Studiehuis

In het redactionele commentaar op het Kamerdebat over de onderwijsbegroting ('Kenniseconomie', 17 november) worden zes zinnen aan het Studiehuis gewijd. Deze zes zinnen worden ontsierd door vijf misverstanden. Hieronder een reactie.

Misverstand 1: de leerlingen moeten leren zelfstandiger te werken omdat universiteit en hogeschool dat nu eenmaal vragen. Waarom zouden universiteit en hogeschool dat 'nu eenmaal vragen'? Omdat zij - in tegenstelling tot het VO - wél weten dat zelfstandigheid hard nodig is in het beroepenveld, dat vraagt om kritisch en flexibel denkende probleemoplossers. Het is dus niet de schuld van het hoger onderwijs dat de leerlingen zelfstandiger moeten worden, maar van de grote boze wereld daarbuiten.

Misverstand 2: de leraar wordt een soort studiebegeleider en kan zijn mooie verhalen niet meer kwijt aan de leerlingen. De bedoeling van het Studiehuis is niet dat de leraar alleen maar begeleider wordt van leerprocessen, maar dat hij/zij behalve kennisoverdrager-met-mooie-verhalen óók begeleider-van-leerprocessen wordt.

Kennisoverdracht en leerprocesbegeleiding gaan hand in hand. Passieve leerlingen zijn ook actieve leerstofverwerkers en leerlingen met andere leer- en motivatiestijlen worden eindelijk ook bediend. De docent die zijn didactisch repertoire niet in die richting wil uitbreiden, kan gewoon doorgaan met 's avonds, uitgeput van het vele praten, op de bank te liggen. Het is namelijk mogelijk om in het Studiehuisrooster het onderwijs te verkavelen tussen kennisoverdragers en leerprocesbegeleiders.

Misverstand 3: de leraar wordt een soort studiebegeleider die geen tijd meer heeft voor de overdracht van (kennis en) sociale vaardigheden. Sociale vaardigheden zijn niet overdraagbaar. Sociale vaardigheden leer je niet door passief luisteren. Wel door samen te werken met medeleerlingen, te onderhandelen en te argumenteren, terwijl de leraar oog houdt op dat leerproces.

Misverstand 4: Alleen leerlingen die zich thuis voelen in hetMontessori-onderwijs kunnen de aanpak van het Studiehuis aan. Dit misverstand bestaat in de gedachte dat je het Studiehuis alleen aankunt als je al zelfstandig bént. Maar de bedoeling van het Studiehuis is nu juist dat we onze leerlingen zelfstandigheid léren. Als Duits en natuurkunde leerbaar zijn, waarom zijn leervaardigheden dat dan niet? Dat veel leraren nog niet weten hoe je leervaardigheden moet aanleren, wil niet zeggen dat ze niet aan te leren zijn.

Misverstand 5: niet alle leraren hebben aardigheid in een dergelijke vorm van lesgeven. Hóeft ook niet: zie nummer 2 hierboven. En verder: het jammerlijke feit doet zich voor dat veel te veel leraren ook geen aardigheid hebben in hun huidige manier van lesgeven. Zij hebben er echter geen oplossing voor, omdat ze alleen deze manier van lesgeven kennen.

Het Studiehuis is een concept dat nog steeds gebukt gaat onder een zware last van hardnekkige misverstanden. Gelukkig zit er wel schot in, want twee jaar geleden werd nog gedacht dat het Studiehuis een verbouwde school wasmet raar geplaatst meubilair.