Arnold Stam lacht om storm en regen

ROTTERDAM, 5 JAN.Twee marathons op ijs in één etmaal, twee totaal verschillende winnaars. Stayer Stam won zaterdag in Alkmaar, sprinter De Vries gisteren in Heerenveen.

Wanneer een schaatsmarathon onder erbarmelijke weersomstandigheden plaatsvindt, voelt Arnold Stam zich superieur. Dan pas kan de robuuste Brabander zijn krachten kwijt.

Bij harde wind en regen daverde Stam in Alkmaar in de elfde KNSB-marathon naar zijn eerste seizoentriomf.

Een dag later in Heerenveen stormde het nog steeds. Binnen in de Thialf-hal ging de zuidwester echter aan de neuzen van marathonrijders voorbij. Voor Peter de Vries waren dat de perfecte omstandigheden. Hij schreef in Heerenveen voor eigen publiek de twaalfde KNSB-wedstrijd op zijn naam. Hans Pieterse gaf zijn leiderspositie in het klassement niet uit handen.

De overwinning van Stam sprak het het meest tot de verbeelding. Dat vonden zijn collega's en zo dachten de toeschouwers erover die zaterdag ook storm en regen trotseerden.. “Ik heb dit seizoen vijf keer gewonnen. Geen enkele was mooier dan die van Stam. Ik had wel met mijn ploeggenoot willen ruilen”, sprak Peter de Vries jaloers.

Marathonschaatsen was vroeger een strijd van man tegen man. Tegenwoordig is het vaak een tactisch ploegenspel. Oude tijden herleefden in Alkmaar. Door de elementen van de natuur kon niemand zich verschuilen. Zelfs het ploegenspel bood geen uitkomst. Het was ieder voor zich en daar had Stam al het hele seizoen naar uitgekeken.

Stam schaatst, in zijn eigen woorden, als “een dombo in de rondte”. In 1995 had hij veel succes met zijn aanvallende rijstijl. Hij veroverde de KNSB Cup en de Nederlandse titel op kunstijs. Daarna trad hij in de anonimiteit.

De 'Beul' van het peloton was door allerlei kwalen tot op de draad versleten. Zijn collega's voorspelden weinig goeds meer voor hem. Vorig seizoen was daar niets meer van te merken. Hij won de natuurijsklassieker Noorderrondritten en eindigde op de vijfde plaats in de Elfstedentocht.

Op het kunstijs van De Meent in Alkmaar ging Stam als een wervelwind tekeer. Na 25 ronden dubbelde hij solo het peloton. Niemand had dit seizoen voor zo'n stunt gezorgd. De bewonderingswaardige eenmansactie leverde echter geen optimaal resultaat op. Een jachtgoep van vijf man, onder wie Van der Veen, Kromkamp en Kramer, ringeloorde eveneens het peloton. Op de helft van de koers kwam de grote schifting tot stand. Twintig rijders liepen opnieuw een ronde uit.

Stam, Kromkamp en Van der Veen waren de enige rijders die een voorsprong van achthonderd meter hadden. De drie koplopers controleerden de wedstrijd vervolgens voorbeeldig. In de finale, tijdens een wolkbreuk, sloeg Stam voor de zoveelste keer op hol. Zijn medevluchters konden zijn spoor niet volgen, zodat de uitblinker van de wedstrijd met gemak de overwinning binnenhaalde.

“Dit was voor mij een grote opluchting. Ik moet het van zware omstandigheden hebben. Op de overdekte banen voeren de technische begaafde rijders de boventoon en ben ik vaak de schlemiel van de wedstrijd. Ja, ik zou wereldkampioen van de mislukte demarrages kunnen zijn”, aldus Stam. (ANP)