Topambtenaar: plannen belasting ontoereikend

DEN HAAG, 7 JAN. De belastingvoorstellen van minister Zalm en staatssecretaris Vermeend (Financiën) zijn ontoereikend om werkgelegenheid te stimuleren. Dat is de strekking van het nieuwjaarsartikel van de nieuwe secretaris-generaal van Economische Zaken, dr. S. van Wijnbergen.

Het is de eerste keer dat de PvdA'er Van Wijnbergen, die in april mr. A. Geelhoed opvolgde, als hoogste ambtenaar van het ministerie van Economische Zaken, het jaarlijkse artikel in het economenblad ESB schrijft. Minister Wijers, die met de voorstellen van Zalm en Vermeend heeft ingestemd, is politiek verantwoordelijk voor de uitlatingen van zijn secretaris-generaal.

Van Wijnbergen rekent af met de uitgangspunten 'Belastingen in de 21e eeuw. Een verkenning'. Zalm en Vermeend gaan ervan uit dat in elke belastingherziening een verschuiving nodig is van directe naar indirecte belastingen.

Doordat de 'prijs' van arbeid lager zou worden levert dit meer werkgelegenheid op. Van Wijnbergen noemt deze veronderstelling een “misverstand”. “Werknemers zijn zonder twijfel alert genoeg om slechts in het verschil tussen bruto- en nettoloon geïnteresseerd te zijn inclusief alle belastingen, en niet in waar precies dat verschil ontstaat, bij het uitbetalen van loon of bij de kassa van de supermarkt”, zo schrijft hij.

Wat Van Wijnbergen betreft hadden Zalm en Vermeend voor moeten stellen de omkeerregel in de pensioenen af te schaffen om zo werk aan de onderkant van de arbeidsmarkt te stimuleren. De omkeerregel komt erop neer dat geld dat voor het pensioen wordt gespaard onbelast blijft, maar dat belasting moet worden betaald vanaf het moment dat het tot pensioenuitkering komt. Van Wijnbergen stelt voor dit om te draaien: pensioenbesparingen moeten belast worden en de oudedagsuitkering wordt niet belast. “Dit is politiek onbesproken”, schrijft hij, “toch ligt daar de grote opening.”

De hoogste ambtenaar van Economische Zaken noemt de belastingvrije pensioenpremies om twee redenen de “grootste subsidie in ons belastingstelsel”. Ten eerste gaat voor 65-plussers, als ze eenmaal belasting gaan betalen over hun pensioenuitkering, het tarief “met ongeveer twintig (!!) punten omlaag”. Gepensioneerden betalen geen AOW-premie waardoor hun tarief voor de eerste belastingschijf op 19,85 procent komt, tegen 36,35 procent voor werknemers jonger dan 65. Anderzijds wordt het inkomen dat voortkomt uit de beleggingswinsten van de pensioenfondsen slechts beperkt belast.

Pagina 16: 'Heffing naar 35 pct'

Van Wijnbergen gelooft dat door de afschaffing van de omkeerregel een “dramatische tariefsverlaging” mogelijk wordt. “Alle tarieven op alle vormen van inkomen kunnen naar 35 procent. Er is geen noodzaak schotten (te laten bestaan) tussen verschillende vormen van inkomen.”

De introductie van deze 'schotten' vormt evenwel de kern van de belastingvoorstellen van Zalm en Vermeend. Zij willen verschillende bronnen van inkomen verschillend belasten en die niet, zoals nu, bij elkaar optellen en onder één tarief laten vallen.

Door de tariefsverlaging ontstaat volgens Van Wijnbergen ruimte voor de zogenoemde heffingskorting, ook wel de earned income tax credit genoemd. Met die korting krijgen uitkeringsgerechtigden die een baan aan de onderkant van de arbeidsmarkt accepteren geld terug van de belasting.

Zo wordt het verschil tussen uitkering en loon groter gemaakt.

Dat is nodig omdat de prikkel om nu een baan te accepteren vaak ontbreekt door allerlei subsidies die uitkeringsgerechtigden krijgen. Omdat die subsidies meestal afhankelijk zijn van het inkomen, komen ze veelal te vervallen als het inkomen stijgt doordat iemand van een uitkering naar een baan gaat.

Volgens Van Wijnbergen is deze zogenoemde armoedeval “ongetwijfeld de meest schadelijke anomalie in ons economische bestel”. “Invoering van een heffingskorting voor laagbetaalde werkenden is een van de meest gewenste maatregelen om de werkloosheid aan te pakken.”

De VVD heeft zich verbaasd over het artikel van Van Wijnbergen. “Het is buitengewoon radicaal”, meent het Tweede-Kamerlid Hoogervorst (VVD). “Ik vind het een beetje vreemd dat er ambtelijk zo'n voorstel tot afschaffing van de omkeerregel wordt gedaan terwijl er geen enkel politiek draagvlak voor is.”