Claim erven Goudstikker; Kamer vraagt Nuis om snelle opheldering

DEN HAAG, 12 JAN. Een meerderheid in de Tweede Kamer eist van staatssecretaris Nuis (Cultuur) spoedig opheldering over de claim van de erven Goudstikker tegen de Nederlandse Staat. Woordvoerders van VVD, D66 en PvdA willen dat Nuis duidelijk maakt hoe kansrijk de vordering is van zo'n 150 topstukken en een mogelijke schadeloosstelling.

Schoondochter Marei von Saher van de joodse kunstverzamelaar Jacques Goudstikker eist binnen vier weken de kunstwerken op uit diverse grote Nederlandse musea. Verder wil ze weten wat er precies is gebeurd met de overige kunstwerken uit de collectie van haar schoonvader, die uit ongeveer 1100 schilderijen bestond. Circa 150 daarvan werden na de oorlog geveild. De opbrengst van die geveilde stukken zou naar de schatkist zijn gegaan en Von Saher overweegt om schadeloosstelling te vragen.

De Nederlandse staat bezit nog ongeveer 150 topstukken uit de collectie Goudstikker, van onder anderen Steen, Rembrandt, Rubens, Mantegna en Lippi. Kunsthandelaar Goudstikker (1897-1940) liet de werken achter toen hij in mei 1940 probeerde Nederland te ontvluchten. Tijdens die vlucht kwam hij om het leven. Zijn kunsthandel werd door het in Nederland achtergebleven personeel overgedaan aan de Duitser Alois Miedl, die de kunstcollectie voor tweeënhalf miljoen gulden deels doorverkocht aan rijksmaarschalk Göring.

Van de ongeveer 1100 werken die de collectie Goudstikker omvatte, kwamen er na de oorlog zo'n 300 terug naar Nederland. De werken die niet geveild werden, de topstukken, gingen naar een aantal grote Nederlandse musea, waaronder Museum Boijmans Van Beuningen in Rotterdam, het Rijksmuseum in Amsterdam en het Bonnefantenmuseum in Maastricht.

De weduwe van Goudstikker, Dési, probeerde na de oorlog tevergeefs de schilderijen terug te krijgen. In 1952 trof ze een schikking met de Staat. Ze mocht één schilderij terugkopen en deed afstand van haar rechten aanspraak te maken op de rest. Dit om van een jarenlang slepende rechtszaak af te zijn. Schoondochter Marei von Saher probeert nu alsnog de werken terug te krijgen met het argument dat de in 1952 overeengekomen schikking onvrijwillig was. Vorige week stuurden haar advocaten van advocatenkantoor Caron & Stevens/Baker & McKenzie een aanmaning aan staatssecretaris Nuis.

Volgens een woordvoerder van diens ministerie is de claim nog niet gearriveerd. Eerder liet Nuis al weten dat hij de erven Goudstikker aanmoedigt een claim in te dienen. “Dan heb je in ieder geval iets om over te praten”, meent Nuis. De aanmaning zal na ontvangst met voorrang worden behandeld, waarna Nuis wettelijk verplicht is binnen zes weken met een reactie te komen. Wat de coalitiefracties in de Tweede Kamer betreft, moet Nuis zo snel mogelijk duidelijk maken hoe hij de claim zal behandelen. “Maar uiteindelijk is het een zaak voor de rechter”, meent het Kamerlid Lambrechts (D66).