Marjorie Mowlam; Moedig en te lief

LONDEN, 8 JAN. Ze heeft de gewoonte om tijdens vergaderingen haar schoenen uit te schoppen. Ze kauwt kauwgom. Eerder dit jaar shockeerde ze Amerikaanse journalisten door de pruik af te trekken die ze draagt sinds haar blonde haar vorig jaar bij de bestraling van een hersentumor was uitgevallen. Omdat het geval kriebelde en ze er schoon genoeg van had de hele dag met dat rotding rond te lopen. De aanpak van de 48-jarige Marjorie ('Mo') Mowlam, Brits minister voor Noord-Ierland, is steeds onorthodox geweest.

Het contrast met haar Conservatieve voorganger, de stijve Sir Patrick Mayhew, kon nauwelijks groter zijn. Met zijn bekakte stem, zijn formele opstelling en zijn natuurlijke afstandelijkheid was Mayhew voor veel Noord-Ierse nationalisten het prototype van de Britse overheerser. Ook unionisten vonden hem hooghartig en klaagden dat hij zo moeilijk benaderbaar was. Bij Mowlam daarentegen staat de deur altijd open. Belangenorganisaties geeft ze de telefoonnummers waar ze ook 's avonds gebeld kan worden. Ze raakt makkelijk mensen aan, wat in Britse politieke kringen nog altijd ongebruikelijk is. Maar haar lichamelijkheid, directheid en tarten van conventies worden niet door alle Noord-Ierse politici gewaardeerd. Met name de unionisten vinden dat ze te 'huggy-wuggy lovey-dovey' is, te lief en te klef en te zacht. Ze verwijten haar dat ze zelfs terroristen in haar armen sluit.

Bij het grote publiek heeft ze alleen maar bewondering geoogst voor de moed waarmee ze zowel het Noord-Ierse vredesproces als haar tumor tegemoet getreden is. Veel Britse kranten en omroepen kozen haar vorige maand tot 'vrouw van het jaar'. Voordat ze in mei vorig jaar minister voor Noord-Ierland werd, had ze zich met medewerking van de Conservatieve regering al twee jaar op die functie voorbereid. Daardoor was ze het best voorbereide lid van het nieuwe Labour-kabinet.

In de afgelopen acht maanden heeft ze grote daadkracht en deskundigheid getoond, al werd ze beurtelings door nationalisten en unionisten fel bekritiseerd. “Gezocht wegens bedrog en misleiding”, kalkten nationalisten in juni boven een muurschildering van Mowlam, nadat ze een protestantse optocht door een katholieke wijk in Portadown had laten trekken. De laatste maand is ze onder hevig vuur gekomen van de unionisten, die haar verwijten dat ze alleen maar concessies aan het verboden Ierse Republikeinse Leger (IRA) doet. Het Lagerhuislid Ken Maginnis van de Ulster Unionist Party, de grootste protestantse partij van Noord-Ierland, heeft intussen herhaaldelijk haar aftreden geëist.

Mowlam noemt zichzelf “een kameleon”, niet in opvattingen maar in verschijning. Ze geniet ervan dat ze voor veel Britten moeilijk te plaatsen is. Ze wisselt net zo makkelijk van dialect als van kleding. Die ongrijpbaarheid schrijft ze toe aan haar afkomst - lagere middenklasse - waardoor ze “wortelloos” is.

Ze studeerde sociale antropologie aan de universiteit van Durham. Een periode die ze ook gebruikte om joints te roken en haar kamer met een portret van Jimi Hendrix te versieren. In de Verenigde Staten promoveerde ze in de politieke wetenschap en sinds 1987 zit ze voor Labour in het Lagerhuis.

Twee jaar geleden stelde ze voor om van Buckingham Palace een museum te maken. De koningin moest maar elders een onderkomen zoeken. Ook na de dood van prinses Diana eind augustus voorspelde ze de ondergang van de monarchie als het Koninklijk Huis zich niet moderniseren zou. Mowlam heeft bij herhaling verklaard dat ze harde waarheid niet schuwt.