Stedelijk gaat zelf Cathedra restaureren

AMSTERDAM, 27 NOV. Het Stedelijk Museum in Amsterdam laat het vernielde schilderij Cathedra van Barnett Newman herstellen door twee restaurateurs uit eigen huis. Zij zullen pas over enkele maanden aan de slag kunnen, omdat er eerst technisch onderzoek zal worden gedaan door het Instituut Collectie Nederland (ICN). Het ICN, waarin het Centraal Laboratorium voor onderzoek van voorwerpen van kunst en wetenschap is opgegaan, onderzoekt onder andere welke verfsoorten en wat voor linnen Newman heeft gebruikt en welke restauratiematerialen moeten worden toegepast.

Een 44-jarige bezoeker, die elf jaar geleden ook Newmans Who's Afraid Of Red, Yellow And Blue III aan flarden sneed, vernielde het kunstwerk vrijdag met een stanleymes. Hij zette daarbij zo veel kracht dat er krassen staan op de wand waar het schilderij hing.

Niet bekend

Ook wordt nog gezocht naar een geschikte ruimte voor de behandeling van het 240 bij 543,5 centimeter metende doek. De beschadiging blijft waarschijnlijk altijd enigszins zichtbaar.

Het Stedelijk besteedde de restauratie van Who's Afraid Of Red, Yellow And Blue III destijds uit aan de Amerikaan Daniel Goldreyer. Kort nadat hij het doek weer bij het museum had afgeleverd, bleek dat Goldreyer de voorkant van het schilderij had overgeschilderd met een niet te verwijderen acrylverf. De commotie die hierop ontstond leidde ertoe dat de gemeente Amsterdam de regels voor restauratie van kunstwerken aanscherpte. Grote en ingrijpende herstelwerkzaamheden moeten aan de stad worden gemeld, zodat deskundigen een oogje in het zeil kunnen houden. Hoofdrestaurateur Elisabeth Bracht zat destijds in de commissie die de restauratie door Goldreyer begeleidde en had al in een vroeg stadium haar twijfels aan diens werkwijze geuit.

De schade aan Cathedra lijkt beter te repareren dan die aan Who's afraid. De dader gebruikte vorige week een scherper stanleymes, waardoor het linnen minder gerafeld is.