P.W. Botha zal worden vervolgd

KAAPSTAD, 7 JAN. De vroegere Zuid-Afrikaanse president P.W. Botha (81) zal terecht moeten staan wegens zijn weigering te verschijnen voor de Waarheids- en Verzoeningscommissie, waarvoor hij was gedagvaard. De openbaar aanklager in Kaapstad, Frank Kahn, heeft dat vanochtend aangekondigd. “Ik heb vastgesteld dat vervolging niet alleen nodig is volgens de letter van de wet, maar dat dat ook in het openbaar belang is”, aldus de aanklager.

De Waarheidscommissie, die bij wet tot taak heeft Zuid-Afrika's verleden te ontrafelen, wilde Botha ondervragen over zijn regeerperiode, 1978-'89, de tijd waarin het apartheidssysteem op zijn 'hoogtepunt' was. Botha werd de afgelopen maanden drie keer door de commissie gedagvaard, maar hij beriep zich eerst op een zwakke gezondheid en constateerde de tweede keer een vormfout. Vorige maand, bij de laatste zitting, stuurde hij een fax waarin hij zei dat de commissie niet streeft naar het verkrijgen van de waarheid, maar er slechts op uit is hem te vernederen.

Botha riskeert een geldboete of zelfs gevangenisstraf. Aanklager Kahn zei vanochtend dat een eventuele veroordeling kan worden opgeschort indien Botha alsnog wil verschijnen voor de Waarheidscommissie. Hij zei ook dat zijn besluit om tot vervolging over te gaan niet is ingegeven door politieke overwegingen. (Reuters, AFP)