Kookboek met de maaltijden van Joost; Een kijkje in de Bommelkeuken, met uw welnemen

De keuken op Slot Bommelstein, het complete Bommelkookboek samengesteld door Joost. Mmv Peter Abel, Marianne Stuit, Hubrecht Duijker en Johannes van Dam. De Bezige Bij, ƒ 39,50. ISBN 90 234 37527

Het Golden Tulip Hotel Figi organiseert samen met het Figi-theater in Zeist een arrangement voor de dansvoorstelling 'Ollie B. Bommel & Tom Poes in De Trullenhoedster' van toneelgroep Opus One. Voor de voorstelling die begint om 16.30 kan een high-tea in de stijl van juffrouw Doddel worden gebruikt, na de voorstelling 'een eenvoudige, doch voedzame maaltijd'. High-tea ƒ 39,50 p.p., de maaltijd ƒ 50 volw, ƒ 35 kinderen tot 12 jaar. Voorstelling t/m 7 juni door het hele land. Inl en res 030-6927522.

Al sinds mijn jeugd wordt mijn weg begeleid door de eenvoudige doch voedzame maaltijden van Joost. Daarom verstout ik mij hier het boek De keuken op Slot Bommelstein met de recepten van de trouwe dienaar aan te prijzen. De eerste uitgave met dit kijkje in de keuken van Joost, dat in 1980 onder de titel Gastronomisch Bommelboek verscheen, heb ik gemist, maar nu is er dus een herziene versie.

Op het omslag zien we de Heer van Stand achter een bord spaghetti, waarbij tegen alle regels in een mes wordt gehanteerd. Heeft hij op zijn vele reizen nooit geleerd dat spaghetti uitsluitend met een vork en eventueel met een lepel wordt gegeten? Of is het juist typerend voor het Machtige Ego van deze heer dat hij alle regels aan zijn laars lapt en zelf bepaalt welk gereedschap hij voor een gerecht gebruikt?

De tekeningen van het traditionele slotdiner op Bommelstein vormen voor mij altijd het hoogtepunt van het verhaal, want meestal wordt het beeld getekend over het oppervlak van twee plaatjes, waardoor het effect extra feestelijk is. Je ziet de dramatis personae aan tafel zitten en met ragfijne zekerheid weet je wie de schurken zijn: die zijn niet uitgenodigd. Ik heb tenminste nog nooit Bul Super en Hiep Hieper zien aanzitten, in tegenstelling overigens tot de griezelige gluiper Sickbock, die toch beslist niet zuiver op de graat is.

Het aardige van het boek is dat het als een lang Bommelverhaal leest. Nu eens niet de Heer van Stand zelf aan het woord, maar Joost, bij monde van Peter Abel, die ons intieme details vertelt over Heer Bommels voorkeuren op culinair gebied. Over het 'gepresseerd herendiner' (met o.a. cantharellensoep en flageolets) meldt Joost: “Het komt voor dat heer Olivier mij op het allerlaatste moment verwittigt dat hij vooraanstaande disgenoten verwacht. Om deze situatie het hoofd te bieden is het volgende menu mij vaak van pas gekomen. Het paart representativiteit aan improvisatie, naar mijn bescheiden mening.” En over het Dîner inspiré par le marquis (met o.a. Consommé de boeuf 'l'infinie légèreté de l'être'): “Wanneer de televisie op de zaterdagavond niets te bieden heeft, vertreed ik me gaarne in 'De Gulden Swaen'. Het kan gebeuren dat ik daar de valet van de markies de Canteclaer van Barneveldt ontmoet (-) zodat ik weet wat de heer markies behagen zal als hij op het château genood wordt.”

De recepten zijn ingedeeld naar de ochtend, de lunch, de thee, de borrel en het diner. Met name uit de diners blijkt dat die eenvoudige maaltijden lang niet altijd zo eenvoudig zijn als Joost ons doet denken: er staan vijfgangenmaaltijden in die klinken als een klok, met gerechten als Le bouillon de poulet 'Hanezang', Wildzwijnsbout Le sanglier de Rommeldam en Speenvarken Spanferkel mit Plapperkartoffeln (aanbevolen door de heer Prlwytzkofski, aldus Joost, “genoteerd in zijn woordeigen, met permissie”). Maar er worden ook lekkere, maakbare gerechten geserveerd, met ingrediënten die bij de plaatselijke heer Grootgrut te bekomen zijn.

De kelder van een heer Bommel wordt ook niet over het hoofd gezien en de wijnsuggesties tonen dat hij verrassend goed voorzien is (van Gigondas en Gevrey-Chambertin tot een Portugese Dâo). Joost blijkt over talrijke talenten te beschikken, mede dankzij wijnkenners Marianne Stuit en Hubrecht Duijker. Over Amontillado-sherry: “De heer Grootgrut levert een niet-onaangename droge sherry, die, mits overgebracht in een uit Jerez afkomstige bouteille, zich bij deze consommé wel als amontillado drinken laat.”

Tot slot vind ik dat er een wedstrijd moet worden uitgeschreven onder alle lezertjes: wie herkent de meeste verhalen horend bij de vele in het boek afgebeelde plaatjes van slotdiners?