Hollands Dagboek Louis van Gasteren

Louis van Gasteren is filmmaker en beeldend kunstenaar. Onlangs werd hij 75 jaar, reden om een portret, gemaakt door Ad 's-Gravesande voor de NPS, te vertonen op het International Documentary Filmfestival Amsterdam (IDFA). Het portret werd bovendien maandag jongstleden uitgezonden in Het Uur van de Wolf. Van Gasteren is gehuwd met Joke Meerman.

Wat is het toch, vraag ik me af, dat ik zoveel bijzondere mensen om me heen heb?

Woensdag, 26 november

Als je 'ja' zegt tegen een verzoek een dagboek bij te houden, weet je van tevoren de onvermijdelijkheid van de 'bruggetjes in de tijd', want we moeten dóór; een afspraak hier of daar, met wie en waarom vraagt uitleg. Om 08.00 uur krijg ik van Joke een kop thee, een sigaret, en de ochtendkrant. Dit is zo ongeveer ons enige rustige moment van de dag en het duurt een kwartier. Met een kop koffie in de hand komt dan meestaI om half negen het eerste telefoontje.

Vreemde naweeën van het ouder worden, we praten erover. Het is wel goed, ik zit er niet zo mee, heb er ook aan gewerkt de afgelopen jaren; het werkt selectief, er blijven essentiële zaken over, die ons nog te doen staan. Mijn dierbare collega Bert Haanstra, 81 jaar, is in oktober begraven, Joke en ik hadden het voorrecht hem nog eind juli te bezoeken in zijn verpleeghuis. Hij herkende me nog en we hebben buiten op een bank over de natuur gepraat. Hartverscheurend is dat eigenlijk dan, dat besef van die leeftijd en het groen van de tuin. Ik had een paar foto's van hem gemaakt terwijl hij voor zich uitkeek, ik weet niet naar welke verte.

Er bellen een paar mensen op, die een afdruk willen hebben, vrienden van hem en oud-medewerkers. Dus toch dat vasthouden. Toen ik begon, was hij zeven jaar ouder en keek ik tegen hem op. Zijn Alzheimer werkte verpletterend op dat bankje waar we zaten.

Ad 's-Gravesande, de maker van het portret over mij, dat aanstaande vrijdag in première zal gaan op het IDFA, komt langs met een contract. Duidelijke afspraken, daar gaat het om. Na de draaidagen en zien van de eerste werkkopie ben ik behoorlijk in een gat gevallen, 75 jaar diep. Ik kan geen oordeel vellen, mis scènes die we hebben opgenomen en waarvan ik dacht dat die belangrijk waren. Anderen oordelen anders.

Was wel verrast over de filmfragmenten uit het verleden, werd me bewust van mijn drijfveren toen. Ik schrik soms van mijn eigen geheugen, dat teruggrijpt tot mijn tweede jaar. Dan komt mijn citaat uit de film Hans het leven voor de dood bovendrijven: 'Ouders, het nest, het zoeken naar je identiteit, het kiezen van je partner, van je werk van je idealen. Dingen die zich bij iedereen herhalen, en die wel of niet opgelost worden. Totdat je dood bent.'

Koeriers komen af en aan met filmmateriaal, bestemd voor de vertoning van twee van mijn films, voorafgaand aan de première van het portret. Gelukkig ook een koerier zonder filmblikken, maar met een degelijk houten kistje met uitstekende Franse flessen. Vriend, steun en toeverlaat bij mijn film Een zaak van niveau, Koemans van de Waterschapsbank heeft begrepen dat HO ook niet alles is.

In mijn Kloveniersburgwal vaart de boot van de Stadsreiniging, de 836, voorbij. Belangrijk. Zij maken de gracht schoon. Hoeveel jaren al? En hoeveel jaren al zie ik respectloze mensen de gracht en straat als een vuilnisbak gebruiken? Als ze passeren zwaaien we even naar elkaar. Vaste prik. Ik heb ze ooit uitgelegd dat ze zich op 40 cm minus NAP bewegen.

Joke komt toe aan de hoeveelheid post die intussen is bezorgd. Veel reacties op de film Hans van mensen die hem afgelopen zondag op tv hebben gezien. Hartverwarmend. Zelf zag ik er maar een paar flarden van, meer om de beeld- en geluidskwaliteit te controleren. De gedigitaliseerde versie kwam prima de buis uit, de film blijft overeind.

's Middags naar Anna Beil, editor in het bedrijf van Wim Louwrier, een oude makker, om een film in elkaar te zetten over de Indiase goeroe Meher Baba. Ik filmde Baba in 1967 in Ahmednagar voor mijn tot op heden niet afgemaakte film Er is geen vliegtuig naar Zagreb. Meher Baba was een bijzonder mens, geen op publiciteit gerichte goeroe zoals de Baghwan of Sai Baba. Hij heeft een soort synthese gevonden van christendom, islam, hindoeïsme en boeddhisme. Hij was populair in de Harvard-kringen waarin ik als guest professor verkeerde in de jaren zestig.

's Avonds naar het Tuschinski Theater voor de opening van het IDFA. Het theater heeft 1.134 zitplaatsen, uitverkocht huis. De film Fast, cheap and under control gezien, die zeer tegengestelde reacties opriep. Ik vond de film fascinerend, alhoewel mij de sequences met de robots niet up-to-date toeschenen. Met artificiële intelligentie zijn we al een stuk verder, en ik hoopte op de laatste ontwikkelingen.

Een avond vol herinneringen. Als klein kind zat ik ooit midden in de zaal met mijn moeder die, toen het Wilhelmus werd gespeeld mij als communiste de instructie gaf: “Blijf zitten.” Ik heb meer dan tweeduizend ogen in mijn nek gevoeld en schande horen roepen.

Donderdag

's Middags weer naar de Baba-montage met zijn ijzersterke tekst: “I Iove you more than you can ever love yourself.” Ik probeer te telefoneren met mijn Amerikaanse uitgever van de tape, maar kom in een callcenter terecht met eindeloze verwijzingen naar knoppen die moeten worden ingedrukt. Ik haat deze contactgestoorde communicatie en hang meteen weer op. Een van de leveranciers van callsystemen in Nederland behoort tot mijn beste vrienden en ik heb hem al gewaarschuwd dat ik alle enquêteurs en telefonische verkopers doorverwijs naar zijn privénummer.

's Avonds een redactievergadering voor het boek van de Nederlandse ingenieurs in Japan met de vier auteurs en eindredacteur Ton van Luin. Een boek maken is net als een film maken, er zijn handelende personen met eigen inhoudslijnen.

Om half negen naar de buurtvergadering van de Bewonersraad Nieuwmarkt om de vergadering een toelichting te geven op de notulen van ons gesprek met Testa, directeur van het GVB te Amsterdam. Met Jan Sierhuis en Bert Griepink hebben we eind jaren zeventig de kunstwerken in het metrostation Nieuwmarkt gerealiseerd. De fotopanelen zien er nu verschrikkelijk uit, onder de graffiti, en vragen om volledige restauratie. En dan te bedenken dat dit station zowel op de Nederlandse televisie als de Duitse uitvoerige aandacht heeft gehad als voorbeeldstation.

Ontroerd neem ik een verjaardagsapplaus in ontvangst van een volle zaal en bewonder weer de ernst van de buurtbewoners, die hun lokale problemen opgelost willen zien. Een unieke zaak, de Nieuwmarkt in Amsterdam.

En dan weer omschakelen. De vergadering met de auteurs loopt op zijn eind. Ik kom net op tijd om met de conclusies en de voortgang in te stemmen, ben dan weer terug in de vorige eeuw in Japan. Wat is het toch, vraag ik me af, dat ik zoveel bijzondere mensen om me heen heb?

Vrijdag

's Middags verder met de montage. Om half vijf weer weg, een net pak aan, en naar het Filmmuseum voor de première van het portret. Snel een glas en een oester met Ally Derks, directeur IDFA, Ad 's-Gravesande, mijn dochter Mardou en Joke. Henk Hofland sluit zich aan, want hij houdt een korte toespraak na Ally. De avond opent met de trailer van mijn film Stranding, daarna Do you get it? en Railplan '68. De laatste film is uit 1956, en je kijkt werkelijk naar een wereld die ver achter ons ligt.

Naar mijn filmportret op een groot doek kan ik nu rustig kijken. Ad en editor Wim Louwrier kunnen rustig gaan slapen en hoeven zich voor de NPS niet te generen. Maar: ik ben niet de maker, ik ben object. Misschien heb ik daar wel de meeste moeite mee. Ik blijf zitten met de rest van mijn 75-jarig bestaan, die ik wel voor de camera heb uiteengezet, maar slechts gedeeltelijk in het portret terugvind. Een 'slachtoffer'-rol die Joke en ik maar al te goed kennen na interviews voor onze films. Want we weten dat mensen zich bloot geven, er maar een deel van wordt gebruikt, en waar blijft de rest?

Zaterdag

Ik besluit de kledingkast af te schilderen, die ik heb gemaakt voor Joke, een karwei dat ik bewust aanpak, omdat deze gehele operatie van het filmportret mij nogal emotioneel bezighoudt en ik het gewoon in arbeidstherapie moet gaan zoeken. Piet Vroon zegt altijd tegen me: je moet je opkomende depressies op straat hard 'weg' lopen, maar dat lukt me sinds mijn nekoperatie niet meer. Bij het gronden en plamuren steken Baba, God en de Japanse ingenieurs tussen de kreupele stijlen van mijn huis uit de VOC-tijd toch nog regelmatig hun kop op.

Zondag

Interview voor het kerstnummer van de beroepsvereniging NBF door Jan van Sandwijk en Frits Oostvogel. Ik ben erelid van die club, en buitendien nog eens 75. Het gaat over de nestors en na Bert Haanstra ben ik nu langzamerhand de oudste. Feit is inderdaad dat het ouder worden me steeds meer doet verkleden in passend zwart. Bij de begrafenis van Sicco Mansholt, merkte Hans van Mierlo op: “Louis, Je ziet eruit als een bankdirecteur.” Maar ik verdom het om in een spijkerbroek en een coltrui vrienden uitgeleide te doen.

Maandag

Na de Sony-Award in 1990 voor mijn film Een zaak van niveau, een bezoek aan Japan en de 'ontdekking' van de Nederlandse ingenieurs, heb ik met Willem van Gulik de stichting Vier Eeuwen Nederlands-Japanse betrekkingen opgericht. Na vier jaar research zitten dus nu onze auteurs bij elkaar en hebben we in die tussentijd een boek over Von Siebold gepubliceerd, waar we verbazend trots op zijn. Drieduizend stuks zijn de deur uit en ik pak er zeventig in met bestemming Japan.

Tussen de middag even een half uur plat, een douche en fris klaarstaan voor Hans Beerekamp voor het IDFA-gesprek, uit te zenden op AT5. Ik had graag The hunt willen zien en Ofrenda di primavera, want ik heb grote achting voor de makers - ze doen hun research en daar gaat het om - maar moet er later tijd voor zoeken in bioscoop of bij de VHS-recorder.

Met Beerekamp besluiten we het over het fenomeen 'festival' te praten. Waardoor worden de organisatoren gedreven om producten van iemand anders te laten zien? Ik kan erover meepraten, omdat ikzelf begin jaren vijftig mede de Amsterdamsche Filmliga heb gerund. Natuurlijk, overdracht van informatie. Mijn moeder schreef mij ooit een briefkaart vanuit Alicante hoe de ijzeren handleuning aanvoelde terwijl ze de trappen afliep naar de haven. Mijn vader confronteerde me met de klassieke literatuur, uitgekristalliseerde menselijke drama's en daardoor houvasten.

Thuis nodigt Joke de buren uit om mee te kijken naar de uitzending van het portret in Het Uur van de Wolf. Na dit jaar bijna drie maanden aan één stuk te hebben gereisd, hebben we ervaren wat voor geweldige buren we hebben! Kippen, planten, post, het kwam allemaal in orde. Na afloop veel telefoons, ook van mensen die ik jaren niet heb gesproken. Sommigen melden me na dit openhartige portret beter te begrijpen.

Dinsdag

Joke zorgt ervoor dat we om half een in het Filmmuseum zijn. Joke in de projectiecabine om Do you get it nr 3 te laten stoppen op het juiste moment en ik in de zaal om de bezoekers te vragen: “Wat hebben jullie nu eigenlijk gezien?” Honderd kijkers zien honderd verschillende films, want het zijn honderd verschillende mensen.

In Japan staat de directeur van Yamaichi te huilen, net zoals destijds een Amerikaanse tv-dominee (Bakker?). In AVRO Radiocafé dus 's avonds een programma over Japan, waarbij Joke Meerman als secretaris van de stichting Vier Eeuwen Nederlands-Japanse Betrekkingen de culturele aspecten toelicht. Dat deed ze 'luid en duidelijk', zoals mijn dochter op het antwoordapparaat meldde.

Woensdag, 3 december

De wekelijkse fax van Leo Groosman komt binnen met zijn column in Eindhovens Dagblad. Belangrijk houvast. En de Volkskrant meldt dat het verwachte spektakel over Van Gasteren is uitgebleven.

Om 10.00 uur in de montage op de Avid voor Beyond words, de Baba-film. Muziek aangelegd, slowmotions gemaakt, freeze frames, teksten in dubbeldruk, alles elektronisch. Het gaat razendsnel en ik mis mijn montagetafel. Ik durf te stellen dat de televisievraag in relatie tot elektronische snelheid de kwaliteit tekort moet doen. De tijd heeft een andere begripsinhoud gekregen in het arbeidsproces. Naast mijn andere activiteiten ben ik een filmmaker, zelfs bedenker van het woord, want het begrip 'cineast' of 'filmer' was me ambachtelijk te onnauwkeurig.

Thuis om vier uur ben ik koud en doodmoe, besluit niet naar een receptie te gaan en voel me niet in staat voor het slotfeest van het IDFA. Ga gewoon naar bed om een uur te slapen. Om vijf uur zit ik met een glas wijn, bel met Amerika dat Beyond words 'ge-onlined' wordt en onze tekst voor het begeleidende boek bijna klaar is. Daarin is opgenomen hoe de wegen zijn gegaan van het drietal dat ooit lens in oog stond met Meher Baba, 30 jaar geleden.

Jan de Bont maakt Twister, Speed en de rest, Peter Brugman behoorlijke documentaires en Van Gasteren schrijft een dagboek.