Grote voorsprong op rivalen; Ritsma mag zich kleine val permitteren

HELSINKI, 10 JAN. Met een overwinning op de 5.000 meter en een tweede plaats op de 500 meter heeft Rintje Ritsma gisteravond in Helsinki de basis gelegd voor zijn vierde Europese allroundtitel. Bij de vrouwen gaf de Duitse Claudia Pechstein met haar zege op de 500 meter de aanzet tot een voorspelbaar verloop van het Europees kampioenschap.

Door de afwezigheid van titelhouder Ids Postma, die zich niet kwalificeerde voor het EK, lijdt het toernooi op de onoverdekte Oulunkylä-baan aan een gebrek aan spanning. Ritsma: “Met Ids erbij zou het tussen hem en mij zijn gegaan.” Met een riante voorsprong van ruim vijf seconden op de nummer twee in het klassement na twee afstanden, de Italiaan Roberto Sighel, begint Ritsma vandaag aan de 1.500 meter. Beide schaatsers hebben in de veertiende rit tegen elkaar geloot.

Zonder Postma, die Ritsma vorig jaar achtereenvolgens in Heerenveen en Nagano van de troon stootte als Europees en wereldkampioen, hoeft Ritsma niet eens voluit te rijden. “Voor de race stel je je er al op in dat je niet helemaal diep gaat”, zei Ritsma na afloop van de 5.000 meter. Hij hoopt dat de voorsprong op zijn concurrenten vandaag na de 1.500 meter zo groot zal zijn dat hij de 10.000 meter morgen als “een goede trainingsrit” kan rijden. Op de metrische mijl is Ritsma in Helsinki de grote favoriet. Op die afstand is hij sinds een maand weer in het bezit van het wereldrecord, 1.48,88 minuut.

Ritsma kan zich vandaag of morgen zelfs nog een “hele nette val” permitteren. Wanneer hij voor het laatst gevallen is? Hij kan het zich met moeite herinneren: “Dat was bij het NK in Assen, in 1995, op de vijf kilometer. Al direct na de start ging ik toen op een blokje staan.” De titel kan hem na de eerste dag niet meer ontgaan. “Nog nooit heb ik zo'n grote voorsprong gehad”, constateerde de Europees kampioen van 1994, 1995 en 1996. “Ik rijd wel voor de titel, maar ik wil vooral technisch goed rijden. Dan komt die titel vanzelf.”

Ritsma eindigde gisteren op de 500 meter als tweede, achter de verrassende Italiaanse winnaar Ermanno Ioriatti. “Ik zat naar zijn naam op het bord te kijken en dacht, wie is dat dan?”, zei Ritsma. Het goed georganiseerde toernooi kende door sneeuwval een sfeervol begin, maar door Ritsma's goede openingsrace was het EK direct van zijn spanning beroofd. Met zijn tijd van 37,85 seconden was hij slechts driehonderdste van een seconde langzamer dan Ioriatti. De Italiaanse sprintspecialist moest zijn inspanning eerder op de dag bekopen met een twintigste plaats op de vijfduizend meter.

Ritsma opende op deze afstand snel, hij nam een voorsprong op de tussentijden van Bart Veldkamp. “Een raar gevoel. In het begin reed ik gemakkelijk rondjes van 32 seconden. Na 3000 meter was het verval ineens een halve tel. Terwijl ik niet stuk zat.” Aan het eind hield hij net voldoende tijd over om Veldkamp achter zich te houden. “Al met al een goede race van mij. Ik zit kennelijk een paar niveaus boven de rest.”

Ritsma leefde deze week in alle rust naar de titelstrijd toe. Net als de meeste deelnemers in Helsinki geeft hij prioriteit aan de Olympische Spelen in Nagano. “Ik hoef er pas over een maand te staan. Ik heb al te vaak meegemaakt dat ik in februari niet meer zo hard ging. Hier wil ik alleen mijn races technisch zo goed mogelijk afwerken.”

Na twee afstanden bezet Falko Zandstra de derde plaats. De Fries stelde teleur op de vijf kilometer, waarop hij ruim zeven seconden boven zijn eigen baanrecord van 1992 bleef. Sinds gisteren staat het record op naam van Ritsma, die op de vijf kilometer Bart Veldkamp juist voor bleef. Zandstra zag gisteren één lichtpuntje: hij was sneller dan Jelmer Beulenkamp, die hem drie weken geleden bij de NK afstanden op de 5.000 meter nog aftroefde. Zandstra bezet de derde plaats na twee afstanden, achter Ritsma en Sighel. De 20-jarige Beulenkamp staat als debutant keurig zesde.

Marnix ten Kortenaar verzekerde zich met zijn zesde plaats op de vijf kilometer van een startplaats op die afstand in Nagano. Hij schaatst met een Oostenrijkse licentie. Ten Kortenaar, de trainingsmaat van Bart Veldkamp, moest van het IOC in Helsinki een tijd onder de zeven minuten en 2 seconden rijden. Daarnaast stelde het Oostenrijks olympisch comité nog de eis van een plaats bij de eerste twaalf op de vijf kilometer van een groot evenement.

De 27-jarige Ten Kortenaar slaagde in beide opzetten. “Officieel moet ik nog worden aangewezen, maar op het gebied van de limieten kunnen ze me nu niets meer maken”, stelde hij na afloop. “Ik heb mijn hele leven getraind met één doel voor ogen: ooit aan de Olympische Spelen meedoen. Dat gaat nu gebeuren. Na mijn trainingskamp in Zuid-Afrika komt er dus het grootste sportevenement in Japan bij.”

In het vrouwentoernooi won stayer Claudia Pechstein voor het eerst in haar carrière de 500 meter, in 41,61 seconden, voor Annamarie Thomas. De Friezin zat er als beste sprinter van het gezelschap een beetje sip bij. “Normaal gesproken pak ik een halve seconde of meer op haar”, zei Thomas over Pechstein. “Het zal heel moeilijk worden om haar nog van de titel af te houden.”

Met een gedeelde zevende plaats had titelhoudster Tonny de Jong weinig reden voor optimisme over het vervolg van het toernooi. Ze werd gedeeld zevende. “Voor mijn doen was dit acceptabel. Ik had wel moeite om grip op het ijs te krijgen.” Al lang voor de EK had De Jong zich verzoend met de gedachte dat het onmogelijk zou zijn haar titel met succes te verdedigen, ook niet bij afwezigheid van Gunda Niemann. “De andere Duitse meiden rijden ook hartstikke goed. En ik heb buiten meer moeite om goed te schaatsen dan binnen.”