MAGER IDEE (2)

De apostelen van de 'gevestigde' voedingsleer volharden in het onderuithalen van de 'methode-Montignac'. Zonder succes overigens. Zo ook prof.dr.ir. W. Saris in samenwerking met Wim Köhler (W&O van 20 december).

Professor Saris meent dat de methode-Montignac werkt via beperkte energieopname. Hij meent dit aan te kunnen tonen door één week recepten uit Montignacs boek 'Mijn recepten uit de Provence' door te rekenen. Deze dagmenu's leveren tussen de 1082 en 2090 kcal/dag, gemiddeld 1782kcal/dag. Dat is wel een energiebeperkt dieet, maar niet genoeg om er een gewichtsverlies van meer dan 2 kilo per week mee te verklaren. Bovendien blijkt dat iemand die uitsluitend het scheidingsprincipe toepast, zonder openergie-inname te letten, ook dergelijke resultaten bereikt. Ik heb zelf een gewichtsverlies van 23 kilo gerealiseerd met een 'mager' ontbijt, een 'vette' lunch en een 'vet' diner. Geschatte dagelijkse calorieopname: 2500 kcal. De arts Machteld Huber heeft haar Montignac-dieet exact doorgerekend, en realiseerde met een 'toename' van haar dagelijkse energieopname van 2100 naar 2500 kcal een gewichts'afname' van 6 kilo in 6 weken (Jonas Magazine, december 1997, p. 44-47). Ook komt prof. Saris er naar mijn mening niet uit met de verklaring dat een eiwit extra energie vraagt voor de omzetting in vetweefsel. Als ik uitga van de tabel in het artikel in deze krant, dan levert een week 'Montignac' 425 g eiwit 'te veel'. Volgens Saris' eigen gegevens zou dit 4x425=1700 kcal zijn; per 100 kcal evenwel gaat er 35 kcal verloren bij opslag in de vorm van vet. Dan komt dit energieverlies slechts neer op 595 kcal per week. Niet onaardig, maar nogmaals onvoldoende om er het succes van Montignac mee te verklaren. Ik moet overigens opbiechten dat ik uiterst sceptisch was toen ik in 1992 kennismaakte met de theorieën van Michel Montignac. Ik werkte toen als docent voedingsleer en hygiëne aan de Hotel Management School in Leeuwarden, en ik zag geen enkele reden tot twijfel aan het calorieën-paradigma. Alleen mijn eigen vergeefse lijnpogingen en gestaag uitdijende gestalte vormden niet een beste reclame voor mijn eigen lesstof. Het waren domweg successen in mijn eigen omgeving en mijn eigen goede resultaten die mijn scepsis hebben doen verdwijnen. Verklaring? Misschien complexer dan het model dat Montignac beschrijft. Zou het niet zinvol zijn om in Wageningen of Maastricht het werkingsmechanisme van de methode-Montignac te ontrafelen? Dat lijkt mij nuttiger dan voortdurend uitleggen waarom de methode volgens de theorie niet werken kan. Als de feiten de theorie logenstraffen, dan kan men het beste de theorie aanpassen. Aanpassen van de feiten is niet zo eenvoudig. Via e-mail