Charmante Long met grimmige meningen

Voorstelling: Meer dan ooit, door Robert Long. Muziek o.l.v. Peter van der Zwaag. Regie-adviezen: Barry Stevens. Gezien: 10/1 in de Schouwburg, Gouda. Tournee t/m 16/3. Inl. (023) 5270490.

Toen hij twee seizoenen geleden na lange tijd in het theater terugkeerde met de solovoorstelling Nu, zei Robert Long in het programmaboek “een gezellige avond” na te streven. Daar was geen woord ironie bij; hij noemde het moderne cabaret een opeenvolging van loos lawaai, nihilisme, inertie, grofheid en gebrek aan menselijke emoties, en stelde daar een programma tegenover waarin vriendelijkheid en gevoeligheid de boventoon voerden. Van de schimpscheuten en het venijn van voorheen was weinig meer over.

Nu hij opnieuw op tournee is, met de voorstelling Meer dan ooit, lijkt Long de geëngageerde liedjeszanger van vroeger in evenwicht te hebben gebracht met de charmante entertainer die hij intussen óók is geworden. In het programmaboek bijt hij weer als vanouds van zich af tegen schrijnende misstanden, en in enkele praatjes en liedjes werkt hij die thema's nader uit: hoe paradoxaal het is een leger vredestaken op te dragen, hoe “harder en lelijker en cynischer” de wereld is geworden en hoe onzinnig het is ophef te maken van ontucht met kinderen, terwijl het vaak gewoon gaat over de vieze spelletjes die kinderen al sinds mensenheugenis met elkaar spelen. Wie echt kindermisbruik wil zien, verwijst hij grimmig naar oorlogs- en lage-lonen-landen.

Long weet die onderwerpen echter aan te snijden zonder de beschuldigende toon van de ouderwetse cabaretier aan te slaan; hij praat erover als in een gesprek onder geestverwanten en verbindt ze met een handvol onderhoudend vertelde jeugdervaringen. Zo passen ze, ondanks hun zwaarte, toch heel goed in de sfeer van charmante herinneringen aan de muziek uit zijn kinderjaren (een paar regels Veilig in Jezus' armen naast een moddervet stukje Fats Domino, een flard Wunderschönen Monat Mai naast een riedeltje Cliff Richard) en de soepel geschreven liefdesliedjes waarin hij nog steeds excelleert: “Wie zal de zon en de maan laten schijnen, zou jij verdwijnen / wie doet dat dan?”

Tegen de achtergrond van kantelende gaasdoek-panelen, die telkens een andere tint aannemen en helaas ook de vijf muzikanten iets te vaak aan het gezicht onttrekken, laat Robert Long zien dat zijn geprononceerde meningen niet misstaan in een voorstelling die zijn publiek verder vooral een genoeglijke avond moet bezorgen. En misschien heb ik het me verbeeld, maar ik kreeg de indruk dat hij zich daardoor de hele avond ook meer op zijn gemak staat te voelen dan in zijn vorige voorstelling.