Zoon Soeharto hardst getroffen

ROTTERDAM, 15 JAN. Het nieuwe IMF-akkoord met Indonesië bevat maatregelen die rechtstreeks de zakelijke belangen raken van familieleden en vrienden van president Soeharto. Het hardst getroffen wordt Hutomo Mandala Putera ('Tommy'), de jongste zoon van de president. Soeharto heeft ingestemd met intrekking van de omstreden presidentiële instructie nr. 2/1996, die Tommy's in 1996 opgezette auto-assemblagebedrijf PT Timor Putera vrijstelde van importheffingen voor auto-onderdelen en van het hoge belastingtarief voor luxe artikelen.

Tommy's onderneming heeft tot dusverre alleen kant-en-klare personenauto's, gebouwd door het Zuid-Koreaanse KIA, belastingvrij geïmporteerd.

Tommy wordt ook geraakt door de ontbinding per juni 1998 van zijn monopolie op de inkoop en distributie van kruidnagelen. Ook een twaalftal grote infrastructurele projekten, met een hoofdrol voor het conglomeraat van Soeharto's oudste dochter Siti Hardiyanti Hastuti Rukmana ('Tutut') is van de baan.

Verder worden de buitengewone kredietfaciliteiten en steun buiten de begroting om voor de IPTN, de vliegtuigfabriek van Soeharto's vertrouweling, minister van Technologie Y.B. Habibie, met onmiddellijke ingang gestaakt. De Chinese tycoon Bob Hasan, een boezemvriend van Soeharto, wordt hard geraakt door ontbinding van het triplexkartel, dat de export controleert van deze belangrijke deviezenbron. De afschaffing van de kartels voor cement en papier treft vooral Soeharto's eveneens Chinese zakenvriend Soedono Salim (Liem Sioe Liong), de rijkste man van Indonesië.

Andere belangrijke punten: volledige autonomie voor de Nationale Bank, afschaffing van staatsmonopolies op de invoer en distributie van suiker en distributie van meel, reductie van de invoertarieven op landbouwproducten tot maximaal vijf procent en herziening van de vorige week ingediende ontwerpbegroting.

Om de bevolking te sparen wordt het monopolie van de BULOG, het staatsbedrijf dat de inkoop en distributie van rijst controleert, niet afgebroken, om abrupte prijsstijgingen van dit voor Indonesiërs belangrijke basisvoedsel te voorkomen. Ook de verlaging van de invoertarieven voor landbouwproducten dient dit doel.