Saga van Russische tsaren nadert ontknoping

Zijn de in 1991 in de Oeral ontdekte botten inderdaad die van de laatste Russische tsaar? Genetici over de hele wereld zijn daarvan overtuigd. Op enkele Russische na. Zij willen extra DNA-onderzoek doen op bloed van prinses Juliana.

MOSKOU, 10 JAN. Op een congres in de Historische Bibliotheek van Moskou wordt hij aangekondigd als “een man met een belangrijke boodschap”. Dr. Jevgeni Rogajev staat aan het hoofd van een DNA-laboratorium dat onder de Russische Academie van Wetenschappen valt. Er is, zegt hij, iets vreemds aan de hand met het erfelijke materiaal dat is gewonnen uit de botten die zeven jaar geleden zijn opgegraven in de buurt van de stad Jekaterinenburg in de Oeral - de plek waar in juli 1918 de tsarenfamilie op bevel van Lenin was geëxecuteerd. De skeletten zijn officieel geïdentificeerd als die van tsaar Nicolaas II, tsarina Alexandra, hun dochters Olga, Tatjana en Anastasia, de lijfarts, de kok en twee bedienden. De lichamen van kroonprins Aleksej en zijn zus Maria ontbraken.

Drie onafhankelijke DNA-analyses hebben forensisch antropologen over de hele wereld ervan overtuigd dat er geen vergissing of persoonsverwisseling in het spel kan zijn. Behalve dan Rogajev en een groep historici, gesteund door verontruste monarchisten en gelovigen.

De vermaarde Forensic Science Service in Londen heeft via een bloedmonster de 'genetische vingerafdruk' van de Britse prins Philip (een achterneef van de tsarina) vergeleken met die van de tachtig jaar oude botten. De onderzoekers stelden 'met 98,5 procent zekerheid' vast dat het om de keizerlijke resten ging. Ook kon worden aangetoond dat er een vader, moeder en drie dochters gevonden waren.

Voor veel Russen - die het grootste deel van de eeuw zijn belogen - laat een percentage van 98,5 voldoende ruimte over voor twijfel en wilde speculatie. Aanvullend onderzoek, waarvoor in 1994 zelfs het lijk van de broer van de tsaar, Georgi, uit de familietombe in St. Petersburg was gelicht, bevestigde de authenticiteit. “We hebben nu 99,9 procent zekerheid en dat is meer dan genoeg', zegt Viktor Aksioetsjits, de woordvoeder van de speciale staatscommissie die later deze maand president Jeltsin zal adviseren over datum en plaats van de herbegrafenis.

Maar Rogajev en zijn aanhangers blijven de autoriteiten en de buitenlandse onderzoekers wantrouwen. Om ook de meest sceptische Russen (en zichzelf) te overtuigen, willen zij nog een contra-expertise uitvoeren. “Er bestaat een grote behoefte aan aanvullend onderzoek voordat de restanten begraven worden”, zegt Rogajev. Dit is waar het Nederlandse Koningshuis in het vizier komt: prinses Juliana is namelijk zowel via haar vader (prins Hendrik, een achterachterkleinkind van tsaar Paul I) als moeder (koningin Wilhemina (een achterkleinkind van tsaar Paul I) verwant aan de laatsten der Romanovs.

Daarom dus zou Rogajev het DNA van de Oranjes willen vergelijken met het botmateriaal, waartoe hij “directe toegang” heeft. Een plukje haar of een bewaard gebleven (melk-) tand van Anna Paulowna - de tsarendochter die met koning Willem II trouwde en de oma is van koningin Wilhelmina - zou het mooiste zijn. Maar om te beginnen wil de geneticus prinses Juliana om een monster van haar bloed verzoeken. “De eerste stap is het akkoord van de prinses”, zegt hij.

Zijn voornemen om het Nederlandse vorstenhuis bij de identificatie te betrekken, wordt ondersteund door dr. Vjatsjeslav Popov. Hij is medisch gerechtsdeskundige en lid van de commissie van experts die in opdracht van president Jeltsin het gebeente nog een laatste keer onderzoekt. “We moeten elke mogelijkheid voor extra onderzoek aangrijpen, want de commissie staat op het punt een overhaaste conclusie te trekken”, zegt Popov.

Popov neemt binnen het onderzoeksteam een minderheidspositie in. “Waarom nu pas? Waarom zo laat? Waarom deze nieuwe marteling?”, vraagt woordvoerder Aksioetsjits zich af. “Er zullen altijd mythes rond deze kwestie blijven bestaan. Maar daar kunnen we geen rekening mee houden. Wij beperken ons tot de feiten, en die spreken met overtuiging.”

De moleculair geneticus dr. Peter de Knijff van de Rijksuniversiteit Leiden beaamt dat honderd procent zekerheid niet te krijgen is. Maar na wat rekenwerk noemt hij het plan van Rogajev en de zijnen “niet vergezocht”. Hij verwacht dat een analyse van het erfelijk materiaal van prinses Juliana de conclusies van eerder onderzoek zullen versterken. En als daaraan behoefte is, dan wil De Knijff dat onderzoek wel in Leiden uitvoeren.

Intussen begint het er in Rusland steeds meer op te lijken dat de nakende herbegrafenis (op z'n vroegst in maart) de tsarenfamilie geen rust zal bezorgen. Er wordt zo gesleept en gesold met de stoffelijke resten dat een Moskouse krant al sprak van “de tweede moord op Nicolaas II”. Spannend is het allemaal wel, want naar verwachting zal Jeltsin snel handelen nadat de commissie haar conclusies heeft gepresenteerd.

De tsarensaga - met aktes als de gevangenneming in 1917, de verbanning naar Jekaterinenburg, de executie met Mauserpistolen, het dumpen van de lichamen in een ondiep gat onder spoorbielzen in de Oeral, de vondst van het graf in 1979 door amateur-geologen, de opgravingen in 1991, de identificatie van de geraamtes - lijkt met de op handen zijnde ter aarde bestelling een ontknoping te naderen.

In december is er een begin gemaakt met het overbrengen van de broze beenderen uit het mortuarium in Jekaterinburg naar Moskou. Hoewel er een speciale gepantserde trein was gestuurd, ging er van alles mis. Eerst weigerde de goeverneur van de Oeral-regio, die een belangrijke toeristische trekpleister verloren zag gaan, de skeletten vrij te geven. Toen verdween er plotseling een wervel van skelet nummer 4, dat van Nicolaas II. Gestolen door een Britse televisieploeg, vermoeden de bewakers. Vervolgens ontbrandde er discussie over de vraag: Is het heiligschennis om delen van een keizerlijk geraamte te vervoeren, en andere delen achter te laten? De Russische orthodoxe kerk overweegt al jaren de heiligverklaring van Nicolaas II. Hoe gehaat hij ook was, de laatste tsaar is uitgegroeid tot een martelaar. Maar de patriarch van de Russisch-orthodoxe kerk houdt liever een slag om de arm, dan dat hij de verkeerde botten zegent.

“Als de staatscommissie zo overtuigd is van haar gelijk, waarom behandelen ze de restanten dan niet meer respectvol?”, vraagt Olga Romanova, weduwe van een neef van de laatste tsaar, zich af op het congres van twijfelaars. Het is waar: als de geneticus Rogajev het woord krijgt, preekt hij voor eigen parochie. “Het onderzoek dat tot nu toe is gedaan”, zegt hij, “is niet uitputtend.” En ook dat is waar.