Australiër wint vijfde medaille; Michael Klim de koning van WK zwemmen

ROTTERDAM, 16 JAN. Michael Klim mag zich na vijf dagen de koning van de WK zwemmen noemen. In het winderige Perth was de 20-jarige Australiër vanmorgen ongenaakbaar op de 100 meter vlinderslag. In 52,25, een fractie boven zijn eigen wereldrcecord (52,15), bleef Klim zijn concurrenten ruimschoots de baas. Daarmee behaalde hij zijn vijfde medaille van de week, na tweemaal goud (200 vrij en 4x200 vrij) en tweemaal zilver (100 vrij en 4x100 vrij).

Klim voldoet daarmee aan de hoge verwachtingen. Anderhalf jaar geleden, bij de Olympische Spelen in Atlanta, gold hij vooraf eveneens als de te kloppen man, maar ging hij kansloos ten onder in het olympische bad. Vorig jaar zwoer de Poolse immigrantenzoon, een trainingsgenoot van olympisch- en wereldkampioen Alexander Popov, wraak.

De Ndederlander Joris Keizer zorgde voor een aangename verrassing. De 18-jarige student technische natuurkunde verbeterde tot twee keer toe het nationale record op de 100 vlinderslag. Tot ieders verbazing zwom Keizer in de vroege ochtenduren al naar 53,73, vanmorgen in de finale gevolgd door 53,37. Die tijd was goed voor de vijfde plaats en dat was meer dan waar de jonge Twentenaar van had durven dromen.

Keizer voldeed vorige maand niet aan de limiet. Toch besloot de technische staf hem mee te nemen naar Perth. “Met het oog op de toekomst”, zo verklaarde bondscoach René Dekker na de winterkampioenschappen in Drachten. Bij zijn WK-debuut in Australië werd van Keizer niet meer verwacht dan een verbetering van zijn persoonlijk record (54,69). Dat deed hij al in de series toen de Europees jeugdkampioen slechts een fractie trager was dan de latere winnaar Klim.

Tevreden was Keizer overigens niet na zijn zesde plaats in de voorronden. “Het keerpunt was niet zo goed en het aantikken beroerd.” Nationaal kampioen Stefan Aartsen stelde teleur. Hij kwam in de series niet verder dan de elfde tijd (54,14) en eindigde vanmorgen in de B-finale als tweede, in 53,95.

Benno Kuipers plaatste zich wel voor de finale van de 200 meter schoolslag, maar kwam daarin snelheid te kort. Ondanks een snelle start moest de 23-jarige zwemmer van DWK, een half jaar geleden vierde bij de EK in Sevilla, genoegen nemen met de zesde plaats (2.15,34). De titel ging in 2.13,40 naar de Amerikaan Kurt Grote.

De strijd op de 200 meter wisselslag voor vrouwen ging tussen China en Slowakije. Yan Chen en Yanyan Wu eindigden respectievelijk als tweede en derde in de series, achter Martina Moravcova die in Perth al twee keer zilver won. Maar in de finale bleek wereldrecordhoudster Wu oppermachtig. Met grote voorsprong tikte zij aan na 2.10,88, voor landgenote Chen (2.13,66) en Moravcova (2.14,26). Voor Chen betekende het haar derde medaille nadat zij eerder deze week op zowel de 400 vrij als op de 400 wissel zegevierde. Daarmee voldeed de 16-jarige als enige Chinese aan de hooggespannen verwachtingen.

Titelverdediger China trok zich vanmorgen terug voor de 4x100 wisselslag. Een reden werd niet gegeven, maar aangenomen mag worden dat de afmelding verband hield met de dopingperikelen. Na de ontmaskering van vier zwemsters, onder wie startzwemster en rugslagspecialiste Yuan Yuan, beschikken de Aziaten over onvoldoende klasse op de wisselslag-estafette. Vier jaar geleden, bij de WK in Rome, brak China het wereldrecord.

Amerika nam de titel over van China, door in de finale een fractie boven het wereldrecord te blijven: 4.01,93. Australië eindigde als tweede, voor Japan. Nederland, als vijfde doorgedrongen tot de eindstrijd, speelde geen rol van betekenis. De zesde plaats (4.11,73) had te maken met het afhaken van de startzwemster Suze Valen. De 19-jarige studente bleek na de series niet fit genoeg voor de finale. Angela Postma nam haar plaats in op de rugslag.

Kirsten Vlieghuis en Carla Geurts staan morgen in de finale van de 800 meter vrije slag, het langste zwemonderdeel bij de vrouwen. Vlieghuis, in Atlanta winnares van de bronzen medaille, realiseerde de derde tijd (8.35,75) in de series, Geurts werd zevende.