(R)emigratie; Paramaribo als pull factor

Surinaamse bedrijven kampen met een tekort aan hoger opgeleiden. Remigratie wordt aantrekkelijk.

DE ROTTERDAMSE STUDENTEN Lennox de Ronde (24) en Rakish Ramsoekh (22) zijn zondagskinderen. Ze studeren op jonge leeftijd af (financiële economie en bedrijfskunde), hebben al bestuurlijke ervaring en een druk sociaal leven, zijn welbespraakt en zien er goed uit. Droomsollicitanten voor elke werkgever die op zoek is naar jong talent. Maar op De Ronde en Ramsoekh hoeven de headhunters en personeelschefs niet te wachten. Want zij hebben andere plannen. Zij gaan Suriname veroveren.

Ze zijn een uitzondering op de regel, omdat er jaarlijks nog altijd meer Surinamers zijn die zich in Nederland vestigen dan andersom. Toch zijn De Ronde en Ramsoekh de voorhoede van een groeiende groep Surinaams-Nederlandse studenten die zich oriënteert op Suriname. Jongeren die hier zijn opgegroeid, maar die in de toekomst een bedrijf willen oprichten of een baan willen zoeken in Suriname. Willen, want het is de vraag of ze het allemaal doen, zegt De Ronde. Hij zelf gaat in elk geval, want behalve zijn affiniteit met Suriname valt er volgens hem geld te verdienen. Hij is er een half jaar geleden nog geweest. “Het is the land of opportunities”, vindt De Ronde.

Op allerlei fronten zijn ze bezig om de band met Suriname te versterken. Zo organiseerde de nationale studentenvereniging Studiname, waarvan De Ronde en Ramsoekh lid zijn, in oktober de eerste Surinaamse Bedrijvendagen in Den Haag. Zo'n 1.500 belangstellenden kwamen erop af. In totaal presenteerden 70 Surinaamse bedrijven zich, van Suralco en De Surinaamsche Bank (niet de Centrale Bank van Suriname) tot de Surinaamse vestiging van KPMG. Alleen al de afgevaardigden van KPMG Suriname spraken op één dag met dertig sollicitanten.

Het belang van Surinaamse bedrijven om in Nederland personeel te werven, is evident, zegt E. Muller, directeur van de Surinaamsche Bank. Ook hij was in oktober in Den Haag om jonge mensen persoonlijk warm te maken voor een baan. Een belangrijk deel van zijn personeel gaat de komende jaren met pensioen, vertelt hij, en de afgestudeerde economen van de Surinaamse Anton de Kom Universiteit zijn goed, maar niet goed genoeg. “Als ik tot nu toe jonge mensen aannam, dan ging dat meestal via familie”, zegt Muller, maar die bron is zo'n beetje opgedroogd.

Alle Surinaamse bedrijven kampen sinds de onafhankelijkheid met een groot tekort aan goed opgeleid personeel, als gevolg van de emigratie naar het buitenland. Het middelbaar onderwijs in Suriname kent veel school-uitval, waardoor er onvoldoende doorstroom is naar het hoger onderwijs.

Studiname bespeurt zoveel animo bij bedrijven en studenten, dat de vereniging in september het eerste nummer van De Studinamer wil uitbrengen, een blad naar het concept van Intermediar. Bedrijven kunnen personeelsadvertenties plaatsen, studenten en freelancers moeten de kolommen vullen. “We beginnen met een oplage van 2.000 voor geïnteresseerde studenten”, aldus Ramsoekh. Daarna zal het blad groeien, vertellen ze overtuigd. En ja, ze weten hoeveel allochtonen-bladen, zoals Dignity, er zijn gesneuveld in Nederland. “Die leden aan organisatorische problemen, maar daarvan hebben wij geen last. Met de bedrijvendagen hebben we bewezen dat wij iets van de grond kunnen tillen”, zegt De Ronde.

Ook al is het onduidelijk hoeveel Nederlands-Surinaamse jongeren daadwerkelijk Nederland voor Suriname zouden willen inruilen, staat het vast dat het sentiment sluimert. “Alleen al de nieuwsgierigheid en het verlangen naar Suriname rechtvaardigt een vereniging en een blad”, zegt De Ronde. “Want veel jongeren zijn er dagelijks mee bezig in hun hoofd; ze willen alles weten over Suriname en erover praten met vrienden.” De bestaande Surinaamse media bieden volgens hem politiek gekleurde informatie.

Voor de jongeren is het meer pull dan push. Suriname is aantrekkelijk om verschillende redenen. Wie daar een goede baan heeft, leeft relatief luxer dan in Nederland. Met een groot huis, een tuin en veel vrije tijd. Hier is het opstaan, werken, eten, slapen. Daar begint de werkdag wel om half zeven, maar eindigt die al om twee uur. “En het belang van het klimaat moet je niet onderschatten, het bepaalt je gemoedstoestand”, vindt De Ronde.

Bovendien is Suriname booming voor ondernemers. De Ronde: “Sinds Suriname lid is van de handelsorganisatie Caricom, staat de poort naar het Caraïbische gebied wagenwijd open. Er zijn ook talloze gaten in de markt.” Zelf denkt De Ronde aan een condoomfabriek of, ernstiger, “iets met energie-technologie”. Suriname is ook vlakbij Brazilië, Barbados en de Verenigde Staten, onderstreept hij.

Er zijn ook obstakels. De grootste drempel voor hun generatie is geaccepteerd worden in Suriname. “We zijn Nederlands, buitenlanders, en zo worden we ook gezien.” Maar dat is geen reden om hier te blijven, vinden de studenten. “Wij zijn flexibel - doordat we hier zijn opgegroeid, als allochtonen, zijn we gewend om ons aan te passen en om overal het beste uit te halen”, vertelt De Ronde.

En dan is er nog het gebrekkige onderwijs en de gezondheidszorg in Suriname. “Dat is vooral van belang voor gezinnen”, maar zo ver is De Ronde nog niet. En de bureaucratie en corruptie. “Die bestaan in Nederland ook, alleen heeft iedereen er minder last van omdat dit land beter is gestructureerd en rijker is.” Er zijn hooguit enkele pull-factoren in Nederland te overwinnen. Ramsoekh: “We hebben hier wortel geschoten, wij zijn gewend aan de Nederlandse verzorgingsstaat en we hebben hier onze vrienden.”