Zwartgeldparadijs verliest charme

Terwijl de beursfraude gaten slaat in het imago van het financiële centrum in Nederland, vertoont ook het zwartgeldparadijs Luxemburg haarscheuren. Ooit was zwart geld storten er aantrekkelijk.

LUXEMBURG, 6 JAN. De primeur had een voormalig medewerker van de Belgische Kredietbank in Luxemburg (KB Lux). Na zijn ontslag besloot de man de Belgische fiscus te voorzien van een adressenlijst met rekeninghouders bij KB Lux. Half België werd opgeschrikt, want Luxemburg is voor de zuiderburen nog altijd de populairste 'stortplaats' voor de zwarte spaarder.

De Belgische belastingdienst kon geen gebruikmaken van de oneerlijk verkregen lijst, maar - toeval of niet - enkele maanden later dook het adressenbestand bij Justitie op. Uit onderzoek bleek dat directeur Damien Wigny van KB Lux een rijke vrouw had geadviseerd haar erfenis direct naar Luxemburg te verplaatsen. Eind vorige maand werd Wigny in België gearresteerd, onder meer op verdenking van lidmaatschap van een criminele organisatie. Dat is ook in Nederlandse financiële kringen geen onbekende aanklacht meer.

Vorige maand was het de beurt aan de Duitse rekeninghouders in Luxemburg. Een ontevreden automatiseerder van een - nog onbekende - bank bood de belastingdienst in Duitsland een lijst met 270 zwarte spaarders aan die gezamenlijk goed zijn voor een vermogen van 150 miljoen mark. In ruil vroeg hij een half miljoen mark. De Duitse fiscus heeft inmiddels aangekondigd niet op dergelijke verzoeken in te gaan, maar bevorderlijk voor de nachtrust van de rekeninghouder is het allerminst.

Evenmin zijn deze affaires goed voor de naam en faam van Luxemburg. De twee incidenten zijn symptomatisch voor de oplopende druk waar het land aan blootstaat. “Niemand twijfelt eraan dat we iets aan de positie van Luxemburg moeten doen”, geeft ook Lucien Thiel namens ruim tweehonderd banken aan. De directeur van de Luxemburgse bankvereniging (ABBL) is niet gelukkig met het imago, waarbij de term 'zwart geld' steeds een belangrijke rol speelt. “Natuurlijk zijn de huidige tegoeden voor 30, 40 of meer procent zwart. Daarom moet het karakter van dit financieel centrum snel veranderen. Als uitwijkplaats voor belastingvlucht hebben wij geen lang perspectief meer. Gelukkig is hier de kennis aanwezig om andere wegen in te slaan. Binnen een paar jaar speelt dit financiële centrum een andere rol.” Het hertogdom is nu vooral populair wegens het strikte bankgeheim. Ook Nederlandse spaarders kennen de weg, zeker nadat de banken in 1987 verplicht werden rentebetalingen aan hun klanten aan de belasting door te geven.

Hoeveel spaargeld naar landen als Luxemburg en Zwitserland verdwijnt is moeilijk vast te stellen. Volgens De Nederlandsche Bank is de afgelopen twintig jaar zo'n 35 miljard gulden over de grens gesmokkeld, met name in de vorm van duizendjes die later via buitenlandse banken terugkeren. Door rente en koerswinst kan dit bedrag verdubbeld zijn, dat is tien procent van het bruto nationaal product. Deze zeventig miljard gulden zou ruim eenderde vormen van het totale bedrag dat bij Nederlandse banken ligt (ruim 200 miljard gulden).

Pagina 15: 'Bankgeheim moet je waard zijn'

Dat het om grote bedragen gaat wordt ook wel bewezen door de aanwezigheid van alle Nederlandse banken in Luxemburg. De vestiging van ABN Amro is met haar balanstotaal van 3 miljard gulden verreweg de grootste. Het zes verdiepingen hoge pand op een 'financieel' industrieterrein buiten het stadscentrum biedt plaats aan 120 medewerkers. En natuurlijk aan de klanten die dankzij een parkeergarage en discrete ondoorzichtige schuifdeuren snel aan het straatbeeld worden onttrokken.

Na ABN Amro beschikt Rabobank over de grootste Luxemburgse vestiging (met een balanstotaal van 1,6 miljard). De balans van Rabo's vermogensbeheerder Robeco in Luxemburg kende in 1996 een totaal van 430 miljoen gulden. In datzelfde jaar zorgde Robeco voor een conflict door de aloude gedragscode tussen Den Haag en de financiële wereld te breken: voor de activiteiten over de grens wordt in Nederland geen reclame gemaakt. Robeco zond tot woede van de fiscus aan alle lezers van The Economist een folder over de dienstverlening van zijn Zwitserse filiaal, waar volledige discretie was verzekerd.

De Nederlandse banken in Luxemburg hebben weinig trek om in de publiciteit te komen, zeker niet in het huidige klimaat met z'n beursfraudezaak en het zwarte geld. “Luxemburg heeft een aparte gevoeligheid”, zo laat bijvoorbeeld ABN Amro weten.

Een connectie met de beursfraude ligt enigszins voor de hand. Wanneer een land binnen de eigen grenzen witwassen van geld aanpakt, trekt belastingontduiking via het buitenland extra belangstelling. Een directeur van een commissionairshuis, die indirect bij de beursfraude betrokken is, legt nog een andere link. “De algemene banken zijn de grote winnaars in de fraudezaak, want de institutionele beleggers stappen massaal naar hen over. Maar de grote banken hebben natuurlijk verschrikkelijk veel boter op hun hoofd met het zwarte geld dat ze bijvoorbeeld in Luxemburg vangen. Die kantoren zijn echt geen zes verdiepingen hoog omdat alle Luxemburgers zo graag bij Nederlandse banken een rekening willen hebben.”

Directeur Thiel van de Luxemburgse bankvereniging kan zich voorstellen dat een grote beursfraudezaak kan leiden tot een kritischer houding ten opzichte van zwart-geldparadijzen in het buitenland. “De druk in Europa op ons land wordt sowieso groter. Het bankgeheim zullen we niet opgeven, maar je moet het wel waard zijn. Ik bedoel te zeggen dat je alleen strikte vertrouwelijkheid kan bieden als het vertrouwen niet wordt misbruikt.”

Sinds 1989 kan het Luxemburgse bankgeheim worden opgeheven wanneer het tegoed afkomstig blijkt te zijn van criminele handelingen. Daarbij komt dat Luxemburg een van de weinige landen in de wereld is waar ook de bankmedewerker persoonlijk verantwoordelijk wordt gesteld voor de praktijken van een cliënt.

Belangrijker voor de spaarders zijn de wetten die binnen enkele maanden worden aangenomen. Vanaf dat moment kunnen ook fiscale overtredingen reden zijn om het bankgeheim op te heffen. “Daarbij moet het om belastingontduiking gaan die zowel in Luxemburg als in Nederland strafbaar is”, legt Thiel uit. “En het moet om een substantieel bedrag gaan. Bij de ene klant is dat al bij 10.000 gulden het geval, terwijl voor de andere een miljoen pas substantieel is.”

Tot een justitiële run op Nederlandse bankrekeningen zal de nieuwe wetgeving volgens Thiel niet leiden. “Daarbij komt dat de Nederlandse justitie al een deel van het krediet heeft verspeeld. Een paar jaar geleden hebben de Nederlandse autoriteiten iemand beschuldigd van allerlei criminele activiteiten. Justitie in Luxemburg heeft toen zeer goed meegewerkt, maar bij de rechter bleek het uiteindelijk alleen om zwart geld te gaan. Nog één keer zo'n actie en de oester sluit zich natuurlijk weer.”

Stel dat een Nederlander een miljoen erft en het geld naar Luxemburg brengt om de (successie)rechten te ontduiken; zal zijn bank op het verzoek van de fiscus het bankgeheim dan opheffen? Thiel schetst de voorwaarden. “De bank mag in dat geval alleen het bankgeheim opheffen wanneer de erfenis niet afkomstig is van een vader of moeder. Het moet om een zaak gaan die in beide landen strafbaar is. In Luxemburg hoef je alleen successierechten te betalen als het geld afkomstig is van bijvooorbeeld een oom of tante.”

Harmonisering van de fiscale wetgeving in Europa moet dergelijke verschillen opvangen. Zo streeft Brussel al jaren naar een gelijke rente- en dividendbelasting. Thiel is ervan overtuigd dat Luxemburg binnen enkele jaren een bronbelasting (withholding tax) zal kennen, waarbij de banken zelf al de belasting op dividend en rente inhouden. “Maar daar moeten ook landen als Zwitserland aan meedoen, want anders zal heel wat kapitaal de Europese Unie uitstromen. Het verleden bewijst dat een dergelijke vlucht heel gemakkelijk gaat. Toen België en Duitsland de bronbelasting invoerden, werd Luxemburg overstroomd met geld.”

De vertegenwoordiger van de banken ziet nog een ander praktisch probleem. “Wanneer hier belasting op rente wordt geheven, kunnen we zwemmen in het geld. Luxemburg weet dan niet meer wat het met die inkomsten moet doen.”

Met het gedeeltelijk opheffen van het bankgeheim en de mogelijke invoering van bronbelasting verliest Luxemburg een deel van zijn aantrekkelijkheid. Of het land dan ook zijn functie van financieel centrum - in omvang het derde van Europa - verliest is niet duidelijk. Menig fiscaal adviseur in Nederland zegt zich nu al te verbazen over de populariteit in het land. “Mensen besparen soms een paar tientjes belasting, terwijl de rendementen over hun kapitaal soms veel lager zijn dan in Nederland het geval zou zijn.”

Een andere belastingadviseur zegt versteld te staan over de graagte waarmee mensen hun geld naar landen als Luxemburg of Zwitserland brengen. “Sommigen brengen hun eerlijk verdiende spaarcenten naar dat soort landen om geen belasting te hoeven betalen. Dat is de beste manier om van wit geld zwart geld te maken. Doodzonde, maar je kan natuurlijk aan de borreltafel wel zeggen dat je een rekening in Luxemburg hebt.” Hardnekkige geruchten dat de Nederlandse belastingdienst foto's zou maken rond de banken in het hertogdom maken sparen in Luxemburg alleen maar spannender.

Volgens Lucien Thiel zal er, ondanks de harmonisering in Europa, geen einde komen aan de kapitaalstroom naar Luxemburg. Snelle en liberale wetgeving moet tal van nieuwe producten mogelijk maken. “Bijvoorbeeld op het gebied van pensioenen. Nederland is een uitzondering met het enorme kapitaal van zijn pensioenfondsen, maar in andere landen komt er door de vergrijzing een grote vraag naar flexibele en innovatieve producten.” Ook denken de banken een hoofdrol te kunnen spelen met 'electronic commerce', de handel via bijvoorbeeld Internet. “Ons kleine, internationaal gerichte land kan heel snel op nieuwe ontwikkelingen inspelen. Van die eigenschap moet Luxemburg het de komende jaren hebben. Niet van het zwarte geld.”