de moesson, stroomafwaarts richting Calcutta en Bangladesh.

De openbare toiletten in Varanasi worden nauwelijks gebruikt. Eén rupee kosten de hutjes per behoefte, ongeveer een stuiver. Veel te veel als het ook gratis kan, vinden de bewoners van Varanasi: ernaast, in één van de honderden nauwe steegjes of simpelweg op de plek waarop zij zich op dat moment bevinden. Door de steil aflopende, volgebouwde rivieroever stromen de uitwerpselen en het afval van honderdduizenden mensen, koeien, honden, apen en geiten door de steegjes, langs tempels, voordeuren, moskeeën, onder marktkraampjes, tussen de spelende kinderen door naar beneden, naar de rivier.

Het deert de 1,6 miljoen bewoners niets. Geen van hen wil iets weten van het woord vervuiling. Kinderen ravotten in het water rondom de brandplaatsen, ouderen zwemmen of baden, wassen hun kleren of poetsen hun tanden in het water van de Ganges. Omdat het water zuivert. Typerend voor de perceptie van de Indiërs is misschien wel dat er een merk minderaalwater op de markt is gebracht onder de naam Ganga. 'Puur en vers water met natuurlijke mineralen', luidt de wervende tekst op de fles.

De stank en vervuiling ten spijt leven veel bewoners, vooral kinderen, zelfs van de zwartgrijze afvalbergen die zich na de laatste moessonregens hebben opgestapeld langs de oever. Zij zoeken naar materiaal van waarde, zoals plastic of papier dat kan worden hergebruikt. Zwarte koeien eten de resten van bloemen die zijn achtergebleven bij het zojuist beëindigde hindoefeest. Intussen proberen groepjes jongemannen de afvalhopen, vermengd met het puin van ingestorte bouwsels en hutjes de rivier in te werken met behulp van hogedrukbrandslangen en provisorische scheppen. De inwoners van Varanasi hebben leren leven in een open riool. Eén keer, in oktober 1994, werd het een aantal vrouwen te veel. Zij bezetten twee dagen een druk kruispunt in de stad omdat het rioolwater na de moesson letterlijk tot aan hun middel stond.

Zolang er niet rigoureus wordt ingegrepen zal de rivier vervuild blijven en de steden verder uitgroeien tot een broedplaats van dodelijke ziektes, meent Chaudhury. Tegelijkertijd ziet hij de onmogelijkheid van een grootscheepse verandering van de mentaliteit van de mensen. Een groot deel van de tientallen miljoenen bewoners zou uit het stroomgebied van de rivier moeten verdwijnen om haar weer gezond te maken.

Het is een kwestie van tijd, stelt Chaudhary. De rivier is tot nu toe gered door de moesson, die na elke zomer miljoenen liters vers, kolkend water door het rivierbed jaagt. “Zonder de moessons waren de steden en dorpen langs de Ganges allang uitgestorven en verlaten”, zegt hij. “Iedereen ziet over het hoofd dat een rivier een levend lichaam is. Net als een mens, met armen en benen, met een behoefte aan zuurstof en voldoende ruimte om zich heen. Dat is het grootste probleem met het milieu in India: de ruimtelijke verontreiniging.”