Reëel tekort Italië boven 4 pct

De discussie over de kwaliteit van Italië als deelnemer aan de muntunie laait op. Hoeveel knip- en plakwerk bevat de begroting die Rome de muntunie moet binnenloodsen?

ROTTERDAM, 14 JAN. Duitsland rekent tekorten bij de ziekenhuizen niet meer mee bij de bondsbegroting. Frankrijk ontvangt van France Telecom een miljardenbedrag aan 'pensioen-compensatie'. Er is vrijwel geen EU-lidstaat die de hogere boekhoudkunde niet te hulp heeft geroepen om zijn begrotingstekort over 1997 onder de 3 procent van het bruto binnenlands produkt (bbp) te duwen.

Een tekort van 3 procent of minder is een van de belangrijkste van de vijf toetredingscriteria voor de Economische en Monetaire Unie. De EU-lidstaten maken eind februari hun begrotingsresultaten officieel bekend. Op basis daarvan beslissen de regeringsleiders begin mei wie zich kwalificeert.

Geen lidstaat zonder zonden, maar het is vooral Italië waarover in Duitsland en Nederland deze week de gemoederen hoog zijn opgelopen. Nog begin vorig jaar was er weinig zicht op Italiaanse deelname - in 1996 bedroeg het Italiaanse begrotingstekort 6,7 procent van het bbp. Maar na een enorme krachtsinspanning zal de regering-Prodi over 1997 een begrotingstekort laten zien dat naar verwachting uitkomt op tussen de 2,7 procent en 2,9 procent.

Daarmee doet Italië straks gewoon mee met de eerste golf van EMU-landen. Maar hoe duurzaam is het Italiaanse wonder? Ilaria Fornari, van de zakenbank J.P. Morgan in Milaan, heeft alle speciale maatregelen van 1997 op een rijtje gezet. Aan de inkomstenkant voerde de regering-Prodi een speciale, eenmalige euro-belasting in, waarvan de inkomsten, 5.300 miljard lire, goed zijn voor een tekortreductie van zo'n 0,25 procent bbp. Een voorheffing op vertrekpremies van werknemers brengt daarnaast 3.300 miljard in het laatje, een naar voren gehaalde energiebelasting nog eens 3.000 miljard, andere tijdelijke belastingmaatregelen 4.300 miljard. Aan de uitgavenkant was er een bevriezing van staatspensioenbonussen (2.400 miljard), kasschuiven en het doorschuiven van premieheffing op sociale voorzieningen (samen 3.000 miljard) en andere tijdelijke uitgavenstops (3.000 miljard). Samen zijn deze eenmaligheden goed voor 1,15 procent bbp. En dan is er nog het terugschuiven van 540 ton goud die sinds 1976 bij Financiën was geparkeerd, naar de Italiaanse centrale bank. Over de boekwinst van deze broekzak-vestzaktransactie wordt 53,3 procent belasting geheven, wat 3.700 miljard lire oplevert. De constructie, goed voor 0,17 procent bbp, moet nog worden goedgekeurd door Eurostat, het statistische bureau van de EU.

Zo ontstaat een geheel ander beeld van de Italiaanse begroting. Achter het officiële tekort van 2,7 tot 2,9 procent schuilt een werkelijk tekort van 4,0 tot 4,2 procent.

Pagina 3: Staatsschuld Italië, na die van België, hoogste in EU

Zo waardeert de Italiaanse centrale bank zijn 2.592 ton goud (de op twee na grootste nationale voorraad van de EU) op 381 dollar per troy ounce. Goud eindigde vorig jaar 100 dollar in koers lager. Een herwaardering volgens marktkoersen komt neer op een boekverlies ter waarde van 0,7 procent bbp. Zo'n boekverlies komt overigens niet ten laste van de lopende begroting, maar zou ten laste kunnen komen van de staatsschuld. Die staatsschuld is, na die van België, de hoogste van de EU met 123,8 procent van het bbp in 1996 en wordt geacht te dalen naar 122,3 procent. Hoewel het EMU-criterium voor de staatsschuld een maximum aangeeft van 60 procent, is een hoger percentage toegestaan, mits dat een duidelijke daling vertoont. Het werkelijke begrotingsbeeld van Italië, en een mogelijke bijtelling van het goud-effect, zou echter resulteren in een stijging van de Italiaanse schuldquote.

Los hiervan circuleren - minder harde - schattingen over een pool van aan lagere overheden en staatsbedrijven toezegde, maar nog niet opgevraagde fondsen, die neer zou komen op een bedrag van meer dan een tiende van het bbp. Onder de Italiaanse pensioensector tikt een tijdbom, want 13,9 procent van het bbp gaat naar pensioenen. Dat is verhoudingsgewijs ruim tweemaal dat van Nederland.

Opgeteld maken de gegevens Italië niet tot de meest stabiele deelnemer aan de EMU. Zal Rome er, eenmaal binnen de muntunie, in slagen om de financiën duurzaam te saneren, of gaat dan de hand weer van de knip? Fornari wijst er vanuit Milaan op dat in de begroting voor 1998 een werkelijk bezuinigingsbedrag staat ingetekend van 25.000 miljard lire. Dat komt overeen met het bedrag aan tijdelijke maatregelen in 1997, en kan dus voor een werkelijk tekort onder de 3 procent zorgen.

In één opzicht is Italië bovendien een van de zuinigste landen van de EU. Door de enorme rentelasten op de staatsschuld, die in 1997 zo'n 8,2 procent van het bbp bedroegen (Nederland is maar de helft kwijt) voert het land al jaren een primair overschot op de begroting, dat met een verwachte 5,2 procent over '97 het hoogste is in de EU. De Italiaanse rente daalt dankzij de verwachting dat het land met de EMU mee kan doen. Dat levert een enorme besparing op. Alleen al in 1997 moet dat zo'n 1,3 procent bbp zijn geweest. Dat betekent dat er vorig jaar, los van gedaalde rentelasten en eenmalige maatregelen, toch tussen de 1,2 en 1,4 procent daadwerkelijk is bezuinigd, onder zeer moeilijk economische en politieke omstandigheden. Dit jaar moeten de eenmaligheden in duurzame bezuinigingen worden omgezet.

De Duitse regering heeft vorige maand Rome verzocht een geheim rapport op te stellen over de staatshuishouding. Aanstaande maandag staat de Italiaanse begroting op de agenda van de reguliere vergadering van de ministers van Financiën van de EU. Dat wordt een ongemakkelijke oefening voor de cruciale beoordelingsvergadering in mei, over wie zich wel en wie zich niet kwalificeert voor de muntunie. Hij die zonder zonden is, werpe de eerste steen.