Minder koopanimo bij meer zeggenschap

De belangstelling om te kopen bij huurders van een woning daalt wanneer de huurders meer zeggenschap over hun woning krijgen. Dat blijkt uit de resultaten van het landelijk huurderspanel van de Nederlandse Woonbond, een belangenorganisatie waarbij 400.000 huurders zijn aangesloten onder 1000 huurders.

Een aanvullende enquete op het landelijke panel werd gehouden in een tiental wijken in Dordrecht, Rotterdam en Winterswijk, waar de verkoop van huurwoningen op dit moment actueel is. Onder de ondervraagden van het landelijk panel heeft 20 procent belangstelling om te willen kopen.

Uit het aanvullende onderzoek op wijkniveau blijkt dat daar de belangstelling 40 procent is. Het verschil is te verklaren door hogere inkomens en lagere leeftijden onder de ondervraagden in de wijkonderzoeken.

Er worden twee hoofdmotieven genoemd om te kopen: financiële redenen en de zeggenschap over de woning: het zelf kunnen klussen.

Tweederde van de huurders geeft aan meer zegenschap over de woning een belangrijke afweging te vinden bij de vraag of eventueel moet worden overgegaan tot kopen.

Tachtig procent van de huurders wil meer zeggenschap over de woning. Naarmate verhuurders deze meer bieden, wordt de belangstelling om te kopen kleiner.

Een huur van meer dan 1000 gulden per maand is voor ruim tachtig procent van de huurders niet aanvaardbaar. De ondervraagde huurders vinden een huurverhoging van 5 tot 5 procent een absolute grens, waarboven men niet meer wil huren. De belangstelling om te kopen stopt bij een rentepercentage van acht.