Kroaat Zubak: 'Onderhandelen met Serviërs vaak makkelijker dan met moslims'; Steeds meer animositeit in federatie Bosnië

Het rommelt binnen de Bosnische federatie, de territoriale entiteit die 51 procent van Bosnië beslaat. De toch al haperende samenwerking tussen de Bosnische Kroaten en de moslims slaat steeds duidelijker om in vijandschap. De Kroaten lijken zich tegen de Serviërs aan te schurken.

ROTTERDAM, 9 JAN. In november onthulde de regering van Kroatië vergaande plannen voor wat werd genoemd een intensivering van de samenwerking met de Bosnische federatie. Ze omvatten voorstellen voor een douane-unie, een muntunie, de instelling van een economische vrijhandelszone en veel gemeenschappelijks op het gebied van onderwijs, cultuur en wat dies meer zij.

Op het eerste gezicht leek het een loffelijk initiatief, omdat van de kant van Kroatië tot dan toe maar bitter weinig was ondernomen om Bosnië op welke manier dan ook te helpen bij de wederopbouw, inclusief die van de verwoeste economie. Maar dat was niet meer dan een eerste indruk, want bij nadere beschouwing bleek het initiatief weinig meer te zijn dan een zeepbel, voornamelijk bedoeld om Bosnië als eenheidsstaat verder te ondergraven.

Een monetaire unie immers tussen Kroatië en de Bosnische federatie is onmogelijk omdat Bosnië geen alom geaccepteerde munt heeft - in de federatie circuleren de Duitse mark, de Kroatische kuna en de Bosnische dinar. Belangrijker nog: de Bosnische federatie is net zo min als de andere territoriale entiteit van Bosnië, de Servische Republiek, een soevereine staat en kan derhalve geen afzonderlijke verdragen met buurlanden sluiten (al doet de regering van de Servische Republiek dat in het kader van de actie 'saboteer-Dayton' wel). Het monetaire beleid van Bosnië (inclusief de delen daarvan) valt onder de bevoegdheden van de centrale regering in Sarajevo; zij alleen kan tot zo'n munteenheid besluiten. Dat geldt evenzeer voor de voorgestelde douane-unie en voor de grenscontroles: de Bosnische federatie heeft daar niets over te vertellen.

Geen wonder dat de partners van de Bosnische Kroaten in de federatie, de moslims, het plan direct veroordeelden als een poging de Kroaten en de moslims in Bosnië verder uiteen te drijven. Carlos Westendorp, internationaal Bosnië-gezant, had er maar één woord voor: “onaanvaardbaar”. De grote Bosnië-conferentie in Bonn wees vorige maand het initiatief van Zagreb even vastbesloten van de hand.

Sindsdien zijn de betrekkingen tussen de moslims en de Kroaten in Bosnië er niet beter op geworden. De leider van de Bosnische Kroaten, Kremir Zubak - namens de Kroaten lid van het Bosnische staatspresidium - beklaagde zich begin deze week in een vraaggesprek met het Kroatische blad Globus bitter over de moslims. Hij zei dat “het probleem van de Kroaten [in Bosnië] is dat ze met de moslims in een federatie zitten”. De moslims, aldus Zubak, proberen de federatie te domineren. Ze verhinderen tienduizenden Kroatische vluchtelingen naar hun woonplaatsen terug te keren en proberen van Sarajevo - volgens het vredesakkoord van Dayton een multi-etnische stad - een pure moslimstad te maken. Sterker nog: Zubak vond het “vaak makkelijker” te onderhandelen met Momlo Krajiik, die namens de Bosnische Serviërs in het Bosnische staatspresidium zit, dan met zijn formele bondgenoot Alija IzetbegoviEÉc, moslim-lid en voorzitter van het staatspresidium. De Bosnische Kroaten en de Bosnische Serviërs, aldus Zubak, hebben een gemeenschappelijk belang: ze moeten samen verhinderen dat de moslims slagen in hun pogingen de gemeenschappelijke instellingen van Bosnië te domineren.

Het was voor het eerst sinds begin 1994, toen de moslim-Kroatische oorlog in Bosnië werd beëindigd en de federatie werd gevormd, dat in dergelijke vergaande bewoordingen over de relatie tussen de moslims en de Kroaten in Bosnië werd gepraat. De Bosnische moslims reageerden kwaad. De belangrijkste adviseur van president IzetbegoviEÉc, Mirza HajriEÉc, zei tegen het blad Dnevni avaz dat de opmerkingen van Zubak de neerslag vormen van de “lange-termijnplannen” van de Kroatische president Franjo Tudjman en de Joegoslavische president Slobodan MiloviEÉc: zij zouden nog altijd uit zijn op de verdeling van Bosnië tussen hun beide landen.

Eind december had president IzetbegoviEÉc al heel boos gereageerd op uitlatingen van de Kroatische president Tudjman in de Italiaanse krant Corriere della Sera. In dat vraaggesprek verweet Tudjman de moslims een “duidelijke wens Bosnië te islamiseren”, zei hij dat in Bosnië 174 moskeeën worden gebouwd “maar katholieke kerken worden vernield” en citeerde hij met kennelijke instemming Henry Kissinger: “Als Joegoslavië wordt ontmanteld, hoe kan Bosnië dan bijeenblijven?”

Ook recente wijzigingen van de Kroatische grondwet, als gevolg waarvan in dat document de moslims niet langer als minderheid in Kroatië worden genoemd, hebben de relaties tussen Zagreb en Sarajevo verder verzuurd.

De opmerkingen van Zubak kunnen mede zijn ingegeven door het gevoel bij de Bosnische Kroaten niet afdoende meer te zijn vertegenwoordigd in de leiding van de federatie en van heel Bosnië, afgezien van Zubak zelf als lid van het staatspresidium dat door de moslim IzetbegoviEÉc wordt voorgezeten. Eind december moest de Bosnische Kroaat Vladimir ljiEÉc als president van de federatie plaatsmaken voor de moslim Ejup GaniEÉc, de vroegere vice-president van Bosnië. Dat was een reguliere aflossing, maar die had voor de Kroaten wel de consequentie dat de federatie voor het eerst sinds de vorming in 1994 door een moslim wordt geleid. ljiEÉc klaagde al tijdens de overdrachtsplechtigheid dat de Bosnische Kroaten in de leiding van de federatie én in de leiding van Bosnië niet meer zijn vertegenwoordigd - waarbij hij zijn eigen leidsman, Kremir Zubak, co-president, even vergat.