Netelenbos houdt vast aan brede vorming in VBO

HAARLEM, 12 JAN. Scholen voor voorbereidend beroepsonderwijs (VBO) moeten hun leerlingen niet meteen opleiden voor een beroep, maar zo veel mogelijk algemene vorming meegeven. Dit zei staatssecretaris Netelenbos (Onderwijs) gisteren tijdens een PvdA-bijeenkomst in Haarlem.

Netelenbos verzet zich tegen kritiek van haar partijgenoot, oud-staatssecretaris van Onderwijs, Job Cohen, die zaterdag in deze krant de nadruk op algemene vorming betreurde.

“Wij moeten voor VBO-leerlingen niet minder ambities hebben dan voor havo- of VWO-scholieren”, aldus Netelenbos gisteren. “Ik ben niet onder de indruk van mensen die de laatste tijd zeggen van wel.” Cohen, die deze maand afscheid nam als rector magnificus van de Universiteit Maastricht, zei zaterdag dat “je meer zou moeten mikken op handvaardigheden in het VBO. De nadruk op algemene vorming mag van mij minder”.

Cohen is één van de auteurs van de onderwijsparagraaf van het verkiezingsprogramma voor de PvdA. Partijgenoten noemen hem vaak als geschikte kandidaat voor het ministerschap van Onderwijs, mocht de PvdA dat departement opnieuw verwerven na de verkiezingen. Netelenbos heeft publiekelijk gezegd dat zij zelf minister van Onderwijs wil worden.

De werkgeversorganisatie in het midden- en kleinbedrijf, MKB Nederland, sluit zich aan bij de opvatting van Cohen over praktische vaardigheden. “Wij betreuren het dat de lobby voor algemene vorming zich voortzet”, aldus medewerker C. Hoogendijk. “Zwakke VBO-leerlingen kunnen beter zoveel mogelijk praktische vaardigheden leren. Als ze te algemeen worden opgeleid - ofwel employable worden zoals dat heet - missen ze juist de aansluiting met de beroepspraktijk.”

Ook de Onderwijsraad, het belangrijkste adviesorgaan van de minister van Onderwijs, liet Netelenbos eerder weten dat de vernieuwde examenprogramma's voor het VBO teveel theorie en te weinig handvaardigheid bevatten, waardoor ze te moeilijk zijn voor veel VBO-ers. Diverse Kamerleden sloten zich aan bij deze kritiek. Op het VBO en de mavo, die in de toekomst allebei onder de nieuwe wet VSO/VBO/mavo vallen, zitten in totaal 500.000 leerlingen, ofwel zestig procent van alle scholieren. De vernieuwde examenprogramma's voor het VBO en de mavo zal Netelenbos eind deze maand behandelen met de Tweede Kamer. Ze gaan vanaf het schooljaar 1999/2000 in, een jaar later dan Netelenbos eerst wilde.