Het is de schuld van de regering

Bondskanselier Helmut Kohl vindt Duitsland een recreatiepark: studenten studeren het langst; werknemers werken het kortst in Europa, verdienen het hoogste loon en hebben de meeste vakanties. De Duitsers willen dat graag zo houden, maar dat wordt hun niet gegund. Terwijl de economie aantrekt blijft herstel van de arbeidsmarkt uit. Met ruim 4,5 miljoen heeft de werkloosheid in de Bondsrepubliek een naoorlogs record bereikt. Hoe moet Duitsland worden vlotgetrokken? Twee vraaggesprekken.

Voor de Duitse werknemers: Ursula Engelen-Kefer

Er moet een nieuwe wind gaan waaien door het land. Voor vakbondsleidster Ursula Engelen-Kefer van de invloedrijke Duitse DGB (Deutscher Gewerkschaftsbund) is één ding duidelijk: “De politiek is aan verandering toe”, zegt ze. Engelen-Kefer is vice-voorzitter van de DGB, de vakcentrale die vergelijkbaar is met de Nederlandse FNV.

Net als elders in Europa lopen bij de DGB de leden weg. Langzaamaan wordt daarom nagedacht over een andere koers.

Nog maar een jaar geleden werd schoorvoetend afstand genomen van de marxistische uitgangspunten. In het beginselprogramma staat nu dat de sociale markteconomie het meest geschikt is om de doelen van de vakbeweging te verwezenlijken.

Engelen-Kefer, de vice-voorzitter, is een hardliner. De vrije markt past niet bij haar. Zij is de verpersoonlijking van de verworven rechten: Besitzstandsdenken, heet dat in Duitsland. Volgens haar is de huidige crisis in Duitsland hausgemacht en door het kabinet-Kohl veroorzaakt.

Engelen-Kefer (54): “Alleen een ander politiek beleid kan de situatie verbeteren.” Haar eigen voorkeur is duidelijk. Die ligt bij de sociaal-democratie.

Engelen-Kefer is ruim twintig jaar werkzaam in de vakbeweging en in de politiek. Ze is lid van de oppositionele SPD, zit sinds 1986 in het partijbestuur. Ook volgend jaar is ze weer actief in de verkiezingscampagne. Uit hoofde van haar functie zit zij eveneens in het bestuur van de Landelijke Organisatie van Arbeidsbureaus (Bundesanstalt für Arbeit).

Engelen-Kefer - grof gezicht, zwaar geblondeerd haar - heeft weinig vertrouwen in het kabinet van bondskanselier Kohl. “Deze regering is uitsluitend gericht op de belangen van grote banken en grote concerns”, vindt ze. “De werknemers lijden, ook de kleinere en middelgrote bedrijven hebben het moeilijk.”

Juist deze sector moet volgens haar worden versterkt, omdat in het midden- en kleinbedrijf de meeste banen kunnen worden geschapen. Grote industrieën leveren vrijwel geen werkgelegenheid meer op.

Ze heeft de wereld verdeeld in good guys en bad guys. Engelen-Kefer is een orthodoxe slogan-socialist. Zij gaat uit van oude recepten: Keynes, versterking van de koopkracht als panacee voor alle kwalen. “Een onderneming als Siemens schept in Duitsland nauwelijks meer werk. Er worden enorme winsten gemaakt, maar het werk verdwijnt naar het buitenland, waar Siemens volop banen schept.”

De globalisering wordt in Duitsland afgeschilderd als een 'monster' dat buiten de deur moet worden gehouden.

“We moeten ophouden met klagen. Globalisering kan ook kansen bieden. We hebben er onze hoge levensstandaard aan te danken.”

De levensstandaard is zó hoog, dat Duitsland zich uit de markt prijst. De werkloosheid dreigt tot vijf miljoen op te lopen; buitenlandse investeerders laten het land links liggen.

“De grote fout ligt in het beleid van de huidige regering. Er is sprake van dilettantisme, dat naar het gevaarlijke dreigt af te glijden.”

Nieuwe banen worden door bedrijven geschapen, niet door de politiek.

“Deze regering investeert niet. De publieke investeringen lopen met tien procent per jaar terug, terwijl de overheidsinvesteringen tien procent zouden moeten stijgen.

“De coalitie heeft geen compromis willen sluiten over de grote belastinghervorming, omdat ze vasthoudt aan lagere lasten voor de hoge inkomens. De hogere inkomens moeten juist zwaarder worden belast. Net als degenen die winst maken op de beurs.”

De OESO, de Organisatie van industrielanden, beweert in haar jongste rapport dat 80 procent van de Duitse werkloosheid wordt veroorzaakt door een verstarde arbeidsmarkt. Te strenge arbeidswetten, te hoge lonen, te weinig flexibele werktijden, rigide CAO's.

“Een jaar geleden heeft de vakbeweging in gesprekken met werkgevers bij de bondskanselier een Bündnis für Arbeit, een werkgelegenheidspact, aangeboden. Dat is door de regering afgewezen. Vervolgens stelde de overheid een pakket maatregelen voor die het tegenovergestelde behelsden van wat was afgesproken. Het arbeidsrecht is ingrijpend afgebroken, de ontslagbescherming werd losgelaten. Het ziekengeld is teruggebracht van honderd naar tachtig procent. Voor de vakbeweging was dat een affront.

“Er is in het verleden maandenlang gestaakt om een volledige doorbetaling bij ziekte te garanderen. Dat kan niet zomaar ongedaan worden gemaakt. Met de ziektecijfers is niets aan de hand. Dat het cijfer nu terugloopt heeft niets met de korting van de ziekte-uitkering te maken, maar met angst voor werkloosheid.”

Waarom lukt het de Denen, Nieuw-Zeelanders en Nederlanders wel nieuwe banen te scheppen en de Duitsers amper?

“Al die landen zijn erin geslaagd gemeen- schappelijke maatregelen te nemen, waarop werkgevers, vakbonden en overheid zich konden verenigen.

“Dat is in Duitsland niet gelukt. Er kunnen niet van één partij offers worden verlangd. De vakbonden willen praten over arbeidstijdverkorting, nieuwe modellen voor flexibelere werktijden en loonmatiging. We hebben niets teruggekregen. De winsten in de grote bedrijven zijn gestegen, er verdwijnen steeds meer arbeidsplaatsen. Toen de regering vorig jaar het ontslagrecht en de ziektewet verscherpte, was de consensus gebroken.”

Partijleider Oskar Lafontaine van de SPD en IG-Metall-voorzitter Klaus Zwickel achten de tijd rijp voor nieuwe looneisen. Ze hebben het 'einde van de bescheidenheid' afgekondigd. Hoezo bescheidenheid, na slechts een jaar loonmatiging?

“Door de stijgende lastendruk is de koopkracht aangetast. De reële inkomens zijn gedaald. De bonden hebben hun bijdrage geleverd en gematigde loonstijgingen geaccepteerd. In de chemie is het gelukt om in ruil voor matiging, banen te behouden; in de metaalbranche niet.

“Dat was niet onze fout, maar van de werkgevers. Nu onderhandelen de ambtenaren over een nieuwe CAO. Als we ook daar geen garantie krijgen voor nieuwe werkgelegenheid, kunnen wij van werknemers toch niet steeds vragen hun lonen te blijven matigen?”

Er kunnen toch ook nieuwe banen bijkomen tegen lagere lonen? De salarissen in Duitsland zijn een kwart hoger dan in Nederland. Is dit thema onbespreekbaar?

“Er kunnen banen bijkomen als de enorme hoeveelheid overuren wordt ingekrompen. Dat kan snel gebeuren. We kunnen werk ook goedkoper maken door een deel van de sociale uitkeringen via de belastingopbrengsten te financieren. Het gaat om een bedrag van 30 miljard mark. Het kabinet kan deeltijdwerk wettelijk ondersteunen.

“Dit zijn betere manieren om de werkloosheid te bestrijden. En wat doet Bonn? Er wordt gesnoeid op werklozenprojecten, zodat de werkloosheid dit jaar opnieuw met 250.000 is gestegen.

“Wij willen het systeem niet kapot maken. We willen geen planeconomie. Ook wij geloven in de vrije markt. Maar de fout ligt bij de politiek, bij de kortzichtige politiek van het kabinet-Kohl.”