Van Lanschot haalt hoogste, Rolinco laagste rendement; Topbeleggers missen hausse VS

Beheerders van beleggingsfondsen hebben het moeilijk in een sterk stijgende markt. Geen enkel fonds dat wereldwijd belegt in aandelen heeft de beurzen in Europa en Amerika kunnen bijhouden. Vooral de Aziatische belangen vreten aan het rendement.

Een kleine positie in het Verre Oosten is voor de beleggingsfondsen een eerste voorwaarde om hoog te eindigen op het rendementsoverzicht van onderzoeksbureau Iris. Een tweede eis is een sterke positie in de Verenigde Staten. Van Lanschot Global Equity Fund voldoet ruimschoots aan beide voorwaarden en dit fonds heeft dan ook - in de categorie wereldwijd beleggende aandelenfondsen - over 1997 de beste prestatie geleverd. Het vroegere Esmeralda behaalde een rendement van 40,2 procent. “De belangrijkste keuze is geweest dat we onze positie in Azië in de zomer hebben afgebouwd. In juli hebben we Maleisië en Singapore van de hand gedaan, terwijl de belangen in Hong Kong in september zijn verkocht. Van het totaal aan beleggingen hebben we nog maar 3 procent in Japan”, aldus vermogensbeheerder A. Zeldenrust van Van Lanschot.

Het winnende fonds, dat het wereldwijde rendement van de aandelenmarkt van 34,5 procent ruim heeft verslagen, heeft veel van zijn winst geboekt in de Verenigde Staten. “Wij zijn een van de weinige fondsen die niet bang waren voor een stijging van de rente. Veel concurrenten hebben niet meer dan 30 tot 40 procent van hun beleggingen in de Verenigde Staten, terwijl onze portefeuille voor 52 procent uit Amerikaanse aandelen bestaat”. Door de koerswinsten en nieuwe participanten is het vermogen in het afgelopen jaar met ruim de helft toegenomen tot 180 miljoen gulden.

Het rendement op Amerikaanse aandelen is met 53,8 procent veruit het hoogste, tegen 43,7 procent in Europa. Tekenend voor het Nederlandse beursklimaat is dat minder dan de helft van de twaalf fondsen die Iris rangschikt, het gemiddelde rendement van de Nederlandse beursfondsen (45,9 procent) haalt. Het gemiddelde van de aandelenrendementen in Europa (43,7 procent) en van Amerika haalt zelfs geen enkel beleggingsfonds. “Voorzichtigheid speelt je altijd parten in een snelstijgende markt”, zo is de veelgehoorde verklaring van vermogensbeheerders.

De winnaar van vorig jaar, het beleggingsfonds Obam van Fortis, moet over 1997 genoegen nemen met een tweede plaats. Volgens fondsbeheerder P. Stout, verantwoordelijk voor een belegd vermogen van 2,1 miljard gulden, zegt vooral zijn winst behaald te hebben in Nederland en Zwitserland. Die twee landen vormen bijna 40 procent van zijn portefeuille. “We hadden vorig jaar de indruk dat de dollar ondergewaardeerd was en dat bleek te kloppen. De munt werd geleidelijk aan duurder en daarvan hebben vooral de financiële waarden kunnen profiteren.”

Dat Obam dit jaar niet de eerste plaats bezet, heeft te maken met de beleggingen in Azië. Volgens Iris boekten de aandelen in het Verre Oosten over het afgelopen jaar een negatief rendement van 13,6 procent. “Jammer genoeg zijn we aanwezig in Azië, maar wel altijd heel voorzichtig. Door enkele verkopen en door de waardedaling is het Aziatische belang teruggelopen van 10 tot 6,5 procent. Daarvan zit driekwart in Hong Kong waardoor we, dankzij de koppeling met de dollar, geen valutarisico lopen.”

Veruit de minste prestatie over het afgelopen jaar is geleverd door Rolinco, een fonds van Rabo's Robeco-groep. Het rendement blijft met 18 procent een straatlengte achter op het gemiddelde dat de twaalf 'geselecteerde' fondsen van Iris boeken, namelijk 31,7 procent. “Onze aanwezigheid in het Verre Oosten - eerder dit jaar goed voor een derde van de portefeuille - heeft ons parten gespeeld. Verder hebben topfondsen als Motorola, Federal Express en Carrefour het minder gedaan dan gemiddeld,” zo stelt G. de Bruin van Rolinco. Ook heeft zijn fonds in het voorjaar het nodige verkocht omdat een daling op de beurs werd verwacht. “Maar dat heeft ons niet veel gekost, want in mei waren we al weer volbelegd.”

Ook over de afgelopen vijf jaar scoort Rolinco met een rendement van 14,5 procent laag, tegen 19 procent gemiddeld voor de Nederlandse beleggingsfondsen. “Maar vergeet niet dat heel wat markten in Azië al eind 1993 hun top hebben gehad. Japan laat op enkele uitzonderingen sinds 1989 geen groei meer zien”, aldus De Bruin.

Van een versnelling in uitstroom van kapitaal heeft Rolinco, met een belegd vermogen van 5,9 miljard gulden, niets gemerkt. Aan het begin van 1997 beschikte Rolinco over een vermogen van 5,6 miljard. Alleen al door het behaalde rendement zou dat bedrag nu op 6,6 miljard gulden moeten liggen. “We hebben last van een structurele uitstroom van kapitaal. Mensen willen liever een meer gefocuste portefeuille, wat regio of branche betreft.”

Verzekeraar Ohra boekt met zijn Aandelen Fonds het twee na slechtste resultaat. “Door de gekte van de beurs is de nadruk in het eerste halfjaar komen te liggen op de kwalitatief mindere fondsen, waarvan wij minder in portefeuille hebben. Door de onrust in Azië gaan de mensen weer terug naar kwaliteit waardoor wij wat goed hebben kunnen maken”, aldus fondsmanager J. Aardoom.

Hij blijft achter zijn strategie staan om alleen voor kwaliteitsfondsen te kiezen. “Niet dat ik het fijn vind dat we onderaan staan, maar als je kijkt naar de laatste vijf jaar, dan zie je dat we nog steeds hoog eindigen.”

Gekeken naar het rendement over de afgelopen vijf jaar staat het aandelenfonds van Ohra met een rendement van 20,3 procent op de derde plaats. Alleen Delta Lloyd (23,5) en Obam (21,9) hebben sinds 1992 beter gepresteerd. Toch zal de belegger vooral naar de meeste recente prestaties kijken. “Maar wij willen niet meedoen met de gekte”, vindt Aardoom. “Je mag best een jaartje wat lager eindigen.”

Over het lopende jaar zijn de fondsmanagers niet pessimistisch, maar een evenaring van de rendementen over 1997 zit er niet in. “Op de korte termijn blijven last houden van Azië”, stelt Zeldenrust van Van Lanschot. Ook Stout van Obam is bang het resultaat van 1997 niet te evenaren, ondanks de verwachting van nog een rentedaling met een kwart procentpunt. “Het wordt geen exceptioneel jaar. In de tweede helft van het jaar komen we in rustiger vaarwater waardoor uiteindelijk een jaarrendement van gemiddeld zo'n 10 procent behaald zal worden”.