Verzamelaar Lugt met Rembrandt het best geëerd

Tentoonstelling: Rembrandt en zijn school; tekeningen uit de Collectie Frits Lugt. Teylers Museum, Haarlem (Spaarne 16). T/m 15/2. Catalogus (Uitg. Fondation Custodia, Parijs), 294 pag. geb. ƒ 89,50. Inl. (023) 534 20 04

Het persoonlijke handschrift van de kunstenaar: dat heeft Frits Lugt voor alles gezocht. Letterlijk - als verwoed verzamelaar van brieven van kunstenaars - maar ook figuurlijk. Als connaisseur speurde hij in kunstwerken naar karakteristieke details op grond waarvan hij zijn toeschrijvingen deed.

Tekeningen beschouwde Lugt als de meest directe en persoonlijke uitdrukking van artistiek vermogen. Daarvan getuigt ook de samenstelling van de collectie tekeningen die hij vanaf 1918 tot aan zijn dood in 1970 bijeen heeft gebracht. De expositie Rembrandt en zijn school die nu in het Haarlemse Teylers Museum is ingericht, toont daaruit een keuze met werk van zeventiende-eeuwse Hollandse meesters. Een groep van twintig tekeningen van Rembrandt is aangevuld met tachtig werken van kunstenaars uit diens entourage.

Vooral bij de Rembrandts zijn mooie voorbeelden van tekeningen waaruit iets van de werkwijze en het 'handschrift' van de kunstenaar duidelijk wordt. Er zijn vlotte schetsen, zoals de Genezing van de schoonmoeder van Petrus, en bladen waarop de kunstenaar, zoekend naar de juiste vorm, een motief verschillende malen heeft herhaald.

In een intieme voorstelling van een vrouw met een kind op schoot is duidelijk te zien hoe Rembrandt te werk ging om te komen tot een overtuigende compositie. In deze tekening is hij begonnen met de figuur van de vrouw, die in snelle lijnen met pen en inkt is geschetst. Daarna tekende hij het kind op haar schoot.

Toen bleek dat de figuren te ver van elkaar af kwamen te staan, smeerde hij de nog natte inkt waarmee de vrouw was geschetst, met zijn vinger uit, om haar meer naar rechts nogmaals te tekenen.

Maar in andere werken is dat spontane effect maar schijn. In een prachtig blad met een vrouw die een kind troost dat is geschrokken van een hond, heeft Rembrandt de figuren met rake, ogenschijnlijk achteloze penstreken neergezet. Bij nadere beschouwing is echter duidelijk te zien dat de voorstelling weloverwogen is geconstrueerd en de lijnen geconcentreerd zijn getrokken. Op een plaats in de kleding van het kind waar zoveel lijnen elkaar kruisen dat het effect onduidelijk wordt, heeft de kunstenaar zichzelf gecorrigeerd door er witte dekverf op aan te brengen. En naast schetsen en studies bezat Lugt van Rembrandt ook volledig uitgewerkte tekeningen, zoals het Interieur met Saskia in bed, waarin door middel van grijze en bruine penseelwassingen effecten van licht en schaduw zijn aangebracht.

De expositie, die al eerder te zien was in het Nederlands Instituut in Parijs, markeert de vijftigste verjaardag van de Fondation Custodia - de stichting die Lugt heeft opgericht om zijn kunstbezit in onder te brengen. En om Lugt en zijn verzameling te eren is er geen kunstenaar toepasselijker dan zijn grote held Rembrandt. In 1899 was Lugt, pas veertien jaar oud, zijn carrière als kunstkenner begonnen door een heuse biografie van Rembrandt te schrijven. Hoewel hij daarin vermeldt dat Rembrandt als mens, met zijn 'dikwijls te groote hartstochtelijkheid', misschien niet als voorbeeld zou moeten worden gekozen, is Lugt door de kunstenaar Rembrandt altijd gefascineerd gebleven.

Naast tekeningen van de meester zelf, zijn er in de collectie dan ook veel werken die op een of andere manier verwijzen naar Rembrandt. Zijn leerlingen, en schilders van wie wordt aangenomen dat ze in zijn atelier hebben gewerkt, zijn goed vertegenwoordigd door onder meer Nicolaes Maes en Govaert Flinck. En sommige werken zijn duidelijk door de meester beïnvloed, zoals een pentekening van Ferdinand Bol die begin deze eeuw nog aan Rembrandt zelf werd toegeschreven.

Andere tekeningen hebben in stilistisch opzicht weinig of niets van doen met het werk van Rembrandt, maar zijn van de hand van kunstenaars uit zijn directe omgeving, zoals Jan Lievens en Lambert Doomer. Twee werken van Doomer verwijzen op een bijzondere manier naar Rembrandt. Het zijn prachtig uitgewerkte en gekleurde kopieën naar tekeningen van berglandschappen die Roelant Savery omstreeks 1607 heeft gemaakt. Doomer had de originelen in 1658 verworven op een veiling van prenten en tekeningen uit Rembrandts eigen kunstcollectie.

Zoals Frits Lugt zijn huis in Parijs in stijl had ingericht - de Hollandse tekeningen werden bestudeerd in een reconstructie van een zeventiende-eeuwse Hollandse kamer - zijn de geëxposeerde werken voor de gelegenheid gevat in suggestieve, zeventiende-eeuwse lijsten. Even smaakvol is de volledig in kleur geïllustreerde catalogus, waarin de tekeningen beknopt maar met veel acribie zijn beschreven. Het is een smakelijk voorproefje van de inventarisering van alle 150 tekeningen van Rembrandt en zijn omgeving in de Collectie Frits Lugt, die in de komende jaren zal worden samengesteld.