Europarlement vraagt uitleg; Commissaris de Silguy wil de politiek in

BRUSSEL, 14 JAN. Europees commissaris Yves-Thibault de Silguy, die de invoering van de euro moet voorbereiden, overweegt een tweede baan te nemen. De Franse commissaris heeft gezegd kandidaat te willen zijn voor de gaullisten bij verkiezingen voor de regionale raad in Bretagne in maart.

De belangrijkste fractievoorzitters in het Europees Parlement willen weten wat voorzitter Jacques Santer van de Europese Commissie hiervan denkt. Tot nu toe geldt de regel dat Europees commissarissen geen nevenfuncties mogen uitoefenen die hun werkzaamheden als commissaris hinderen. Officieel moet de Silguy, die in 1996 werd uitgeroepen tot Breton van het jaar, nog worden uitgenodigd voor de kandidatuur. Het kandidaatschap zou betekenen dat hij vanaf half februari, als de voorbereidingen voor de euro in volle gang zijn, in Bretagne aan een verkiezingscampagne deelneemt.

Volgens de Financial Times heeft de Franse president Chirac persoonlijk Santer benaderd om te zeggen dat de Silguy het recht heeft een nevenfunctie te nemen. Een woordvoerder van de Europese Commissie heeft gezegd dat de vraag of een politieke rol van de Silguy in Frankrijk in overeenstemming is met zijn functie als Eurocommissaris pas bekeken wordt als hij daadwerkelijk in de Bretonse regionale raad wordt gekozen. Deelname aan de Bretonse verkiezingscampagne zou niet strijdig zijn met de functie van Eurocommissaris.

In mei moeten de staats- en regeringsleiders van de Europese Unie beslissen welke lidstaten de euro als gemeenschappelijke munt kunnen invoeren. Daarbij zal de beoordeling van de posities van de lidstaten door de Europese Commissie, in het bijzonder door commissaris de Silguy, een belangrijke rol spelen.

Het is niet de eerste keer dat beroering ontstaat over nevenactiviteiten van commissarissen. De Deense commissairs Ritt Bjerregaard (Milieu) kwam in opspraak nadat zij een dagboek had geschreven waarin ze haar collega's op de korrel nam. Mede naar aanleiding van haar Kommissaerens Dagbok werden gedragsregels opgesteld. Deze houden onder meer in dat leden van de Europese Commissie zich niet langer mogen laten betalen voor het houden van spreekbeurten (waarvoor de Duitse commissaris Martin Bangemann in opspraak was geraakt) en dat zij voorzitter Santer op de hoogte moeten stellen als ze besluiten een boek te schrijven.

Formeel zijn Eurocommissarissen hoge ambtenaren. Maar ze hebben daarnaast meestal ook een duidelijke politieke kleur. In de huidige Commissie, op papier de meest gepolitiseerde tot nu toe, zitten twee voormalige premiers en elf oud-ministers. Van de twintig Eurocommissarissen zijn de Silguy en zijn Italiaanse collega Mario Monti (Interne Markt) de enige leden die geen politieke carrière achter de rug hebben. De Silguy was in Frankrijk als hoge ambtenaar onder meer adviseur van Chirac tijdens diens premierschap onder de socialistische president Mitterrand. Kort na zijn aantreden als Eurocommissaris werd al gefluisterd dat de Silguy hoge politieke aspiraties had: hij zou de maten van de gordijnen in het Elysée al aan het opmeten zijn.

Het tweede Franse lid van de Europese Commissie, Edith Cresson, was bij haar aantreden in 1994 burgemeester van het plaatsje Châtellerault. Zij heeft zich in 1995 opnieuw voor die functie verkiesbaar gesteld, zonder dat dit indertijd opzien baarde. Pas vorig jaar heeft zij van het burgemeesterschap afgezien.

Traditioneel geldt dat Eurocommissarissen onafhankelijk zijn van de nationale politiek, ook al worden zij door de regeringen van de lidstaten benoemd. In de praktijk onderhouden de Eurocommissarissen dikwijls nauwe relaties met hun eigen hoofdsteden.