Philips erkent afgifte anti-Israelverklaring

ROTTERDAM, 9 JAN. Philips geeft bedrijven die daarom vragen een verklaring af dat geleverde goederen niet afkomstig zijn uit Israel en evenmin materialen bevatten die uit Israël afkomstig waren. Volgens een woordvoerder van het bedrijf is het afgeven van een dergelijke anti-Israelverklaring “de economische realiteit”.

Het verschijnsel van de anti-Israelverklaring dateert uit de periode van de boycot tegen Israel door de Arabische landen. Na het sluiten van de Oslo-akkoorden, enige jaren geleden, beloofden de Arabische landen hun boycot tegen Israel te staken.

In de praktijk vragen Arabische landen volgens Philips toch vaak om een zogenoemde 'negatieve goederenverklaring' die betrekking heeft op Israel. Dat Philips daaraan tegemoetkomt is volgens de woordvoerder in het internationale bedrijfsleven geen uitzondering. Philips vindt het 'niet prettig' een dergelijke verklaring af te geven, maar “de economische realiteitszin” dwingt het bedrijf daartoe, aldus de woordvoerder.

Philips deed zijn uitspraken over het afgeven van anti-Israelverklaringen - die tot 1997 bij de overheid moesten worden gemeld - vanmorgen naar aanleiding van een publicatie in het Nieuw Israelitisch Weekblad (NIW) van deze week. Het NIW publiceerde een verklaring aan een Philips-vestiging in Dubai die in november werd afgegeven door Philips Domestic Appliances and Personal Care in Groningen. Het ging om goederen die vanuit Dubai verscheept zouden worden naar een bestemming in Afrika.

De stelling van het NIW dat Philips meewerkt aan een boycot van Israel noemt de woordvoerder 'onzinnig'. Philips' tweede man D. Eustace bracht eind vorig jaar nog een bezoek aan Israel om zich te oriënteren op de investeringsmogelijkheden in het land. “Wij hebben contacten op het hoogste niveau”, aldus de woordvoerder.

Volgens het Nieuw Israelitisch Weekblad heeft Philips' topman Boonstra tegenover de Israelische ambassadeur Yossi Gal verklaard dat het “absoluut absurd” is dat de negatieve goederenverklaring is afgegeven. Het tijdschrift meldt dat Boonstra de ambassadeur heeft toegezegd uit te zoeken hoe dit heeft kunnen gebeuren. Een Philipswoordvoerder kan deze uitspraak niet verklaren.