Kiezen tussen boeken en waslijn

Wilfried Hendrickx: Het infrarood en het ultraviolet. Houtekiet/De Prom, 329 blz. ƒ 34,90

Het infrarood en het ultraviolet is een sleutelroman over het Vlaamse journalistieke en literaire wereldje. Dat klinkt niet als een aanbeveling, want wat heb je aan een sleutelroman als je de personages niet onder hun echte namen kent? Toch doet dat er bij dit boek niet toe. Deze eerste roman van Hendrickx, die kortgeleden debuteerde met de verhalenbundel De grote schoonmaak, heeft een knap geconstrueerd plot en is geschreven in een soepele stijl die dwingt tot doorlezen.

Richard Godemont, de hoofdpersoon, is een journalist met gefrustreerde literaire ambities. Hij werkt bij De Roos, een linkse krant die onder de nieuwe eigenaar moet veranderen in een soort Vlaamse Telegraaf. Het idool van Godemont is Maximiliaan Malbrain, de 'Grote Kraker', de 'schrijver van het kwaad', de collega van Gary Rubbish en Vincent van den Droom. De figuur Malbrain, schrijver van boeken als Onder misantropen en Missionarissen aan het spit, is min of meer gebaseerd op W.F. Hermans, zij het een karikatuur van Hermans, geen portret. Godemont is geobsedeerd door een verdwenen verhaal van Malbrain uit de jaren vijftig, getiteld 'Het infrarood en het ultraviolet'. Hij bereidt zich al jaren voor op het ultieme vraaggesprek met Malbrain, maar de schrijver is onbereikbaar in zijn villa in Zuid-Frankrijk.

Op het moment dat zijn vrouw vermoord wordt ontmoet Godemont op een bedrijfsfeest het zwarte fotomodel Apollonia, die niet veel later bij hem intrekt. Apollonia is het tegendeel van Malbrain; de ideale liefde versus het ideale, compromisloze schrijverschap. Zij staat voor het goede en het schone; Malbrain voor het inzicht in de verschrikkelijke waarheid van een kwade wereld, vol slachters en slachtoffers. In de woorden van Malbrain: 'Een schrijver hoort te kiezen: tussen een boek of een vrouw, tussen een oeuvre of een dozijn luiers aan de waslijn.'

Als Godemont een openbaar interview met Malbrain bezoekt, vallen hem de schellen van de ogen. De schrijver blijkt een oude zuiplap die zich uitslooft voor het publiek. Alle reputaties worden gaandeweg het verhaal afgebroken. Malbrain, Apollonia en zelfs Godemont zijn niet wat ze lijken. De bewondering van Godemont voor Malbrain slaat om in rancune. Godemont wil ook lezers om te overheersen en aanbeden te worden. Daarvoor moet hij zijn literaire vader vermoorden: 'De keizer wordt altijd door zijn hovelingen geslacht. (...) Wat ik echt wil, is de overname van zijn bedrijf'.

Het lukt hem een interview te regelen met Malbrain. Godemont steelt tijdens het interview een aantal typoscripten, waaronder dat van 'Het infrarood en het ultraviolet'. Maar zijn overwinning blijkt een mislukking. De zoektocht van Godemont naar het ware schrijverschap en de ware liefde wordt zijn ondergang omdat hij niet kan kiezen.

Godemont denkt in het begin dat achter het sadisme en de mensenhaat van Malbrain een warm, medelijdend hart schuilgaat. Maar later ontwaart hij niets anders dan de 'kwade wil' en het 'moreel sadisme', die hij als de belangrijkste ingrediënten van zijn schrijverschap beschouwt. Schrijvers als Malbrain bieden geen troost. Ze halen de zweep te voorschijn. En hun adepten zijn 'psychologische masochisten'. De Multatuliaanse publieksverachting is hier ver doorgevoerd en tot literaire stelregel verheven.

Hendrickx deelt de literaire opvattingen van Godemont, kunnen we na lezing van deze roman concluderen: hij heeft niets goeds met zijn personages voor. In de loop van het verhaal ontdoet hij ze van alle beschaving en moraal, en toont ze in hun naakte, door driften bestuurde staat. Misschien heeft Hendrickx ook wel niets goeds voor met zijn lezers. Misschien wil hij net als Godemont en Malbrain zijn lezers geselen, en is hij op zoek naar lezers die gegeseld willen worden. Hendrickx slaat hard, en vaak raak, maar nog niet hard genoeg om echt pijn te kunnen doen.