Luchtvaart verleidt reiziger met voedselverpakking; Worstelen met eten in de lucht

Eén treinreis naar Venlo is genoeg om het probleem èn de mogelijke oplossing te aanschouwen. Ik koop een sandwich ei en bacon, geserveerd door Wagon Lits, en verpakt in een plastic waaier met een afsluitend folie. Net als je de moed bijna hebt opgegeven, komt het plastic toplaagje los. Een klein hoekje weliswaar, maar net genoeg om met inzet van het gebit de boterhammen te bereiken. Reizen en voedsel zijn onafscheidelijk verbonden, maar waarom dat ook geldt voor voedsel en verpakking zal wel een eeuwig raadsel blijven.

Amper een uur later, bij ontwerpbureau People on the Move, stapelen de alternatieven voor voedselverpakking zich op. De strijd tussen de maatschappijen wordt tegenwoordig vooral gevoerd met dienstverlening, dus ook met maaltijden en verpakking, aldus ontwerper Ton Tesink en zijn collega's. Drie jaar werken zij nu voor de marktleider op het gebied van vliegtuigbestek en -serviesgoed, De Ster. Van al het serviesgoed dat in de lucht wordt gebruikt, komt 65 procent van deze fabrikant in het Belgische Hoogstraten. Alleen al de order van British Airways waarmee De Ster onlangs het nieuws haalde - waarde 150 miljoen gulden - betekent een productie van miljoenen kopjes, schaaltjes, trays, glaasjes en ander serviesgoed: 'opdeks', in luchtvaartjargon.

People on the Move maakte het ontwerp voor een serveersysteem voor B.A. De introductie staat gepland voor maart. Ton Tesink wil alleen kwijt dat de 'traysetting' van B.A. de complete markt zal beïnvloeden: “Zodra dat de lucht in gaat, zal alles gaan schuiven, niet alleen bij de grote maatschappijen, maar vooral bij de kleintjes”.

In de uitstalkasten van People on the Move staan bekers met vloeiende vormen, bestek met een hoog diefstal-gehalte, torentjes waarin met Oosterse schoonheid drie verschillende onderdelen van een maaltijd geserveerd kunnen worden, speciale settings voor kinderen - zoals de aandoenlijke Big Mama doos - die voor eten en spel zorgen en uiteindelijk als een rugzakje uit het toestel meegenomen kunnen worden. De kleuren zijn gewaagd, het materiaal spiegelend en halftransparant, en de kunststof wordt hoogwaardiger en op termijn biologisch afbreekbaar. Tesing: “We zijn nu bezig met de ontwikkeling van een volledig afbreekbare tray die samen met het teruggestuurde voedsel - meer dan vijftig procent - verwerkt kan worden tot hoogwaardig veevoer.”

Ideeën genoeg. Een persoonlijk serveersysteem dat via afstandsbediening in werking wordt gezet; ombouw van het complete vliegtuiginterieur zodat er meer bewegingsvrijheid wordt geboden; persoonlijke LCD-schermen. Uiteindelijk zullen de producten - of het nu een sapkan of een vorkje is - moeten middelen tussen de passagier en de benauwde ruimte. Uitdaging voor de ontwerper: in zeer korte tijd moeten verpakking en bestek een onuitwisbaar goede indruk op de passagier hebben gemaakt.

Zo ontstaat het vreemde dilemma dat een product bedoeld voor zeer kortstondig gebruik nu de uitstraling van tijdloze duurzaamheid krijgt. Objecten zoals in de jaren zestig in de vliegtuigen van Alitalia, ontworpen door Joe Colombo, die ten tijde van de landing al niet meer opgehaald hoefden worden: de passagiers zorgden zelf wel voor het hergebruik...