Verzamelaar Leopold boos: 'Amerika bezit zelf zestien vage Schiele's'

WENEN, 13 JAN. Zestien werken van de Oostenrijkse schilder Egon Schiele (1890-1918), opgenomen in museale en particuliere collecties in

Amerika, moeten een controversiële herkomst hebben. Ze kunnen wel eens door de nazaten van vorige eigenaren worden opgeëist.

Dat zegt de Weense verzamelaar Rudolf Leopold vandaag in een vraaggesprek met het Oostenrijkse dagblad Der Standard. Vorige week legde de New-Yorkse douane beslag op twee schilderijen van Egon Schiele, beide afkomstig uit de omvangrijke collectie van Leopold, die zijn ruim

vijfduizend stukken in 1994 aan de Oostenrijkse staat verkocht. Amerikaanse nazaten van Oostenrijkse joden, vermoord of gevlucht in de Tweede Wereldoorlog, eisen die twee doeken nu op. Samen met tientallen andere werken van Schiele uit diezelfde Leopold-verzameling waren ze tot voor kort aan het Museum of Modern Art in New York in bruikleen gegeven

door de Oostenrijkse staat. Op de dag dat deze werken moesten terugreizen naar Europa, werden de twee in beslag genomen. De zestien Schiele-schilderijen die permanent in Amerikaans bezit zijn,

werden, volgens Leopold, ongeveer in dezelfde tijd verhandeld als 'zijn' in beslag genomen werken Wally en Tote Stadt. Verkoper was destijds galerie Kornfeld in Bern, die ze had aangekocht van een joodse emigrant. Als mogelijk 'omstreden', Amerikaanse eigenaren noemt Leopold onder meer het Allen Memorial Museum in Ohio, eigenaar van het doek Zwart meisje (1911), het Santa Barbara Museum in Californië, met een portret van Schiele's vrouw Edith (1915), en het Museum of Modern Art (MoMA) in New

York, dat een schilderij van Schiele bezit met de titel Meisje dat haar

schoenen aantrekt (1910). In het gesprek met Der Standard vraagt Rudolf Leopold zich af waarom de

Amerikaanse, openbare aanklager Robert Morgenthau alleen Tote Stadt als

roofgoed beschouwt, maar de overige werken - in musea en privébezit - ongemoeid heeft gelaten. Gisteravond, tijdens een discussie op de Oostenrijkse tv, had Leopold al verklaard dat hij nooit op onrechtmatige wijze schilderijen heeft verworven. “Het is allemaal een geldkwestie”, zei hij. “Als de erven

zeggen 'geld interesseert ons niet, wij willen rechtvaardigheid', dan kan ik alleen maar lachen. Neem nu de Amerikaanse Rita Reif, die de Tote Stadt opeist. Ze is wel een erg ver familielid van de oorspronkelijke bezitter, Fritz Grünbaum. Haar schoonvader was een neef van de vermoorde.” In hetzelfde programma zei een woordvoerster van Christie's: “En wij weten allemaal dat de musea in de hele wereld er anders uit zouden zien

als de Holocaust er niet was geweest. Maar wij moeten ook accepteren dat kunst zonder verleden niet bestaat.''