Nieuwe moorden gemeld in Algerije, buitenland bezorgd

ALGIERS / BRUSSEL, 6 JAN. Bij nieuwe moordpartijen, voornamelijk in dorpen in het westen van Algerije, zijn volgens Algerijnse kranten meer dan 160 burgers om het leven gekomen. Temidden van het toenemende geweld dringen diverse landen er opnieuw bij de regering op aan meer te doen om dit soort bloedbaden te voorkomen.

De moordpartijen sinds het begin van de islamitische vastenmaand Ramadan, een week geleden, nemen de vorm aan van systematische uitroeiing, zo meldt de Algerijnse pers. Hele gehuchten worden met de grond gelijk gemaakt, en de inwoners verminkt en vermoord. Volgens de pers heeft er een uittocht plaats uit de nu getroffen regio, het berggebied van de Ouarsenis, 250 kilometer ten westen van Algiers.

De Ramadan werd vorige week ingeluid met een afslachting in drie dorpen in het gebied van Rélizane waarbij naar schatting 300 doden vielen. De krant La Tribune meldt vandaag dat in het dorp Meknassa in hetzelfde gebied in de nacht van zaterdag op zondag 117 burgers zijn vermoord. De krant maakt melding van een ander dorp, Had Chékala in de buurt, dat met de grond gelijk zou zijn gemaakt en waar geen overlevenden zouden zijn. Maar zij geeft geen cijfers. De autoriteiten hebben tot dusverre het zwijgen bewaard over deze nieuwe meldingen van in het algemeen aan moslim-extremisten toegeschreven bloedbaden.

Volgens Washington zou Algerije zich meer moeten inspannen om zijn burgers te beschermen. Maar een woordvoerder voegde eraan toe dat Washington niet van plan is over te gaan tot een boycot van Algerijnse olie en gas om druk uit te oefenen.

Ook Frankrijk heeft, tot uitgesproken woede van Algiers, bepleit dat de Algerijnse burgerij beter wordt beschermd. In de Europese Unie wordt aangedrongen op een diplomatiek offensief om een einde te maken aan de moordpartijen. Frankrijk, Italië, Portugal en Zweden sloten zich gisteren aan bij de suggestie van de Duitse minister Kinkel om zo'n initiatief te nemen en de trojka van ministers van Buitenlandse Zaken naar Algiers te sturen. Maar een woordvoerder van de Europese Commissie zei dat de EU in principe weinig kan doen in Algerije, omdat het niet duidelijk is wat er precies aan de hand is. Hij verwees naar een verklaring van de EU-ministers van Buitenlandse Zaken van oktober vorig jaar waarin het “blinde geweld en het terrorisme” werd veroordeeld en waarin de vijftien de Algerijnse regering hulp aanboden bij het vinden van een politieke oplossing van de crisis.