Watjes of agenten die er op los slaan

Grof geweld tegen politie en brandweer en vernielingen op tal van doorgaans rustige plaatsen in het land tekenden de 'viering' van Oud en Nieuw. De politie is nu op zoek naar het antwoord op een paar vragen: waardoor en hoe kon het gebeuren? en vooral: wat valt er tegen te doen?

ROTTERDAM, 3 JAN. De rook van de afgelopen oudejaarsviering is opgetrokken. De gemeentereiniging bezemt de scherven bij elkaar. De dronken meutes zijn weer huisje-boompje-beestje-burgers-met-eengezinsleven geworden. En de politie breekt zich het hoofd over wat er mis ging.

Waarom konden Arnemuidenaars met bivakmutsen en honkbalknuppels twee agenten molesteren? Waarom zagen Groningse agenten werkeloos toe hoe jeugdige criminelen huizen plunderden, om vervolgens het hazepad te kiezen? Aan privébezit en openbaar eigendom is voor miljoenen guldens schade aangericht door vuur en vuurwerk dat tot volwassen explosieven was omgebouwd. Waarom?

Een greep uit de verklaringen. De korpschefs werden te laat ingelicht. De politiek heeft te weinig geld voor de politie over, waardoor het paraat houden van de mobiele eenheid (ME) te duur is. Geweld ontstaat altijd op onverwachte plekken en momenten. De politie moet zijn structuur om informatie te vergaren aanpassen. Om groepsgeweld te bezweren moeten agenten meer mogelijkheden hebben dan alleen praten of schieten.

Met zulke semi-sociologische, politieke, organisatorische of technische argumenten pogen betrokken politiefunctionarissen vat te krijgen op de schijnbaar onbeheerste uitbraak van geweld die dit jaar, nadrukkelijker dan anders, óók was gericht tegen agenten. Eén verklaring ontbreekt vooralsnog: dat korpsleidingen collectief niet hebben opgelet en dat individuele agenten misschien een tikkeltje kordater hadden kunnen optreden.

Daarvoor is een veteraan nodig als J.A. Blaauw, tot 1988 hoofdcommissaris van politie in Rotterdam. “Dit is niet te verkopen, hoe je het ook wendt of keert”, zegt hij. “De leiding is ernstig tekortgeschoten, omdat zij geen snel inzetbare troep ME'ers beschikbaar had. Je weet dat het een weekeinde van onrust wordt en dan hoor je voor de zekerheid op een centraal punt in elk van die 25 nieuwe politie-regio's een of twee pelotons ME achter de hand te houden. Dat is jammer voor de vrije tijd van die mannen, maar het hoort erbij. Gebeurt er niets, dan kun je er met zijn allen een borrel op drinken. Gaat het fout, dan kun je met vliegend vaandel en slaande trom snel ter plekke zijn en verdomd hard terugslaan. En dat hoeft geen vier uur te kosten”, zegt Blaauw.

“Wie een bivakmuts opzet en geweld gebruikt moet weten dat-ie een horde politie op zijn lijf krijgt. Twee dienders die op een bezopen menigte worden afgestuurd zijn een soort Himmelfahrtscommando. Maar je kunt je óók niet voorstellen dat er brand uitbreekt in het dorp en dat de brandweer zich terugtrekt en zegt: we komen wel weer eens terug als we genoeg mensen hebben”, aldus Blaauw.

De gewone agent is bang om geweld te gebruiken bij het oplossen van een rel, zegt een psycholoog met jarenlange ervaring binnen de Nederlandse politiemacht. “Je mag niet schieten tenzij in uiterste nood, en vechten tegen tien raddraaiers die door het dolle zijn doet een doorsnee politieman ook niet zo gauw. Dan is de reactie vaak op de vlucht te slaan en materiaal te offeren.” Dat de ME de zaak daarna kan klaren, is volgens deze insider mede te danken aan de wapenstok, een middel dat “tussen pistool en niks in zit”.

H. van Duijn, voorzitter van de Nederlandse Politiebond (NPB), wil dat wapens die zich halverwege het geweldsspectrum bevinden óók tot de standaarduitrusting van agenten-met-een-platte-pet gaan behoren. “Een bus pepperspray (in gebruik bij Amerikaanse politiekorpsen, red.) had vast geholpen en is beter dan een kogel”, zegt hij.

Desondanks heeft Van Duijn niet de indruk dat agenten zich tijdens de afgelopen jaarwisseling “als watjes” hebben gedragen. “Het gaat erom een afweging te maken tussen succesvol optreden en de prijs”, aldus van Duijn. “Als een paar dienders de confrontatie aangaan met een menigte die door het lint is gegaan, leidt dat vrijwel zeker tot gebruik van het vuurwapen. En dan roept iedereen achteraf: hadden jullie je niet kunnen terugtrekken en versterking moeten afwachten?”

Waar het om gaat, is erachter te komen of het incidenten betreft of structureel geweld, zegt de NPB-voorzitter. “Zal dit zich herhalen of niet?” En als het gaat om een trend, dan is die “de resultante van dertig jaar maatschappelijke ontwikkeling. Zolang iemand in elkaar wordt geslagen en het publiek loopt gewoon voorbij, is het niet alleen een kwestie van politie-optreden”, aldus Van Duijn.

E.M.d'Hondt, voorzitter van het Nederlands Politie-instituut en burgemeester van Nijmegen, zegt dat de politie de laatste dagen te “gereserveerd” is geweest bij groepsgeweld. Daar staat volgens hem tegenover dat het geweld in de oudejaarsnacht niet los gezien kan worden van andere vormen van geweld door jongeren, zoals voetbalsupporters. “De verklaring van het oudejaarsgeweld ligt daarom niet alleen in het politieoptreden op dat moment”, zegt d'Hondt.

Dat klopt, zegt Piet Reckman, in een vorig leven berucht sociaal activist op de linkervleugel van de PvdA en nu betrokken bij de opleiding van wijkagenten in verscheidene regio's. “De reorganisatie van de politie heeft geleid tot schaalvergroting en een belangrijkere rol voor techniek”, zegt Reckman. “Maar het betekent óók dat er geen politiemensen in de dorpen meer zijn.” Samen met de recente bezuinigingen op het jongeren- en opbouwwerk heeft dat volgens hem geleid tot de oudejaars-incidenten 'in de provincie': het plunderen van winkels in het Overijsselse Emmen, het molesteren van agenten in het Zeeuwse Arnemuiden of het gooien van flessen en stenen naar agenten in Bodegraven, Spijkenisse of Woudrichem.

Politiewoordvoerders in de Randstad onderschrijven dat. “Elk jaar luistert de agent op nieuwjaarsochtend naar de radio en denkt: daar had ik het niet verwacht”, zegt woordvoerder H. Nubé van het korps Haaglanden. De vier grote steden - het notoire Den Haag incluis - kenden een redelijk rustige jaarwisseling. Volgens Nubé komt dat doordat grote steden zijn voorbereid en een groot aantal politiemensen inzetten. Maar op het platteland kan de politie volgens hem moeilijker schuiven met middelen en mensen. “Breken er rellen uit in Arnemuiden en zit de mobiele eenheid vijftig kilometer verderop, dan zijn de ME'ers mooi te laat”, aldus Nubé.

Pikant detail is dat de politie Groningen, waar in de nacht van dinsdag op woensdag ernstige rellen uitbraken, drie jaar geleden bij de collega's in Den Haag op bezoek gingen om te kijken hoe zij het oudejaarsgeweld in Den Haag hadden teruggebracht. Tien jaar geleden leverde een oudejaarsnacht volgens Nubé vijf miljoen aan schade op. “Nu is er nog sprake van enkele honderdduizenden guldens.”

Volgens woordvoerder H. Stoop van de Rotterdamse politie zijn ook in zijn regio politiemensen in het nauw gekomen. “Dan zijn er twee mogelijkheden”, zegt Stoop. “We roepen veel collega's op en hakken erop los òf we trekken ons terug en houden de zaak in de gaten. Dat heeft niets te maken gezichtsverlies. De-escalerend optreden werkt soms beter dan direct ingrijpen.”