Opening IDFA gedomineerd door dieren

AMSTERDAM, 27 NOV. “Nederig”, zo noemde Ally Derks, directrice en mede-oprichtster van het International Documentary Festival Amsterdam (IDFA), gisteren het eerste festival van tien jaar geleden. Maar zo kan het IDFA allang niet meer worden genoemd. Trok het eerste IDFA nog 2500 bezoekers, inmiddels is het festival uitgegroeid tot het grootste in zijn genre, en worden er niet minder dan 50.000 toeschouwers verwacht.

De opening werd gisteravond in Tuschinski verricht door minister Pronk van Ontwikkelingssamenwerking, die een lans brak voor de verbetering van de situatie van filmmakers in Derde-Wereldlanden. Bovenal was de avond echter een eerbetoon aan twee Nederlandse documentairemakers die eerder dit jaar overleden: Jan Vrijman, een van de oprichters van het IDFA, en Bert Haanstra. In haar openingsspeech maakte Ally Derks de oprichting bekend van het Jan Vrijman Fonds, dat in de nabije toekomst documentairemakers uit ontwikkelingslanden financieel gaat ondersteunen. Derks roemde Vrijman om zijn onvoorwaardelijke steun en zijn onconventionele en kritische kijk op de documentairekunst. Speciaal voor de opening compileerden Ot Louw en Obbe Verwer een aantal interviews met Vrijman tot een filmische hommage.

Haanstra, die nog geen maand geleden overleed, werd herdacht met de vertoning van Zoo, zijn geestige film uit 1961, waarin bezoekers van de Amsterdamse dierentuin Artis worden betrapt op hun gelijkenis met dieren.

In de maanden voorafgaand aan het IDFA organiseert het Stimuleringsfonds Nederlandse Culturele Omroepproducties ieder jaar een workshop voor jonge scenarioschrijvers. Rein Hazewinkel won gisteren de aan de workshop verbonden realiseringsprijs van 275.000 gulden voor Jannes, de Film, over de overleden dammer Jannes van der Wal.

Het jaarlijkse competitieprogramma om de Joris Ivens Award (25.000 gulden) ging gisteren van start met Fast, Cheap and Out of Control van de Amerikaanse regisseur Errol Morris. De film leek vooral te zijn uitverkoren het festival te openen omdat hij zo mooi aansloot bij Haanstra's Zoo. De vier mannen die in Fast, Cheap and Out of Control aan het woord komen, hebben allen een vak dat de verhouding tussen mens en dier bloot legt. Een man die heggen knipt in de vorm van een olifant, een dierenrobot-ontwerper, een zoöloog en een leeuwentemmer hebben hun beroep gemaakt van de ogenschijnlijke controle van mens over dier. De betrekkelijkheid daarvan wordt echter langzaam duidelijk: de mens wil zichzelf herkennen in het dier, misschien zelfs liever een dier zí.

Morris' film-essay over het menselijk tekort was niet de sterkste openingsfilm van de afgelopen tien jaar. De keuze van Ally Derks geeft bijna traditioneel aanleiding tot discussies over documentaire-ethiek. Misschien lag het aan de woorden van Jan Vrijman, eerder op de avond aangehaald, dat zo'n debat dit jaar uitbleef: 'Die hele discussie van wat je met een documentaire mag doen - wat een documentaire is, mag je daarin manipuleren, mag je daarin ensceneren, - ik vind die hele discussie eigenlijk onzin'.