Sancties VS tegen Total blijven mogelijk

ROTTERDAM, 8 JAN. Amerikaanse sancties tegen de Franse oliemaatschappij Total en haar partners Gazprom (Rusland) en Petronas (Maleisië) blijven “een serieuze mogelijkheid”. Dat heeft de Amerikaanse onderminister van Handel Stuart Eizenstat gisteren in Washington gezegd.

De Amerikaanse regering onderzoekt nog steeds of Total, Gazprom en Petronas de sanctiewet tegen Iran en Libië overtreden met hun overeenkomst over de winning van aardgas op grote schaal op Iraans grondgebied in de Golf. Met dat contract is een investering van 2 miljard dollar gemoeid. Volgens de Amerikaanse sanctiewet die is gericht op economische isolatie van Iran en Libië kunnen bedrijven die voor meer dan 40 miljoen dollar in Iran of voor 20 miljoen in Libië investeren, gestraft worden. Iran wordt door de VS geboycot wegens de steun die het regime in Teheran aan terroristische organisaties zou geven, de snelle opbouw van wapenarsenalen waarmee Iran de regio zou kunnen bedreigen en de afwijzing van het vredesproces in het Midden-Oosten. Teheran ontkent de Amerikaanse beschuldigingen.

Het Amerikaanse Congres oefent niettemin sterke druk uit op de regering-Clinton om de wet ook in het geval van het Total-contract toe te passen. Onderminister Eizenstat zei gisteren dat sancties “een reële mogelijkheid blijven, in het geval de activiteiten strafbaar blijken te zijn”.

Intussen voert de onderminister van Buitenlandse Zaken Thomas Pickering in Parijs gesprekken over de Franse visie op het vredesproces in het Midden-Oosten, de kwesties Irak en Iran en de overeenkomst van het Total-consortium met Iran.

Nu de Iraanse president heeft aangedrongen op een dialoog met de VS zouden Amerikaanse sancties tegen Europese ondernemingen die in Iran investeren slecht vallen bij de Europese regeringen. De Europese Unie is eensgezind in haar afwijzing van toepassing van Amerikaanse wetgeving buiten de Verenigde Staten. Washington heeft eerder toegegeven dat de sanctiewetgeving als instrument om de Europese partners te bewegen tot een collectieve boycot van Iran tot nu toe heeft gefaald.

Maar de regering handhaaft “uit principe” haar beleid ten opzichte van Iran, zei woordvoerder James Rubin van het ministerie van Buitenlandse Zaken gisteren. Een speciale werkgroep onderzoekt inmiddels wel hoe strafmaatregelen in het buitenlands beleid meer effect kunnen sorteren.