Ruwe renovatie; In Oezbekistan is te veel te snel gerestaureerd

In de eerste zes jaar van zijn bestaan heeft de republiek Oezbekistan een metamorfose ondergaan. Honderden monumenten zijn in korte tijd opgeknapt, minaretten zijn als paddestoelen uit de grond geschoten. Maar het is allemaal wat snel gegaan.

'JE HAD HIER een jaar geleden moeten komen, toen stond er nog niets.' Trots wijst een Oezbeekse gids op een minaret waar de laatste felblauwe tegel kortgeleden tegen het beton is geplakt. De restauratie van de medresse (religieuze school) en moskee van Kalon in Boechara is precies op tijd klaar. De festiviteiten ter gelegenheid van '2500 jaar Zijderoute', die duizenden toeristen trekken, zijn inmiddels begonnen.

Toen Oezbekistan, gelegen in het zuiden van de voormalige Sovjet-Unie, ruwweg ten zuidoosten van het Aralmeer, in 1991 onafhankelijk werd, was een van de eerste beslissingen van de nieuwe regering het grondig aanpakken van het historische erfgoed van het land. “Wat onze voorvaderen hebben aangelegd is te lang verwaarloosd. Het wordt tijd dat we weer beseffen wat het is om Oezbeek te zijn.” Met deze woorden gaf Islam Karimov, de president van de nieuwbakken republiek het startsein voor een grote restauratiecampagne. Binnen tien jaar moesten honderden moskeeën, medresse's, mausolea en seculiere bouwwerken worden hersteld. Van sommige was door verwaarlozing niet meer dan een ruïne over. Twee streefdata werden vastgelegd. De eerste fase van herstel liep tot 1996. In dat jaar werd herdacht dat 660 jaar eerder Timoer Leng, de Oezbeekse vorst die een wereldrijk stichtte, werd geboren. Vooral in Samarkand, dat door Timoer Leng tot hoofdstad van zijn rijk werd uitgeroepen bevindt zich nog een aantal monumenten uit die tijd. De bekendste daarvan zijn de moskeeën en medresse's die samen het zogeheten Registan vormen. De renovatie van dit complex in het hart van de stad was begin 1996 inderdaad vrijwel klaar. Ook andere door Timoer Leng gebouwde of aan hem toegeschreven monumenten in Samarkand werden tussen 1991 en 1996 hersteld. De tweede fase van herstel, die zich vooral op de monumenten van Boechara en omgeving concentreerde, is zojuist afgesloten, net op tijd voor de één jaar durende manifestatie die is gewijd aan de geschiedenis van de Zijderoute. Deze karavaanweg waarlangs in de Middeleeuwen het contact tussen Europa en Azië werd onderhouden, liep voor een groot deel door wat nu Oezbekistan heet. De steden Boechara, Samarkand, Khiva en in mindere mate Tasjkent lagen langs deze route.

De renovatie blijkt nu echter het slachtoffer te zijn geworden van haar eigen voortvarendheid. “Toen al die te restaureren projecten in 1991 werden aangekondigd, hielden wij ons hart vast. Nu de resultaten zichtbaar worden blijkt het allemaal nog erger dan we hadden gevreesd”, zegt Michael Lane die namens de Unesco in Tasjkent is gevestigd. Hij kan een eindeloze lijst opsommen met wat er allemaal mis is gegaan, maar zijn deskundig commentaar is eigenlijk nauwelijks nodig. Iedereen die een tochtje maakt langs de herstelde monumenten kan het met eigen ogen zien. In vrijwel elke moskee of medresse zijn plekken zichtbaar die erop duiden dat er met grote haast is gewerkt. Pas vernieuwde mozaïeken vertonen nu al gaten. Her en der zijn de reliëfs een jaar na de Timoer Leng-herdenking van de muur gevallen. Overal slingeren de elektriciteits- en waterleidingen over de gerestaureerde wanden heen. Pas herstelde koepels vertonen grote scheuren en vrijwel overal bladdert de verf. “We hebben het te snel en te slordig aangepakt”, aldus een bouwvakker die aan het herstel van het Registan heeft meegewerkt. “We hadden niet genoeg ervaren bouwvakkers. Iedereen die wilde kon hier komen werken.”

MODERNE MATERIALEN

Erger nog dan al de kosmische gebreken zijn de fundamentele fouten die bij de haastig uitgevoerde opknapbeurt zijn gemaakt. De belangrijkste is dat de restauratie-ijver veel te ver is doorgeschoten. Zo zijn hele delen van de beroemde Bibi Khanum-moskee in Samarkand, die reeds lang geleden waren gesloopt, met moderne materialen herbouwd, zonder dat aan die nieuwbouw een vooronderzoek is voorafgegaan. Het resultaat is een hybride bouwwerk waaraan niet te zien is wat origineel is en wat niet. In andere moskeeën in Samarkand en omgeving zijn vergelijkbare dingen gebeurd. Sommige hebben nu meer minaretten dan ze ooit bezaten, in andere zijn op willekeurige plekken toegangspoorten en uitgangen aangebracht en zijn muren opgemetseld tot wat men dacht dat de oorspronkelijke hoogte was. In Samarkand is niet gerestaureerd, er is vooral herbouwd. Men wilde nieuwe monumenten creëren, alsof men de bouwprestaties van Timoer Leng wilde overtreffen. Ahmed Saldov, een van de weinige gekwalificeerde architecten die bij het herstelwerk van de moskee van Bibi Khanum was betrokken, steekt de hand gedeeltelijk in eigen boezem. “Onderzoek vooraf had duidelijk gemaakt dat de funderingen van de meeste monumenten uit de tijd van Timoer Leng erg slecht waren. Als daar dan een nieuw, veel zwaarder gebouw bovenop wordt gezet, kom je in problemen.” Nu, die zí er. Het Registan begint al te verzakken, andere moskeeën moeten gestut worden.

AARDSCHOKKEN

Bij de renovatie is evenmin rekening gehouden met de gevolgen van eventuele aardschokken. Oezbekistan ligt in een zeer aardbevingsgevoelig gebied en het is de vraag of de nieuwe gebouwen een flinke aardschok kunnen verwerken. Ook de problemen van het grondwater in Oezbekistan zijn niet aangepakt. Het grondwaterpeil is onder invloed van de enorme irrigatiewerken sterk gestegen en veel fundamenten van oude gebouwen zijn daardoor al ernstig aangetast. Bovendien is er bij het herstel vaak met zeer poreus zandsteen gewerkt. Vochtplekken tot op een hoogte van drie, vier meter zijn dan ook geen uitzondering. Het optrekkende grondwater heeft ook een ander probleem opgeleverd. Het zout dat er in zit kristalliseert aan de oppervlakte van de steen en tast daar reliëfs, glazuur en schilderingen aan. Ook Ahmed Saldov heeft tot zijn ontzetting al geconstateerd dat op sommige plekken de laatste originele geglazuurde tegels door zoutkristallen onherstelbaar zijn beschadigd.

De toeristen die naar Oezbekistan zijn gereisd ter viering van 2500 jaar Zijderoute zullen op die route veel mooie gebouwen aantreffen, maar er heerst twijfel of die er over enige tijd nog zullen staan. “We hebben”, zegt een van de bouwvakkers in Boechara, “in elk geval voorlopig genoeg werk. Wat we net hebben gedaan, moeten we over tien jaar opnieuw doen.”

    • Joost Vermeulen