Jong en eenzaam in Ferrara

Giorgio Bassani: Achter de deur. Vertaling Tineke van Dijk. Meulenhoff, 144 blz. ƒ 36,90

Het werk van de in 1916 geboren joods-Italiaanse auteur Giorgio Bassani begint dankzij uitgeverij Meulenhoff langzamerhand ook in Nederland bekend te worden. Van zijn onder de verzameltitel Romanzo di Ferrara uitgegeven romans en verhalen zijn nu vijf boeken vertaald, en we mogen hopen dat het zesde en laatste binnenkort zal volgen. In Italië geldt Bassani als een van de belangrijkste exponenten van de naoorlogse literatuur. Zijn relatief kleine oeuvre vormt één grote herinnering aan Ferrara, waar hij tot 1943 heeft gewoond. In een interview uit 1982 verklaarde de schrijver deze exclusieve gerichtheid op één stad als volgt: 'Ik heb me geconcentreerd op Ferrara, omdat ik een boek wilde schrijven dat authentiek was, zoals alle authentieke schrijvers authentiek willen zijn. Ik heb het over mezelf, en over mijn eigen stad, die ik stukje bij beetje probeer te reconstrueren. De personages waarin ik me uitspreek, zijn delen van mezelf.'

Dit citaat is ook van toepassing op de nu vertaalde korte roman Achter de deur. In dit boek vertoont de ik-figuur, die tegelijk ook verteller is, zoveel overeenkomst met de auteur dat de autobiografie zich als het ware opdringt: het verhaal speelt zich af in het schooljaar 1929-1930, het historische kader wordt gevormd door het opkomend fascisme, de plaats van handeling is de stad Ferrara, de hoofdpersoon is een vijftienjarige joodse jongen, het beschreven milieu is dat van de gegoede burgerij. Deze componenten zijn ook in de andere romans en verhalen van Bassani te onderkennen, maar hier lijken ze minder vermengd met ficties. Het werkelijkheidsgehalte wordt bovendien nog versterkt door de evocatie van de stad Ferrara: tientallen namen van straten, gebouwen, kerken en dorpen uit de omgeving suggereren met onontkoombare evidentie dat het in het boek gaat om gebeurtenissen die echt hebben plaatsgehad.

De niet bij name genoemde protagonist is leerling van het Guarini, een middelbare school in Ferrara. Als het schooljaar begint, komt hij terecht in een klas waarin het gros van de leerlingen vreemd voor hem is. Omdat zijn beste kameraad naar Padua is verhuisd, moet hij nieuwe contacten leggen en nieuwe vriendschappen sluiten. In de praktijk komt dit erop neer dat hij iemand moet zoeken met wie hij iedere dag zijn huiswerk kan maken. Zijn niet geheel vrijwillige keuze valt op de uit Bologna afkomstige en nog maar kort in de stad wonende Luciano Pulga. Deze door de wol geverfde opportunist, die op school geen hoogvlieger is, maar wel weet waar Abraham de mosterd haalt, komt vanaf dat moment iedere namiddag bij hem thuis om samen met hem te studeren.

Dat gaat een tijdlang goed, maar op een gegeven ogenblik komt er een kink in de kabel, wanneer de beste leerling van de klas, Carlo Cattolica, de hoofdpersoon vertelt dat hij door zijn 'vriend' wordt bedrogen. Als deze mededeling op ongeloof stuit, organiseert Cattolica een bijeenkomst op zijn studentenkamer, waarbij de ik-figuur 'achter de deur' kan horen hoe Luciano over hem en zijn familie roddelt. Wanneer de jongen merkt dat Cattolica's verhaal op waarheid berust, vlucht hij hals over kop uit zijn schuilhoek weg en is zijn eenzaamheid groter dan ooit tevoren.

Bassani weet het relaas van deze puberteitscrisis, waarin jodendom en seksualiteit, vriendschap en isolement zich onnadrukkelijk met elkaar verstrengelen, met grote zeggingskracht tot leven te brengen. Achter de deur behoort tot het genre van de psychologische roman: niet de uiterlijke handelingen zijn belangrijk, maar de reacties en reflecties die erdoor worden opgeroepen. Voor de hoofdpersoon zijn de gebeurtenissen aanleiding tot gesprekken, vloeien de gesprekken over in gedachten, monden de gedachten uit in stemmingen, en worden de stemmingen op hun beurt tot gevoelens. En deze gevoelens, die door de auteur subtiel en genuanceerd worden beschreven, condenseren ten slotte in een allesdoordringend besef van alleen-zijn. De verstikkende eenzaamheid, die al op de eerste bladzijde wordt aangekondigd, ontwikkelt zich op de laatste bladzijde tot een climax, wanneer de verteller samen met zijn ogenschijnlijk dichtbije, maar in werkelijkheid onbereikbare studiegenoot Luciano ver van het strand bij Cesenatico in een bootje op zee ronddobbert.