Burgervaders

Zowel in Nederland als in België wordt een gemeente bestuurd door een burgemeester. Naarmate er meer fusies komen, wordt hun aantal kleiner en hun belang groter. Bij ons wordt een burgemeester gekozen, in Nederland benoemd. Voorstanders van benoeming zeggen dat men een persoon op maat kan leveren, waaraan kwatongen toevoegen dat zo gesjeesde politici kunnen geparkeerd worden. Bij verkiezing zou meer de stem van het volk worden gerespecteerd.

In Nederland is het ambt een fulltime job, in België combineert men het ambt met een beroep als de gemeente niet al te groot is. In de galerij burgemeesters treft men een variëteit aan, vergelijkbaar met de bevingen op de schaal van Richter: ethiek, taalvaardigheid, gezag, humor. Bij de opening van een tunnel onder de Schelde te Antwerpen vroeg een journalist aan burgemeester Lode Craybeckx: “Moeten we nu tunnel zeggen of tunnèl?” Craybeckx antwoordde: “Bent u een pummel of een pummèl?” De vergrijsde burgemeester van Brugge werd door de eigenaar van een optiekzaak verzocht een goede naam te bedenken. Dadelijk suggereerde hij 'In de kleine hond' als logo. Verbazing alom. “Dat is”, verklaarde hij, “de vertaling van Au petit chien (opticien).”

Opvallend voor beide landen zijn de uiterlijke kentekens voor een burgervader: in Nederland de ambtsketen, in België een sjerp in driekleur om de buik zodat bij velen dit lichaamsdeel nog meer reliëf krijgt. Een opvallend verschil is de vergoeding voor het ambt. Neemt men vergelijkbare gemeenten, dan verdient de Nederlandse burgemeester 2,5 maal meer, een wethouder driemaal meer en een raadslid zesmaal meer.

Maar ja, zeuren kan altijd. In een piepklein Frans dorpje (twaalf inwoners) nabij de Mont Ventoux kwam de burgemeester ons persoonlijk dag zeggen. We vroegen hoe het was zo'n 'petite commune' te besturen. Hij vertelde dat het ambt praktisch niets opleverde, maar dat de staat hem een telefoon had geleverd, gratis voor niks. “Un don de l'Etat français, monsieur.”